Uitgebreide samenvatting van het vak staatsrecht, door deze samenvatting heb ik een 8.5 gehaald. Behelst de belangrijke onderwerpen van het staatsrecht zoals: Het Statuut, verdragen, decentralisatie, parlementaire stelsels, wetgeving, grondrechten, rechtspraak etc. Bevat ook alle relevante wetsarti...
Not everything in the book is included..
By: tiemenjongsma • 2 year ago
Translated by Google
Hey, if you were careful, it was indicated that not everything has been processed. To be precise, chapter 7 is missing.
By: bxente • 2 year ago
By: tiemenjongsma • 2 year ago
Translated by Google
Hey bxente, thanks for your review! What makes it not a full 5 stars for you?
By: shaniquehoutepen • 3 year ago
Seller
Follow
tiemenjongsma
Reviews received
Content preview
Samenvatting Staatsrecht
HBO-Rechten
STAATSRECHT BEGREPEN A.W. Heringa
Boomjuridisch
,Let op! Deze samenvatting heeft een andere volgorde als het boek en is
gebaseerd op de volgorde die ons is voorgeschreven.
Voorkomende afkortingen:
GW=Grondwet
SG=Staten-Generaal
TK=Tweede Kamer
EK=Eerste Kamer
RvO=Reglement van orde
PS=Provinciale Staten
GS=Gedeputeerde Staten
CvK=Commissaris van de Koning
STAS=Staatssecretaris
KB=Koninklijk besluit
AMvB= Algemene maatregel van bestuur
Avv=algemeen verbindend voorschrift
BES-eilanden= Bonaire, Sint-Eustatius en Saba
ACS-eilanden= Aruba, Curaçao en Sint Maarten
Ministerie van BZK= Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Ministerie van EZK= Economische Zaken en Klimaat
, ● Algemeen staatsrecht, het Statuut en verdragen
Constitutie: basisregels van de staat
Een staat heeft de volgende kenmerken:
- Er is sprake van een organisatie;
- Die betrekking heeft op een bepaald grondgebied;
- Machtsmiddelen in bezit zoals het geweldsmonopolie;
- Soevereiniteit, in de vorm dat de staat intern zelfstandig besluiten kan
nemen;
- Een kenmerk maar geen vereiste, een bevolking met dezelfde taal,
uiterlijke kenmerken, geschiedenis en cultuur.
In onze les werden de volgende vier genoemd: Territoir, Gezag,
Geweldsmonopolie en Soevereiniteit.
Daarnaast moet er vanuit internationaal perspectief ook sprake zijn van
een erkenning door andere staten.
De Nederlandse staat heeft rechtspersoonlijkheid (art. 2:1 lid 1 BW).
De kenmerken van een rechtsstaat:
- Legaliteitsbeginsel: Het ingrijpen door de staat moet terug te voeren
zijn op wetgeving/de grondwet.
- Machtenscheiding: Niet alle macht is geconcentreerd bij één orgaan of
persoon. Scheiding tussen de volgende drie: Wetgevende (regering/SG),
uitvoerende (regering) en rechtsprekende (rechtbanken, hoven en de
hoge raad).
- Waarborgen grondrechten: De staat bemoeit zich niet met de klassieke
grondrechten van de burgers en maakt zich sterk voor de sociale
grondrechten van de burgers.
- Onafhankelijke rechterlijke macht: Een onafhankelijke rechter kan
beslissingen nemen over een geschil tussen een burger en de overheid.
(- Beginsel van democratie: Burgers hebben het recht om hun
volksvertegenwoordigers te kiezen in de vorm van (regelmatige)
verkiezingen) Kan als vijfde genoemd worden maar verschillen de
meningen over.
, Interne soevereiniteit: Het hoogste gezag binnen de staat.
Externe soevereiniteit: Bescherming tegen externe (van buitenaf)
inmenging.
Directe democratie: Volk neemt de besluiten (referendum).
Indirecte democratie: Volk kiest volksvertegenwoordigers (meest
voorkomende vorm, ook in Nederland).
-Combi is ook mogelijk, dus indirect maar dan af en toe een referendum
Referendum: Een stemming door kiezers over een specifiek vraagstuk.
Kan zowel bindend/decisief als raadplegen/consultatief zijn. Toen in
Nederland een referendum nog bestond was dit een raadgevend
correctief wetgevingsreferendum. Er kon namelijk alleen een referendum
worden aangevraagd over een door de Staten-Generaal aangenomen
wet.
Politieke partijen hebben de volgende twee rollen:
- Rekuteringsfunctie
- Formuleren van politieke en beleidswensen
Parlementair stelsel: In een parlementair stelsel vinden verkiezingen
plaats voor een parlement. Op grond van de uitslag van de verkiezingen
moet een regering worden gevormd. Daarvoor is een meerderheid van
de zetels in het parlement nodig. Soms heeft één partij de meerderheid,
soms moeten verschillende partijen samenwerken om een meerderheid
te vormen. In een parlementair stelsel moet de regering dus het
vertrouwen hebben van de meerderheid van het parlement. Die
meerderheid kan de regering ook naar huis sturen. Nederland is een
voorbeeld van een parlementair stelsel.
Presidentieel stelsel: President wordt ook direct gekozen en vormt een
regering die niet afhankelijk is van een meerderheid in het parlement.
Semipresidentieel stelsel: Is een combi van beiden. Met een gekozen
president en daarnaast een minister-president die afhankelijk is van
meerderheid in het parlement.
The benefits of buying summaries with Stuvia:
Guaranteed quality through customer reviews
Stuvia customers have reviewed more than 700,000 summaries. This how you know that you are buying the best documents.
Quick and easy check-out
You can quickly pay through credit card or Stuvia-credit for the summaries. There is no membership needed.
Focus on what matters
Your fellow students write the study notes themselves, which is why the documents are always reliable and up-to-date. This ensures you quickly get to the core!
Frequently asked questions
What do I get when I buy this document?
You get a PDF, available immediately after your purchase. The purchased document is accessible anytime, anywhere and indefinitely through your profile.
Satisfaction guarantee: how does it work?
Our satisfaction guarantee ensures that you always find a study document that suits you well. You fill out a form, and our customer service team takes care of the rest.
Who am I buying these notes from?
Stuvia is a marketplace, so you are not buying this document from us, but from seller tiemenjongsma. Stuvia facilitates payment to the seller.
Will I be stuck with a subscription?
No, you only buy these notes for $5.44. You're not tied to anything after your purchase.