100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached
logo-home
brede basis h1 t/m 4 + pdf h12 samenvatting oefenvragen college aantekeningen $6.07   Add to cart

Summary

brede basis h1 t/m 4 + pdf h12 samenvatting oefenvragen college aantekeningen

 6 views  0 purchase
  • Course
  • Institution
  • Book

ik heb een samenvatting gemaakt van h1 t/m 4, het pdf bestand van blackboard h12 geschiedenis, ook heb ik oefenvragen erin gezet die wij hebben gekregen en heb ik mijn college aantekeningen in de samenvatting verwerkt(wat schuin in de tekst staat).

Preview 3 out of 23  pages

  • No
  • Hoofdstuk 1 t/m 4 + pdf h12 geschiedenis +oefenvragen en college aantekeningen
  • June 24, 2021
  • 23
  • 2020/2021
  • Summary
avatar-seller
Samenvatting brede basis H1,2,3,4 + geschiedenis sociaal werk H12 + college aantekeningen en
oefenvragen tentamen!

H1

Casework: word gekeken naar de client zijn perspectief, dus wat voor hun van toepassing is.

Interdependentie: het houdt in dat we gericht zijn op anderen. In de vorm van het noodzakelijke.
Mensen zijn afhankelijk van elkaar om te overleven en gaan daarom bindingen met elkaar aan (zorg,
kennis van anderen). Interdependentie (afhankelijk) = tegenovergestelde van independent
(onafhankelijk).

Het thomas theorama effect houd in dat wat mensen verwachten dat gebeurd, daadwerkelijk
gebeurd. Voorbeeld: tijdens de corona crisis verwachte mensen dat wc-papier schaars zou worden>
mensen hamsterden wc-papier> wc-papier werd schaars omdat iedereen grootte hoeveelheden
kocht.

Thomas theorama is ook een voorbeeld van sui generis. Emile Durkheim: sociale werkelijkheid een
eigensoortige werkelijkheid die zich reproduceert en verspreid via de talloze relaties tussen mensen
en instituties. Voorbeeld de bankencrisis. Niemand wou een bankencrisis. toch veroorzaakte een
optelsom van handelingen van individuen de crisis, die het gedrag van nog meer mensen
veranderden. Mensen hadden door de crisis sombere verwachtingen van hun financiële toekomst en
gingen zuiniger leven. Waardoor ze minder kochten van de markt en de markt daarmee omlaag ging
en zo de crisis alleen maar erger werd.

significant other :het opgroeiende individu ziet zichzelf voortdurend door de ogen van de ander en
vormt zo een zelfbeeld dat de meningen van anderen over hem weerspiegelt. In de positieve zin van
respect en zelfvertrouwen. In de negatieve zin van onzekerheid en minderwaardigheid. Mead: De
ogen van een ander kunnen je maken of breken.

Bricolage: de noodzaak om onze eigen identiteit van coherentie te voorzien. Voorbeeld het
schoonheidsideaal.

Bourdieu onderscheid 3 soorten kapitaal die mensen in wisselwerking met hun omgeving kunnen
verwerven.

1. Economisch kapitaal: bestaat uit financiële middelen waarmee mensen macht en invloed
kunnen bergaren binnen een samenleving.
2. Cultureel kapitaal: het geheel van kennis, cognitieve vaardigheden en opleiding van een
persoon waarmee sociale privileges verworven of behouden kunnen worden.
3. Sociaal kapitaal: betreft de hulpmiddelen (kwaliteit van sociale relaties, formele en informele
netwerken, gedeelde normen, wederkerigheid en inzet voor de gemeenschap). in de
omgeving waarmee de gezins- en de sociale organisatie kunnen worden vormgegeven.

De beschikbaarheid van deze 3 kapitalen is niet gelijk verdeeld in de wereld. Voorbeeld: In armere
wijken zijn alle 3 de kapitalen stukken minder als in rijkere/hoogopgeleide wijken.

Door een slecht balans van stress en sociale steun kan tot disfunctionele keuzes leiden. Voorbeeld:
als je als sociaal werker met een familie werkt die in de schulden zit is het belangrijk om de
noodzakelijke dingen aan te pakken (de schulden) maar ook sociale steun te zoeken voor het gezin
uit de omgeving of een instituut. Stress kan leiden tot niet verstandige keuzes maken.

Bronnen van steun:

,Non-verbaal: Innige omhelzing, Hulp bij het opstaan, Klopje op de schouder

Verbale steun: Troostend word, Geven van compliment, Waardering, Actief luisteren door vragen
stellen, geven van advies, verwoorden van begrip.

Beroepsprofiel van het maatschappelijk werk (1987) stelt als doel het sociaal functioneren van
personen of de wisselwerking tussen personen en hun sociale omgeving te verbeteren.

Maatschappelijk werkers dienen niet naar de persoon als een geïsoleerd individu te kijken, maar
deze te zien als een subject van de situatie.

Van Ewijk : kracht ligt in de focus op het sociaal functioneren van mensen.

Inbedding: praktijken gericht op de directe omgeving om mensen gemakkelijker sociaal te laten
functioneren, zoals aanpassingen in het verzorgingshuis, buurt, gezin, werk of klas.

Het is niet alleen van belang om het individu te laten ondersteunen bij het zich handhaven in de
omgeving, maar ook andersom om de omgeving aan te passen aan het individu

Blaming the victim: problemen alleen aan de individu afschuiven, en niet rekening houden met de
omgeving.

Blaming the system: problemen alleen aan de omgeving afschuiven, en niet naar het individu kijken.

