Hoofdstuk 2: Omzetbelasting (geen tentamenstof)
2.1 Omzetbelasting
Met de term omzetbelasting krijgt vrijwel elke onderneming en eindconsument te maken.
Omzetbelasting of btw (Belasting over de Toegevoegde Waarde) = Een indirecte belasting
die een overheid heft op de verkoop van producten of diensten.
De eindafnemer (consument) betaalt uiteindelijk de omzetbelasting.
àHet treft consumptieve uitgaven = Uitgaven voor goederen en diensten die worden
gebruikt voor de rechtstreekse bevrediging van individuele of collectieve behoeften van
leden van de gemeenschap.
àAls de eindafnemer (consument) goederen koopt heeft hij/zij geen recht op
terugvordering.
Een bedrijf is een tussenschakel, geen eindgebruiker.
Voor een tussenschakel geldt:
- Betaalde btw aan leveranciers = te vorderen btw van de Belastingdienst;
• Vorderen = Het terugeisen van iets waar je recht op hebt àIn dit geval de btw.
- Ontvangen btw van de afnemers = te betalen btw aan de Belastingdienst
àBij een bedrijf geeft de omzetbelasting geen kosten en geen opbrengsten.
àWinstneutraal.
Af te dragen btw = Te betalen btw – Te vorderen btw
Het algemeen btw-tarief bedraagt 21%.
Het laag btw-tarief bedraagt 9% àDit
betreft onder andere voedingsmiddelen
en fietsreparaties.
Er is ook een nultarief.
àAls je zaken met het buitenland doet
bedraagt het btw-tarief 0%.
àOok zijn er sommige dingen vrijgesteld van omzetbelasting, zoals medische diensten en
diensten van banken/verzekeringen.
2.1 Omzetbelasting
Met de term omzetbelasting krijgt vrijwel elke onderneming en eindconsument te maken.
Omzetbelasting of btw (Belasting over de Toegevoegde Waarde) = Een indirecte belasting
die een overheid heft op de verkoop van producten of diensten.
De eindafnemer (consument) betaalt uiteindelijk de omzetbelasting.
àHet treft consumptieve uitgaven = Uitgaven voor goederen en diensten die worden
gebruikt voor de rechtstreekse bevrediging van individuele of collectieve behoeften van
leden van de gemeenschap.
àAls de eindafnemer (consument) goederen koopt heeft hij/zij geen recht op
terugvordering.
Een bedrijf is een tussenschakel, geen eindgebruiker.
Voor een tussenschakel geldt:
- Betaalde btw aan leveranciers = te vorderen btw van de Belastingdienst;
• Vorderen = Het terugeisen van iets waar je recht op hebt àIn dit geval de btw.
- Ontvangen btw van de afnemers = te betalen btw aan de Belastingdienst
àBij een bedrijf geeft de omzetbelasting geen kosten en geen opbrengsten.
àWinstneutraal.
Af te dragen btw = Te betalen btw – Te vorderen btw
Het algemeen btw-tarief bedraagt 21%.
Het laag btw-tarief bedraagt 9% àDit
betreft onder andere voedingsmiddelen
en fietsreparaties.
Er is ook een nultarief.
àAls je zaken met het buitenland doet
bedraagt het btw-tarief 0%.
àOok zijn er sommige dingen vrijgesteld van omzetbelasting, zoals medische diensten en
diensten van banken/verzekeringen.