Proeftoets Economie periode 3
Hoofdstuk 2 t/m 11
Opdracht 1
Waar staat de afkorting ‘WIA’ voor?
…………………………………………………………………………………………………
Opdracht 2
Bijstand is hetzelfde als de Participatiewet.
Deze uitspraak is:
o Juist o
Onjuist
Opdracht 3
Stefan werkt 20 uur per week als pizzabezorger. Hij kan bij zijn werkgever helaas niet
meer uren werken, bovendien heeft hij hier ook geen tijd voor. Hij zit namelijk in zijn
laatste studiejaar. Echter woont Stefan al wel op zichzelf: hij huurt een kamer van
€750 per maand. Stefan moet alles zelf regelen en betalen en daardoor komt hij
soms nauwelijks rond om boodschappen of kleding te kopen. Hij heeft daarom een
lening van €2.000 afgesloten.
Dit is een voorbeeld van een:
o Aanpassingsschuld o
Overlevingsschuld o
Compensatieschuld o
Overbestedingsschuld
Opdracht 4
Noem twee redenen waarom ouderen kwetsbaar zijn op financieel gebied:
1. …………………………………………………………………………………………
2. …………………………………………………………………………………………
Opdracht 5
Wat bedoelen we met ‘integrale schuldhulpverlening’?
…………………………………………………………………………………………………
…………………………………………………………………………………………………
Opdracht 6
Hoofdstuk 2 t/m 11
Opdracht 1
Waar staat de afkorting ‘WIA’ voor?
…………………………………………………………………………………………………
Opdracht 2
Bijstand is hetzelfde als de Participatiewet.
Deze uitspraak is:
o Juist o
Onjuist
Opdracht 3
Stefan werkt 20 uur per week als pizzabezorger. Hij kan bij zijn werkgever helaas niet
meer uren werken, bovendien heeft hij hier ook geen tijd voor. Hij zit namelijk in zijn
laatste studiejaar. Echter woont Stefan al wel op zichzelf: hij huurt een kamer van
€750 per maand. Stefan moet alles zelf regelen en betalen en daardoor komt hij
soms nauwelijks rond om boodschappen of kleding te kopen. Hij heeft daarom een
lening van €2.000 afgesloten.
Dit is een voorbeeld van een:
o Aanpassingsschuld o
Overlevingsschuld o
Compensatieschuld o
Overbestedingsschuld
Opdracht 4
Noem twee redenen waarom ouderen kwetsbaar zijn op financieel gebied:
1. …………………………………………………………………………………………
2. …………………………………………………………………………………………
Opdracht 5
Wat bedoelen we met ‘integrale schuldhulpverlening’?
…………………………………………………………………………………………………
…………………………………………………………………………………………………
Opdracht 6