100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Class notes

Kern van de stof: contractenrecht

Rating
-
Sold
1
Pages
113
Uploaded on
21-01-2022
Written in
2021/2022

Andere onderwerpen: A. Uitleg en aanvulling van overeenkomsten B. Overzicht remedies bij niet-nakoming C. Nakoming algemeen D. Het begrip tekortkoming E. Remedie 1: nakoming vorderen F. Remedie 2: opschorting G. Verrekening A. Overzicht remedies bij niet-nakoming B. Remedie 3: vordering tot schadevergoeding C. Remedie 4: ontbinding D. Beëindiging van een overeenkomst E. Anticipatory breach A. Schuldeisersverzuim B. Beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid C. Onvoorziene omstandigheden D. Klachtplicht A. Inleiding relativiteitsbeginsel B. Kwalitatief recht, kwalitatieve verplichting en kettingbeding C. Derdenbeding, blokkering paardensprong en koop breekt geen huur D. Doorwerking van een exonoratiebeding ten nadele van een derde en samenhangende overeenkomsten E. Cessie, subrogatie, schuldovername en contractsovername

Show more Read less
Institution
Course

Content preview

Samenvatting contractenrecht – week 1
Verhouding contractenrecht – goederenrecht, basisbeginselen, rechtshandeling & verklaring
(totstandkoming overeenkomst), intrekking versus herroeping en vertegenwoordiging

A. Verhouding tussen het contractenrecht en goederenrecht
B. Basisbeginselen
C. Rechtshandeling & verklaring (totstandkoming overeenkomst)
D. Intrekking versus herroeping
E. Vertegenwoordiging


A. Verhouding tussen het contractenrecht en goederenrecht
Verhouding
Het goederenrecht
Gaat over de verhouding van personen t.o.v. een goed.
 Wie is eigenaar?
 Hoe word je eigenaar?
 Wat mag je met de zaak doen als eigenaar?

Het contractenrecht
Gaat over de verhouding van personen t.o.v. elkaar.
 Welke afspraken zijn er gemaakt?
 Waar heb je recht op? En wat moet je zelf doen?
 Wat gebeurt er als de afspraken niet worden nagekomen?

Vraag: wanneer word je eigenaar van je nieuwe huis?
Antwoord: op het moment dat de transportakte in het kadaster wordt ingeschreven (artikel 3:80 lid 3
jo 3:84 lid 1 jo 3:89 BW). Dit betekent niet dat momenten daarvoor niet relevant waren!
 De mondelinge overeenstemming  was het moment dat partijen overeenkwamen, dat zij
met elkaar in zee gingen.
LET OP Juridisch gezien is dit géén beslissend moment, tenzij… (week 2).

Vraag: wanneer word je eigenaar van een fiets?
Antwoord: het moment van bezitsverschaffing = afgifte van de fiets door verkoper/eigenaar.
Vaak  betaling = afgifte: gelijk oversteken.
LET OP Dit is niet noodzakelijk.

Gevolgen gesloten overeenkomst
 Er ontstaat een wederkerige overeenkomst = er ontstaan verbintenissen voor beide partijen.
 De koper moet de koopprijs betalen:
o Verkoper = schuldeiser
o Koper = schuldenaar
 De verkoper moet de verkochte zaak leveren (artikel 7:9 BW), die aan de afspraken voldoet
(artikel 7:17 BW).
o Koper = schuldeiser
o Verkoper = schuldenaar


B. Basisbeginselen van het contractenrecht
Twee basisbeginselen
A) Contractsvrijheid

,B) Pacta punt servanda

Het beginsel van de contractsvrijheid
Dit beginsel bestaat uit 3 onderdelen:
 Wel of niet contracteren (of)
 Wat is de inhoud van het contract (wat)
 Vormvrijheid van het contract = consensualisme (hoe)

Partijen kunnen zélfs indien zij al heel erg ver waren in de onderhandelen van een contract, besluiten
om niet te contracteren.

Indien partijen wél besluiten met elkaar in zee te gaan, mogen zij zelf bepalen wat de inhoud van de
overeenkomst is.

Tenslotte, bepalen de partijen of zij de overeenkomst mondeling houden, of ook nog op papier
zetten. Of wellicht naar een notaris gaan.

Beperkingen/uitzonderingen
Waarom?
 Ter bevordering van de mededingen; en ter voorkoming van monopolieposities.
 Ter bescherming van de zwakke partij:
o Handelingsonbekwaamheid (minderjarigen en onder curatele gestelden)
o Consument
 Voorbeeld: algemene voorwaarden, consumentenkoop en bedenktijden
(week 3)
o Huurder (van woonruimte), werknemer of patiënt

Het beginsel van pacta punt servanda
 Afspraak = afspraak
 Personen zijn vrij om zich te binden, maar als zij zich hebben gebonden, dan zijn zij ook
gehouden hun woord na te komen.
 Er zijn uitgebreide regels over de gevolgen van niet-nakoming
Beperkingen
= een manier waarop één van de partijen van de overeenkomst af kan.
 Handelingsonbekwaamheid
 Wilsgebreken:
o Dwaling
o Bedrog
o Bedreiging
o Misbruik van omstandigheden
 Algemene voorwaarden
o Een beding in de overeenkomst wordt vernietigd omdat het beding onredelijk
bezwarend is óf de wederpartij niet de mogelijkheid heeft gehad om kennis te
nemen van het beding.
 Beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid
 Natuurlijke verbintenis
o De verbintenis is wél geldig, maar de naleving daarvan kan niet door de schuldeiser
worden afgedwongen bij de rechter. Als de schuldenaar tot betaling overgaat, is dat
rechtens! De nakoming kan niet worden teruggedraaid, want de verbintenis was
gewoon geldig door de schuldenaar.
 Regels voor de consumentenkoop

