Garantie de satisfaction à 100% Disponible immédiatement après paiement En ligne et en PDF Tu n'es attaché à rien 4.2 TrustPilot
logo-home
Resume

Arresten Strafrecht 2 - samenvatting alle arresten per week

Note
-
Vendu
-
Pages
30
Publié le
10-02-2022
Écrit en
2021/2022

Arresten Strafrecht 2 - samenvatting alle arresten per week

Établissement
Cours










Oups ! Impossible de charger votre document. Réessayez ou contactez le support.

École, étude et sujet

Cours

Infos sur le Document

Publié le
10 février 2022
Nombre de pages
30
Écrit en
2021/2022
Type
Resume

Sujets

Aperçu du contenu

lOMoARcPSD|11700591




Arresten Strafrecht 2 - samenvatting alle arresten per week

Strafrecht 2 (nieuw Mat. Str.) (Rijksuniversiteit Groningen)

, lOMoARcPSD|11700591




Week 1:
Geervliet
HR 29 april 2008 (LJN BD0544; NJ 2008,440)

Casus
Het gaat indeze zaak om hetbewijs van schuld aan een verkeersongeval inde zin van artikel
6 WVW 1994 en de motivering ervan. Verdachte is vanaf hetterrein van een tankstation een
voorrangsweg opgereden. Hij heeft zijn auto voor de haaientanden ‘tot bijna stilstand’
gebracht en vervolgens over zijn linkerschouder gekeken om na te gaan of er verkeer
naderde. Hij heeft geen naderend verkeer gezien en is vervolgens de voorrangsweg
opgereden. Echter, een naderende motorrijdster heeft hij over hethoofd gezien. ineen
poging een aanrijding te voorkomen is zij krachtig gaan remmen, vervolgens ineen slip
geraakt, ten val gekomen en uiteindelijk door een tegemoetkomende auto overreden, met
zwaar lichamelijk letsel tot gevolg. hethof oordeelt dat verdachte zich als verkeersdeelnemer
zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft
plaatsgevonden.

Hoge Raad
In cassatie kan slechts worden onderzocht of de schuld aan hetverkeersongeval inde zin van
artikel 6 WVW 1994 – inhetonderhavige geval hetbewezenverklaarde aanmerkelijk
onoplettend en met aanmerkelijke verwaarlozing van de te dezen geboden voorzichtigheid
rijden – uit de door hethof gebezigde bewijsmiddelen kan worden afgeleid. Daarbij komt
hetaan op hetgeheel van de gedragingen van de verdachte, de aard en de ernst daarvan en
de overige omstandigheden van hetgeval. Voorts verdient opmerking dat niet reeds uit de
ernst van de gevolgen van verkeersgedrag dat instrijd is met één of meer wettelijke
gedragsregels inhetverkeer, kan worden afgeleid dat sprake is van schuld invorenbedoelde
zin (vgl. HR 1 juni 2004, NJ 2005, 252 (Onvoldoende rechtshouden inWinssen)).

Anders dan hethof kennelijk heeft geoordeeld, kan uit de enkele omstandigheid dat
verdachte, toen hij zich vergewiste van mogelijk naderend verkeer, de motorrijdster aan wie
hij voorrang diende te verlenen niet heeft gezien hoewel deze voor hem wel zichtbaar moet
zijn geweest, niet volgen dat verdachte, zoals is bewezenverklaard ‘aanmerkelijk onoplettend
en met aanmerkelijke verwaarlozing van de te dezen geboden zorgvuldigheid heeft gereden’.
De bewezenverklaring is derhalve niet naar de eis der wet met redenen omkleed.

Het enkele feit dat de verdachte, ondanks zijn voorzichtige rijgedrag, de motorrijdster over
hethoofd heeft gezien, terwijl deze voor hem wel zichtbaar had moeten zijn, is onvoldoende
om de schuld aan te nemen.
De Hoge Raad vernietigt de bestreden uitspraak en wijst de zaak terug opdat de zaak op
hetbestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.

