Par. 5.1. Renaissance
Kenmerken Renaissance:
● Herleving van de belangstelling voor het klassieke erfgoed
● De mens komt weer centraal te staan
● Leven op aarde wordt belangrijker (carpe diem)
Opkomst Renaissance in Noord-Italiaanse steden (15de eeuw)
Waarom juist hier?
- Onafhankelijke stadstaten (milaan, florence, venetië) waarin een
zelfbewuste burgerij tot ontwikkeling kwam: Invloed godsdienst nam
hierdoor af
- Rijke burgers wilden hun rijkdom tonen: stimuleerde kunst
- Door rijkdom werd er meer van het leven genoten
- In Italië waren er nog vele overblijfselen uit de Klassieke Oudheid
De Renaissance verbreidt zich in de 16de eeuw vanuit Italië naar grote delen
van Europa.
Gevolgen van de opkomst van de Renaissance:
▪ Grote belangstelling voor klassieke oudheid (klassiek erfgoed): werken antieke
denkers werden bestudeerd en waardering voor antieke kunstwerken groeide
Opkomst humanisme
- Bestudering klassieke teksten
- Kritiek wantoestanden in de katholieke kerk
- Predikten verdraagzaamheid tussen religies
- Bekijken alles vanuit menselijk oogpunt en niet religieus oogpunt.
- Belangrijkste vertegenwoordiger: Erasmus
Bevordering wetenschap:
- Bijbel niet meer absolute waarheid
- Meer kritische instelling: geleerden gingen zelf op onderzoek uit.
- Belangrijke geleerden: Leonardo da Vinci, Copernicus, Vesalius
Nieuw wereldbeeld:
- Aarde niet plat
- Aarde niet centrum van heelal
- Handels- en ontdekkingsreizen
Andere opvattingen over kunst:
- Kunst had niet langer alleen een religieuze functie
- Tal van elementen uit de klassieke Kunst werden toegepast
- Aanzienlijken lieten zichzelf portretteren: gevolg van groeiende
zelfbewustzijn burgers
- Meer aandacht voor het lichamelijke
- Belangrijke kunstenaars: Michelangelo, Leonardo Da Vinci, Raphaël
,Leonardo Da Vinci
, TIJDVAK 5. De tijd van ontdekkers en hervormers.
Par. 5.2. De Europese expansie
Middeleeuwse visie Europa op de rest van de wereld:
- Groot deel van de wereld onbekend
- Allerlei fantasieverhalen over deze gebieden
- Deze visie verdwijnt!
Redenen voor ontdekkingstochten:
Aan einde Middeleeuwen nam de belangstelling voor de rest van de wereld toe:
- Exotische producten uit deze gebieden waren geliefd, handel was in
handen
- van Arabieren. Prijzen zeer hoog door tussenhandel:
behoefte om ze zelf te halen groeide
- De Turken en Arabieren blokkeerden de landwegen naar het oosten
- Nieuwe technieken op het gebied van navigatie, astronomie en cartografie
maakten verre tochten mogelijk
- Toename welvaart maakte het uitrusten van vloten mogelijk
Vanaf 15de eeuw kwamen de ontdekkingsreizen op gang:
- Portugezen: Kaap de Goede Hoop (Bartholomeus Diaz, 1488) ),
Indië (Vasco Da Gama, 1510), eerste tocht rond de wereld
(Magelhaes, 1519-1522)
- Spanjaarden: ontdekking Amerika door Columbus (1492). Verovering van
Midden- en Zuid-Amerika (aantrekkelijk vanwege goud en zilver) had
rampzalige gevolgen voor de oorspronkelijke indiaanse bevolking
- Nederlanders: ontdekten eind 16de eeuw route naar Indië. Doel:
uitschakeling Portugese tussenhandel
- Ook Engelsen en Fransen gingen concurreren tegen Portugezen en
Spanjaarden.