HST 2:
Marktaandeel:
Geeft weer welk deel van de totale markt in handen is van een onderneming.
marktaandeel van de afzet: afzet van de onderneming
_______________________ x 100%
afzet van de totale markt
Totale opbrengst/ omzet:
Kun je berekenen door de prijs per kilometer te vermenigvuldigen met het aantal kilometers
(taxibedrijf)
Constante kosten:
De kosten die niet afhangen van de productieomvang
Afschrijvingskosten:
De kosten van de jaarlijkse waardevermindering
Variabele kosten:
hangen af van de productieomvang
Totale kosten:
De constante kosten en variabele kosten
Totale winst:
totale opbrengst - totale kosten
Break-evenpunt:
Als de totale opbrengst gelijk is aan de totale kosten
Break-evenafzet:
Als de afzet even groot is aan de totale kosten
Break-evenomzet:
De omzet die hoort bij de break-evenafzet
Gemiddelde kosten:
De totale kosten delen door de gemiddelde variabele kosten
Productiecapaciteit:
De maximaal haalbare productie per periode
Marginale opbrengst:
Geeft aan welk bedrag de ondernemer extra krijgt voor een extra verkocht product
Marginale kosten:
geven aan welk bedrag het de ondernemer extra kost om een extra product te maken
, Hst 3 begrippen:
Risico-aversie:
Mensen zijn afkerig van risico’s en wapenen zich hiertegen door een verzekering af te sluiten.
Verzekering:
Een verzekering is een overeenkomst tussen een verzekeraar en een verzekerde waarbij de
verzekerde een bedrag betaalt aan de verzekeraar, die in ruil hiervoor de garantie geeft dat een
schade aan de verzekerde wordt vergoed.
Premie:
Het bedrag dat de verzekerde periodiek voor de verzekering betaalt
Averechtse selectie:
Als alleen de slechte risico’s zich verzekeren, omdat de verzekering te duur wordt voor de goede
risico’s. Het verzekeren wordt hierdoor duurder.
Collectieve dwang:
Als iedereen verplicht wordt zich te verzekeren, dit gaat averechtse selectie na.
Premiedi erentatie:
Als slechte risico’s meer premie moeten betalen dan de goede risico
Moreel wangedrag:
Het slechte gedrag dat een verzekerde vertoont als een verzekering is afgesloten.
Eigen risico:
Een bedrag dat de verzekerde eerst moet betalen, waarna de verzekeraar de rest betaald. Dit is
om moreel wangedrag tegen te gaan.
Asymmetrische informatie:
Als de ene partij over meer informatie beschikt dan de andere partij
Marktfalen:
Als de marktwerking wordt verstoord.
ff
Marktaandeel:
Geeft weer welk deel van de totale markt in handen is van een onderneming.
marktaandeel van de afzet: afzet van de onderneming
_______________________ x 100%
afzet van de totale markt
Totale opbrengst/ omzet:
Kun je berekenen door de prijs per kilometer te vermenigvuldigen met het aantal kilometers
(taxibedrijf)
Constante kosten:
De kosten die niet afhangen van de productieomvang
Afschrijvingskosten:
De kosten van de jaarlijkse waardevermindering
Variabele kosten:
hangen af van de productieomvang
Totale kosten:
De constante kosten en variabele kosten
Totale winst:
totale opbrengst - totale kosten
Break-evenpunt:
Als de totale opbrengst gelijk is aan de totale kosten
Break-evenafzet:
Als de afzet even groot is aan de totale kosten
Break-evenomzet:
De omzet die hoort bij de break-evenafzet
Gemiddelde kosten:
De totale kosten delen door de gemiddelde variabele kosten
Productiecapaciteit:
De maximaal haalbare productie per periode
Marginale opbrengst:
Geeft aan welk bedrag de ondernemer extra krijgt voor een extra verkocht product
Marginale kosten:
geven aan welk bedrag het de ondernemer extra kost om een extra product te maken
, Hst 3 begrippen:
Risico-aversie:
Mensen zijn afkerig van risico’s en wapenen zich hiertegen door een verzekering af te sluiten.
Verzekering:
Een verzekering is een overeenkomst tussen een verzekeraar en een verzekerde waarbij de
verzekerde een bedrag betaalt aan de verzekeraar, die in ruil hiervoor de garantie geeft dat een
schade aan de verzekerde wordt vergoed.
Premie:
Het bedrag dat de verzekerde periodiek voor de verzekering betaalt
Averechtse selectie:
Als alleen de slechte risico’s zich verzekeren, omdat de verzekering te duur wordt voor de goede
risico’s. Het verzekeren wordt hierdoor duurder.
Collectieve dwang:
Als iedereen verplicht wordt zich te verzekeren, dit gaat averechtse selectie na.
Premiedi erentatie:
Als slechte risico’s meer premie moeten betalen dan de goede risico
Moreel wangedrag:
Het slechte gedrag dat een verzekerde vertoont als een verzekering is afgesloten.
Eigen risico:
Een bedrag dat de verzekerde eerst moet betalen, waarna de verzekeraar de rest betaald. Dit is
om moreel wangedrag tegen te gaan.
Asymmetrische informatie:
Als de ene partij over meer informatie beschikt dan de andere partij
Marktfalen:
Als de marktwerking wordt verstoord.
ff