PEUTER (1 – 3 JAAR)
Lichamelijke en motorische ontwikkeling - 3 – 4 jaar: droog ’s nachts Taal: vroeglinguale periode
Lichamelijke groei Sociale en persoonlijkheidsontwikkeling - Basisstructuur van taal is gevestigd
- Groei woordenschat (beschikt over
- Lengte: 10 cm per jaar Hechting
ongeveer 1000 woorden op 3-jarige
- Gewicht: 2 à 3 kg per jaar
- Feitelijke gehechtheid leeftijd)
- Meer spierweefsel
- Geleidelijke evolutie: fysieke naar - Evolutie uitspraak
- Minder babyvet
psychische nabijheid
Cognitieve ontwikkeling
Grove motoriek
Separatie- of individuatieproces
Einde sensomotorisch stadium (1 – 2
- Vlot leren lopen
- Peuter wordt zich bewust van zijn jaar)
- Hoog algemeen activiteitsniveau
eigenheid
- Leeftijd 3 jaar - Tussen 1 en 1;6 jaar: tertiair circulair
- Onderscheidt zich meer en meer van
o Rennen gedrag of actief experimenteergedrag
anderen
o Springen - Tussen 1;6 en 2 jaar: geïnterioriseerd
- Groeiend zelfbewustzijn
o Achteruit lopen tertiair circulair gedrag of inwendig
- Koppigheidsfase of verzetsperiode
o Trap alternerend oplopen experimenteergedrag
o Uitingsvorm: driftbuien en
o Rondrijden op loopfiets - Gevestigde objectpermanentie
gilpartijen
Fijne motoriek o Gemiddeld 5 per dag Begin preoperationeel denken (2 – 3
Start rond 1;6 jaar jaar)
- Grijpbewegingen worden verfijnder en Hoogtepunt: 2 – 2;6
gevarieerder - Ontstaan van symbolisch gedrag
jaar o Uitgestelde imitatie
- Toenemende oog-handcoördinatie Verdwijnt geleidelijk
- Leeftijd 3 jaar o Fantasiespel
vanaf 3 – 3;6 jaar
o Bepaalde kledij zelfstandig o Tekenen
o Betekenis: behoefte aan
aan- en uitdoen o Mentale beelden vasthouden
autonomie op drie
o Eenvoudige puzzel maken o Taal
risicodomeinen (eten, slapen
o Dikke bladzijden van boek - Verwarren fantasie en werkelijkheid
en zindelijkheid)
omdraaien o Toeschrijven van verkeerde
o Afhankelijk van temperament,
o Toren bouwen met grote betekenissen aan
intellect en aanpak van ouders
blokken werkelijkheid vanuit eigen
o Zelfstandig eten (met morsen) Beginnende interesse leeftijdsgenoten subjectieve wensen en
o Tekenen (kopvoeter) - Parallelspel voorstellingen
- Conflicten o Ervaren van dingen niet zoals
Zindelijkheid ze zijn maar vertekend door
- Fasen: reflexfase, Nieuwe gevoelens en emoties fantasieën
bewustwordingsfase en - Schaamte en trots o Voorbeelden: animisme,
beheersingsfase - Jaloezie fysiognomisch waarnemen en
- Combinatie: rijping en leerprocessen - Medelijden artificialisme
- 2 – 2;6 jaar: zindelijk ontlasting en - Fantasierijke angsten - Preconceptueel denken
droog overdag
Lichamelijke en motorische ontwikkeling - 3 – 4 jaar: droog ’s nachts Taal: vroeglinguale periode
Lichamelijke groei Sociale en persoonlijkheidsontwikkeling - Basisstructuur van taal is gevestigd
- Groei woordenschat (beschikt over
- Lengte: 10 cm per jaar Hechting
ongeveer 1000 woorden op 3-jarige
- Gewicht: 2 à 3 kg per jaar
- Feitelijke gehechtheid leeftijd)
- Meer spierweefsel
- Geleidelijke evolutie: fysieke naar - Evolutie uitspraak
- Minder babyvet
psychische nabijheid
Cognitieve ontwikkeling
Grove motoriek
Separatie- of individuatieproces
Einde sensomotorisch stadium (1 – 2
- Vlot leren lopen
- Peuter wordt zich bewust van zijn jaar)
- Hoog algemeen activiteitsniveau
eigenheid
- Leeftijd 3 jaar - Tussen 1 en 1;6 jaar: tertiair circulair
- Onderscheidt zich meer en meer van
o Rennen gedrag of actief experimenteergedrag
anderen
o Springen - Tussen 1;6 en 2 jaar: geïnterioriseerd
- Groeiend zelfbewustzijn
o Achteruit lopen tertiair circulair gedrag of inwendig
- Koppigheidsfase of verzetsperiode
o Trap alternerend oplopen experimenteergedrag
o Uitingsvorm: driftbuien en
o Rondrijden op loopfiets - Gevestigde objectpermanentie
gilpartijen
Fijne motoriek o Gemiddeld 5 per dag Begin preoperationeel denken (2 – 3
Start rond 1;6 jaar jaar)
- Grijpbewegingen worden verfijnder en Hoogtepunt: 2 – 2;6
gevarieerder - Ontstaan van symbolisch gedrag
jaar o Uitgestelde imitatie
- Toenemende oog-handcoördinatie Verdwijnt geleidelijk
- Leeftijd 3 jaar o Fantasiespel
vanaf 3 – 3;6 jaar
o Bepaalde kledij zelfstandig o Tekenen
o Betekenis: behoefte aan
aan- en uitdoen o Mentale beelden vasthouden
autonomie op drie
o Eenvoudige puzzel maken o Taal
risicodomeinen (eten, slapen
o Dikke bladzijden van boek - Verwarren fantasie en werkelijkheid
en zindelijkheid)
omdraaien o Toeschrijven van verkeerde
o Afhankelijk van temperament,
o Toren bouwen met grote betekenissen aan
intellect en aanpak van ouders
blokken werkelijkheid vanuit eigen
o Zelfstandig eten (met morsen) Beginnende interesse leeftijdsgenoten subjectieve wensen en
o Tekenen (kopvoeter) - Parallelspel voorstellingen
- Conflicten o Ervaren van dingen niet zoals
Zindelijkheid ze zijn maar vertekend door
- Fasen: reflexfase, Nieuwe gevoelens en emoties fantasieën
bewustwordingsfase en - Schaamte en trots o Voorbeelden: animisme,
beheersingsfase - Jaloezie fysiognomisch waarnemen en
- Combinatie: rijping en leerprocessen - Medelijden artificialisme
- 2 – 2;6 jaar: zindelijk ontlasting en - Fantasierijke angsten - Preconceptueel denken
droog overdag