Competentieversterking =direct beïnvloeden van sociaal gedrag van individuen en sociale
verbanden. Conditieverbetering= beïnvloeden van omgevingscondities.

Bauman prak van een vloeibare samenleving. Dit houd in dat mensen met elkaar sociale processen
voortbrengen die niemand van te voren precies bedoeld had of gepland. Voorbeeld: oorlogen,
inflaties. Een samenleving is vloeibaar als de veranderingen zo snel veranderen dat menselijk gedrag
en gewoontes niet kunnen stollen.

Sociaal werk houdt zich op twee manieren bezig met sociale veranderingen: Enerzijds houdt het zich
bezig met de gevolgen van sociale veranderingen. Anderzijds zijn professionals in sociaal werk zelf
change agents van verandering (sleutelwoorden change agents: change, development en
empowerment).

19e eeuw: industrialisering Europa bracht ingrijpende sociale veranderingen met zich mee, zoals
opkomst van fabrieksarbeid en scheiding tussen wonen, werken en gezinsleven. Dit bracht met zich
mee dat mensen verschillende mensen organisaties opzette om hulp te bieden en was daarmee het
eerste sociaal werk geboren. Liefdadigheid naar vermogen (1871) werd later de armenzorg.
Nederlandse Bond tot kinderbescherming (1899). Bureau voor alcoholisten (1899 )en werd de School
voor maatschappelijk werk opgericht (1899).

Swaan onderscheidt 6 sociale bestaansvoorwaarden die mensen afhankelijk maken van hun
medemens en die hun met elkaar verbind.

1. Voedsel

2. Beschutting

3. Bescherming

4. Affectie

5. Kennis

, 6. Sturing

Sociale bestaansvoorwaarden worden verspreid over de markt, overheid en civil society
(burgermaatschappij: voorbeeld vrijwilligerswerk).

Van Mensch tot Mensch (Lulofs) : zij meende dat het sociaal werk zich actief moest toeleggen op het
realiseren van veranderingen in de omgeving van mensen om de kwaliteit van het sociale leven te
vergroten. steun aan individuen, gezinnen en gemeenschappen moest daarom samengaan met
interventies gericht op het verbeteren van de sociale omstandigheden in de samenleving.

Sinds 1994 bestaat er internationale beroepscode voor sociaal werk- 10 jaar later aangevuld met een
beginselverklaring, die stoelt op 7 humanitaire verdragen:

Mensenrechten: Identificatie en ontwikkeling van menselijke vermogens. Het tegemoet treden van
een persoon als geheel met zijn omgeving. Het respecteren van het recht op zelfbeschikking. Het
bevorderen van participatie.

Sociale rechtvaardigheid: Sociale inclusie (niemand wordt buitengesloten). Sociale gelijkheid:
iedereen is gelijk of in elk geval gelijkwaardig. Sociale cohesie: iedereen is ingebed in de samenleving.

Drie perspectieven op de relatie tussen politiek en sociaal werk en de functie van sociaal werk
onderscheiden:

Emancipatie en empowerment:

Emancipatie: betekent zich bevrijden uit een onderdrukkende situatie en streven naar en verwerven
van gelijke rechten.

Transformational perspective: gericht op het veranderen van de samenleving ten gunste van de
meest onderdrukte en armste groepen mensen.

Volgens van Houten is emancipatie in Nederland sinds de jaren 90 verdrongen door het begrip
empowerment

Disciplinering en sociale beheersing:

Sociale beheersing: potentiële conflicten tussen minder machtige groepen en de gevestigde orde
worden gereduceerd tot persoonlijke vraagstukken of behandelbare categorieën, i.p.v. dat
diepliggende oorzaken van sociale problemen, bijvoorbeeld: sociale ongelijkheid ter discussie gesteld
worden.

Disciplinering: verwijst o.a. naar het proces waarin mensen, gezinnen en gemeenschappen via tal van
technieken waarden van de dominante middenklasse in een samenleving internaliseren.

Sociaal functioneren en sociale ondersteuning:

Enerzijds zekere mate van aanpassing van individuen, gezinnen en gemeenschappen aan het grotere
geheel.

Anderzijds: richt zich op het realiseren van betere condities om te wonen, te werken, naar school te
gaan of te leven, zodat mensen beter in staat zijn te functioneren in de samenleving en een betere
kwaliteit van leven te ervaren.

The benefits of buying summaries with Stuvia:

Guaranteed quality through customer reviews

Guaranteed quality through customer reviews

Stuvia customers have reviewed more than 700,000 summaries. This how you know that you are buying the best documents.

Quick and easy check-out

Quick and easy check-out

You can quickly pay through credit card or Stuvia-credit for the summaries. There is no membership needed.

Focus on what matters

Focus on what matters

Your fellow students write the study notes themselves, which is why the documents are always reliable and up-to-date. This ensures you quickly get to the core!

Frequently asked questions

What do I get when I buy this document?

You get a PDF, available immediately after your purchase. The purchased document is accessible anytime, anywhere and indefinitely through your profile.

Satisfaction guarantee: how does it work?

Our satisfaction guarantee ensures that you always find a study document that suits you well. You fill out a form, and our customer service team takes care of the rest.

Who am I buying these notes from?

Stuvia is a marketplace, so you are not buying this document from us, but from seller lis99. Stuvia facilitates payment to the seller.

Will I be stuck with a subscription?

No, you only buy these notes for $6.07. You're not tied to anything after your purchase.

Can Stuvia be trusted?

4.6 stars on Google & Trustpilot (+1000 reviews)

77988 documents were sold in the last 30 days

Founded in 2010, the go-to place to buy study notes for 14 years now

Start selling
$6.07
  • (0)
  Add to cart