WMB: Participatief werken met groepen en gemeenschappen – HC 7 – 20/10/2020
Bespreking kortfilm – Look Again:
WAT IS VOLGENS JULLIE DE VISIE OP PARTICIPATIE VAN VICTORIE DELUXE?
- Emancipatorisch te werk gaan, je wilt samen met de leerlingen iets verwezenlijken.
Dit is eerder principiële participatie. – het participeren is hier een doel op zich,
het is belangrijk dat de leerlingen participeren – de medewerking van de
jongeren is belangrijker dan de film zelf.
- Er is sprake van actieve participatie
– de jongeren moeten zelf aan de film werken, zelf een script mee schrijven,
zelf de film maken – ze moeten zelf allemaal opdrachten uitvoeren zodat de
film er zou komen.
WAT ZIJN VOLGENS JULLIE DE DOELSTELLINGEN VAN DIT PROJECT?
- Zingeving geven aan de mensen, motivatie, … - agogisch handelen is de doelstelling
van dit project: kritisch bewustzijn, participatie en veerkrachtige binnenkant.
WELKE METHODEN EN WERKVORMEN HERKEN JE? ZIJN DEZE PARTICIPATIEF? WELKE WEL/NIET? MOTIVEER JE
ANTWOORD VIA CONCRETE VOORBEELDEN UIT DE DOCUMENTAIRE.
- Zorgen voor een correct houding: op tijd komen, gedrag, …
- In dialoog gaan met elkaar, in groep met elkaar werken
- Vertrouwen aan elkaar geven
- Kracht van de groep gebruiken – groepsvorming
WAT IS HET KWALITEITSEFFECT VAN DE GEBRUIKTE METHODEN OP DE DOELGROEP?
- Sociale cohesie: men gaat spreken in de wij-vorm, bepaalde jongeren gaan de sociale
cohesie/proces/individueel welzijn van jongeren gaan belemmeren door hun gedrag,
hier hebben de begeleiders op ingespeeld waardoor zij niet meer deelnamen aan de
film.
- Verantwoordelijkheid: jongeren hadden grote verantwoordelijkheid omdat ze zelf
mee het script moesten schrijven, filmen, … Er was een groot
verantwoordelijkheidsgevoel voor de groep om iets moois van de film te maken.
1
, Digitale participatie
OPPORTUNITEITEN EN UITDAGINGEN
- Relatie tussen digitale en maatschappelijke participatie
o Drempels die zowel de digitale als maatschappelijke participatie van
kwetsbare bevolkingsgroepen belemmeren.
o Onderlinge invloed tussen digitale en maatschappelijke participatie: komt
negatief en werken versterkend op elkaar in.
- Digitale media inzetten voor het (her)insluiten van kwetsbare doelgroepen:
Er is veel potentieel in de digitale media om tot meer participatie te komen.
- Er blijven hier heel veel vragen:
o Lopen de breuklijnen voor digitale en maatschappelijk participatie gelijk?
o Versterkt een gebrek aan digitale vaardigheden bestaande maatschappelijke
participatiekloven? – mensen die nu niet kunnen participeren, wordt deze participatie versterkt
door weinig digitale participatie.
o Hoe spelen ze op elkaar in? Of niet?
o Wat is het potentieel van digitale media voor het vergroten van
maatschappelijke participatie?
Digitale en maatschappelijke participatie in een bredere context
OVER UITSLUITING, INCLUSIE EN PARTICIPATIE
Sociale uitsluiting
>> Een situatie waarbij individuen (en ook groepen) slecht in een zeer beperkte mate
kunnen participeren aan het maatschappelijk leven.
Oorzaak hiervan:
>> Ten gevolge van een veelheid aan problemen zoals werkloosheid, een laag
inkomen, slechte huisvesting, gezondheidsproblemen, beperkte toegang tot
informatie en diensten of een laag opleidingsniveau. – dit allemaal leidt tot sociale uitsluiting.
Digitale uitsluiting: een continuüm
>> men spreekt van een soort continuüm >> een soort lijn waarop de persoon of jij zelf bevindt, op een schaal van
0 tot 10 waar jij staat als het gaat over digitale in- of uitsluiting/e-inclusie of e-exclusie.
- Tussen totale digitale uitsluiting:
>> geen toegang tot, geen gebruik van, geen vaardigheden, … om hiermee aan
de slag te gaan.
- En volledige digitale insluiting:
>> ononderbroken kwaliteitsvolle toegang tot digitale media, gediversifieerd
meerwaardegebruik, uitstekende vaardigheden, grote digitale geletterdheid -
Belangrijkste oorzaak van digitale uitsluiting en insluiting:
- Niet het medium of technologie of toegang – niet omdat we allemaal een toestel hebben, dat we
daarom digitaal ingesloten zijn.
- Wel de informatie- en gebruiksvoorkeuren en het vaardigheidsniveau van individuen.