,  Bedenktijd bij koop op afstand/koop buiten de verkoopruimte/koop woning

Contract van begin tot eind
(1) Precontractuele fase
 Afgebroken onderhandelingen (valt onder het aansprakelijkheidsrecht).
 Informatieplichten en bedenktijd bij consumentenovereenkomsten (week 3)

(2) Contracteer fase (week 1 – 3)
 Totstandkoming van een overeenkomst
 Vertegenwoordiging
 Wilsgebreken
 Vormvereisten
 Strijd met de wet, openbare orde en goede zeden
 Algemene voorwaarden
 Uitleg van de overeenkomst

(3) Uitvoeringsfase (week 3 – 6)
 Uitleg van de overeenkomst
 Nakoming: verrekening (bij geld)
 Gevolgen niet (correcte) nakoming: remedies van de schuldeiser
o Recht op nakoming
o Schadevergoeding
o Ontbinding
o Opschorting
 Verweermiddelen van de schuldenaar:
o Overmacht
o Opschorting
o Schuldeisersverzuim
o Beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid
o Onvoorziene omstandigheden
o Rechtsverwerking
o Klachtplicht

(4) Postcontractuele fase (week 5 en 6)
 Bestaat er een verplichting tot het leveren van ‘after sales services’?
o Reserveonderdelen
o Reparatiemogelijkheden
 Schadevergoeding bij opzegging van de overeenkomst?
 Plicht tot geheimhouding?
o Voorbeeld: geneeskundige behandelingsovereenkomst.

Of er verplichtingen bestaan tussen partijen:
 Dit kan in de contractuele afspraken zelf geregeld zijn.
 Maar, soms ook op basis van de aanvullende werking van de redelijkheid en billijkheid.

Contract en derden (week 7)
In beginsel heeft een contract/overeenkomst alleen werking tussen haar partijen (HR
Blaauboer/Berlips).
Echter, zijn er tal van situaties waarin een afspraak tussen partijen óók gevolgen heeft voor derden.
In veel gevallen is dit ook beoogd door de partijen.

,  In de contracteerfase:
o Het inschakelen van een tussenpersoon (vertegenwoordiging door derde).
o Derdenbeding: A boekt een vliegticket voor zichzelf, en voor zijn vrouw B (artikel
6:253-257 BW).

 In de uitvoeringsfase:
o Kwalitatief recht (artikel 6:251 BW).
o Kwalitatieve verplichting (artikel 6:252 BW)
 Voorbeeld: erfdienstbaarheid.
o Blokkering paardensprong (artikel 6:257 BW)
o Doorwerking exoneraties ten gunste van derden (HR Gegaste uien en HR Citronas).
o Retentierecht: opschorten afgifte goed óók mogelijk inroepbaar t.o.v. derden.


C. Rechtshandeling en verklaring (totstandkoming overeenkomst)
Inleiding rechtshandeling
 Artikel 3:33 BW

Uitgangspunt:
 Het moet gaan om een handeling
o Doen of nalaten.
 Welke is gericht op een rechtsgevolg
o = de persoon die handelt wil verandering in de rechtstoestand.
 Het ontstaan/wijzigen/beëindigen van een bepaalde rechtsverhouding.

LET OP Het is onvoldoende als de wil (om de rechtstoestand te veranderen) zich slechts in je
hoofd bevindt. De wil tot een rechtsgevolg moet kenbaar worden gemaakt doormiddel van
een verklaring.

Verklaring
 Artikel 3:37 BW

Uitgangspunt: een verklaring is vormvrij, tenzij de wet anders bepaald (lid 1).

Voorbeeld: als een particulier een woning koopt, moet er sprake zijn van een schriftelijk
contract (artikel 7:2 BW).

Wanneer heeft een verklaring haar werking?
Hiervoor kennen we 2 mogelijke opties:
1) Verzendtheorie
= een verklaring komt tot stand (= geldig) als deze tijdig + juist is verzonden.

2) Ontvangsttheorie (lid 3)
= een verklaring moet óók tijdig + juist worden verzonden, maar de verklaring heeft pas haar
werking, indien:
 De verklaring de geadresseerde heeft bereikt.
Óf
 Het niet bereiken van de verklaring komt voor rekening van de geadresseerde.
o Voorbeeld: A wil aan B per brief een verklaring uitbrengen, maar B is op vakantie. Op
het moment dat de brief in de brievenbus wordt gedaan is de verklaring tot stand
gekomen.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
January 21, 2022
Number of pages
113
Written in
2021/2022
Type
Class notes
Professor(s)
Dhr. vincent loos
Contains
All classes

Subjects

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
isabelgodwaldt Universiteit van Amsterdam
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
54
Member since
5 year
Number of followers
28
Documents
11
Last sold
3 months ago

3.3

3 reviews

5
1
4
1
3
0
2
0
1
1

Trending documents

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions