--------------------------------------------------------------------------------------------------------
Paragraaf 3.1
Onze eerste levensbehoeften zijn: Water, Zuurstof en Voedsel.
Zuurstof: Zit in de lucht
Water: komt uit de grond. We maken er drinkwater van.
Voedsel: Bestaat uit planten en dieren.
Energie: Komt van olie, gas en steenkool.
Grondstoffen: Hout, ijzererts en andere metalen.
Energie en grondstoffen halen we uit de bodem.
Recreatie: Genieten van de natuur.
Milieuproblemen:
Toevoeging van stoffen door de mens levert Vervuiling op.
Uitputting = als er stoffen worden onttrokken aan het milieu.
Aantasting = Als natuurlijke ecosystemen verdwijnen om plaats te maken voor
steden, fabrieken en wegen.
Overbevolking = De manier van leven van de huidigen mens zijn de
voornaamste oorzaken van milieuproblemen.
Energiebronnen dreigen uitgeput te raken omdat de manier van leven zoals we
dat nu doen niet goed gaat.
Biodiversiteit = de variatie in de natuur door alle planten en diersoorten.
(uitsterven = afname biodiversiteit).
Ontbossing = bossen worden gekapt of platgebrand.
, Bedreigde diersoorten:
Neushoren
Gorilla
Panda
Tijger
Blauw vin tonijn
Pinguin
Schildpad
Vlinder
Walrus
Ijsbeer
Duurzame ontwikkelingen = Als mensen gaan leven op een manier waardoor
de aarde ook in de toekomst leefbaar is, spreken we van duurzame
ontwikkelingen.
--------------------------------------------------------------------------------------------------------
Paragraaf 3.2
Landbouw vormen:
Akkerbouw/Tuinbouw = Voedingsgewassen (Planten verbouwd)
Veeteelt = Landbouwhuisdieren
Oosten = Voedingsgewassen weghalen. Mineralen verdwijnen uit bodem.
Bemensten = Er worden weer mineralen toegevoegd aan de bodem.
Bemesting vormen:
Kunstmest = Bevat stikstofhoudende mineralen (Nitraat/Fosfaat)
Stalmest = Uitwerpselen/Urine van Landbouwhuisdieren. (Vloeibaar/Vast)
Drijfmest = Vloeibaar. Word direct in de grond gebracht (Mest injectie)
Vaste stalmest = Stalmest + stro. (Verbeterd ook de bodem met meer lucht)