– het vaardigheidsniveau dat we bezitten, kunnen we dit inzetten.
2
Bespreking kortfilm – Look Again:
WAT IS VOLGENS JULLIE DE VISIE OP PARTICIPATIE VAN VICTORIE DELUXE?
- Emancipatorisch te werk gaan, je wilt samen met de leerlingen iets verwezenlijken.
Dit is eerder principiële participatie. – het participeren is hier een doel op zich,
het is belangrijk dat de leerlingen participeren – de medewerking van de
jongeren is belangrijker dan de film zelf.
- Er is sprake van actieve participatie
– de jongeren moeten zelf aan de film werken, zelf een script mee schrijven,
zelf de film maken – ze moeten zelf allemaal opdrachten uitvoeren zodat de
film er zou komen.
WAT ZIJN VOLGENS JULLIE DE DOELSTELLINGEN VAN DIT PROJECT?
- Zingeving geven aan de mensen, motivatie, … - agogisch handelen is de doelstelling
van dit project: kritisch bewustzijn, participatie en veerkrachtige binnenkant.
WELKE METHODEN EN WERKVORMEN HERKEN JE? ZIJN DEZE PARTICIPATIEF? WELKE WEL/NIET? MOTIVEER JE
ANTWOORD VIA CONCRETE VOORBEELDEN UIT DE DOCUMENTAIRE.
- Zorgen voor een correct houding: op tijd komen, gedrag, …
- In dialoog gaan met elkaar, in groep met elkaar werken
- Vertrouwen aan elkaar geven
- Kracht van de groep gebruiken – groepsvorming
WAT IS HET KWALITEITSEFFECT VAN DE GEBRUIKTE METHODEN OP DE DOELGROEP?
- Sociale cohesie: men gaat spreken in de wij-vorm, bepaalde jongeren gaan de sociale
cohesie/proces/individueel welzijn van jongeren gaan belemmeren door hun gedrag,
hier hebben de begeleiders op ingespeeld waardoor zij niet meer deelnamen aan de
film.
- Verantwoordelijkheid: jongeren hadden grote verantwoordelijkheid omdat ze zelf
mee het script moesten schrijven, filmen, … Er was een groot
verantwoordelijkheidsgevoel voor de groep om iets moois van de film te maken.
1
, Digitale participatie
OPPORTUNITEITEN EN UITDAGINGEN
- Relatie tussen digitale en maatschappelijke participatie
o Drempels die zowel de digitale als maatschappelijke participatie van
kwetsbare bevolkingsgroepen belemmeren.
o Onderlinge invloed tussen digitale en maatschappelijke participatie: komt
negatief en werken versterkend op elkaar in.
- Digitale media inzetten voor het (her)insluiten van kwetsbare doelgroepen:
Er is veel potentieel in de digitale media om tot meer participatie te komen.
- Er blijven hier heel veel vragen:
o Lopen de breuklijnen voor digitale en maatschappelijk participatie gelijk?
o Versterkt een gebrek aan digitale vaardigheden bestaande maatschappelijke
participatiekloven? – mensen die nu niet kunnen participeren, wordt deze participatie versterkt
door weinig digitale participatie.
o Hoe spelen ze op elkaar in? Of niet?
o Wat is het potentieel van digitale media voor het vergroten van
maatschappelijke participatie?
Digitale en maatschappelijke participatie in een bredere context
OVER UITSLUITING, INCLUSIE EN PARTICIPATIE
Sociale uitsluiting
>> Een situatie waarbij individuen (en ook groepen) slecht in een zeer beperkte mate
kunnen participeren aan het maatschappelijk leven.
Oorzaak hiervan:
>> Ten gevolge van een veelheid aan problemen zoals werkloosheid, een laag
inkomen, slechte huisvesting, gezondheidsproblemen, beperkte toegang tot
informatie en diensten of een laag opleidingsniveau. – dit allemaal leidt tot sociale uitsluiting.
Digitale uitsluiting: een continuüm
>> men spreekt van een soort continuüm >> een soort lijn waarop de persoon of jij zelf bevindt, op een schaal van
0 tot 10 waar jij staat als het gaat over digitale in- of uitsluiting/e-inclusie of e-exclusie.
- Tussen totale digitale uitsluiting:
>> geen toegang tot, geen gebruik van, geen vaardigheden, … om hiermee aan
de slag te gaan.
- En volledige digitale insluiting:
>> ononderbroken kwaliteitsvolle toegang tot digitale media, gediversifieerd
meerwaardegebruik, uitstekende vaardigheden, grote digitale geletterdheid -
Belangrijkste oorzaak van digitale uitsluiting en insluiting:
- Niet het medium of technologie of toegang – niet omdat we allemaal een toestel hebben, dat we
daarom digitaal ingesloten zijn.
- Wel de informatie- en gebruiksvoorkeuren en het vaardigheidsniveau van individuen.
– het vaardigheidsniveau dat we bezitten, kunnen we dit inzetten.
2