, lOMoARcPSD|11700591




Week 2:
Taxichauffeur

Onderwerpen ‐ Noodweer(exces), culpa incausa
Artikelen ‐ n.v.t.

De feiten

De verdachte had dienst al taxichauffeur. Op de diensttelefoon komt een melding van een
vrouwelijke collega binnen dat ze door een klant is bedreigd en dat deze niet betaald heeft.
De vrouwelijke collega vroeg een andere mannelijke collega of hij met haar naar hethuis van
de klamt mee wilde gaan. De verdachte is toen samen met die andere mannelijke collega en
nog een andere collega naar hethuis van de klant gegaan. Onderweg naar hethuis kwamen
ze de vrouwelijke collega tegen die hen waarschuwde voor de klant en had gezegd dat ze
een betalingsregeling met de vrouw van de taxichauffeur had getroffen. Een andere collega
had de vrouw van de klant gebeld, deze vertelde hen ook dat ze absoluut niet langs moesten
komen. De verdachte had hier weinig van meegekregen. Toen ze bij hethuis van de klant
aankwamen deed diens vrouw open. Zij vertelde dat dit hetergste was wat de collega’s
konden doen. Vrijwel meteen kwam de klant aan met een koevoet inzijn hand. Er is toen een
worsteling ontstaan tussen de verdachte en de klant. De verdachte had de klant van zich
afgeschopt en een andere collega had de koevoet afgepakt van de klant. De verdachte pakte
deze koevoet toen weer van zijn collega af en gaf de klant hiermee een klap tegen zijn
hoofd, omdat hij hem erg dreigend aankeek. De verdachte wordt vervolgd, maar hij verweert
zich door te stellen dat er incasu sprake van een noodweersituatie.

Rechtsvraag

Was er incasu sprake van noodweer dan wel noodweerexces?

Overweging

Het hof stelde dat de verdachte ervan op de hoogte was dat de klant agressief gedrag kon
vertonen, omdat zijn vrouwelijke collega hem dit had verteld. Verdachte was dus meerdere
keren gewaarschuwd voor de klant, maar ging toch naar huis toe. Verdachte heeft zich
derhalve willens en wetens ineen situatie begeven waarin hetagressieve gedrag van de
klant te verwachten was. Bovendien had de verdachte, toen hij de klant van zich had
afgeschopt, weg kunnen gaan. Nu hij dit niet heeft gedaan, is er geen sprake van een
noodzakelijke verdediging, waardoor hetberoep op noodweer en daarmee noodweerexces
niet slagen. Op grond hiervan heeft hethof de verdachte veroordeeld voor hetopenlijk
invereniging geweld plegen tegen personen. De Hoge Raad stelt dat gedragingen van de
verdachte voorafgaand aan de wederrechtelijke aanranding, onder omstandigheden een
beroep op noodweer(exces) inde weg kunnen staan. De beoordeling van hethof sluit echter
niet uit dat er wel degelijk sprake was van noodzakelijke verdediging. Daarnaast heeft hethof
onvoldoende gemotiveerd aangegeven waarom er incasu sprake zou zijn van eigen schuld.
hetfeit dat hethof stelt dat de verdachte nog weg had kunnen komen, wordt door de Hoge
Raad verworpen op grond van hetfeit dat hetoordeel van hethof niet uitsluit dat er sprake is
geweest van een wederrechtelijke aanranding. Omdat hethof de verweren op ontoereikende
gronden heeft verworpen, wordt hetarrest vernietigd en terugverwezen.
$3.60
Accéder à l'intégralité du document:

Garantie de satisfaction à 100%
Disponible immédiatement après paiement
En ligne et en PDF
Tu n'es attaché à rien

Faites connaissance avec le vendeur
Seller avatar
KimLinda

Document également disponible en groupe

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
KimLinda Academie voor Natuurgeneeskunde
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
6
Membre depuis
3 année
Nombre de followers
2
Documents
142
Dernière vente
11 mois de cela

0.0

0 revues

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Récemment consulté par vous

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions