Gedragswetenschappen
Week 1 Gezondheid
Biomedisch model: er werd uitgegaan van een oorzakelijk verband tussen ziekte, symptomen en
pathologie.
Bio-psychosociaal model: lichamelijke, psychologische en sociale factoren spelen een rol.
De psychische en sociale domeinen zijn een aanvulling op het biomedische model, hierdoor
kan een meer complete beschrijving van het gezondheidsprobleem beschreven worden en
verandert de werkrelatie tussen fysiotherapeut en patiënt (het luisteren naar de patiënt
krijgt een extra dimensie – patiënt voelt zich gehoord – benoemt eerder psychosociale
factoren)
Definities van gezondheid:
- WHO: toestand van volledig lichamelijk, geestelijk en maatschappelijk welzijn en niet slechts
de afwezigheid van ziekte en/of andere lichamelijke gebreken.
- Huber (positieve gezondheid): het vermogen om je aan te passen en je eigen regie te voeren,
in het licht van sociale, fysieke en emotionele uitdagingen van het leven.
Narratieve psychologie: vorm van psychologie die zich bezighoudt met wat de mens over zichzelf
vertelt.
Klinisch redeneren
- Deductief: bekende oorzaak-gevolgverbanden toetsen de aard, het ontstaan of
vertraagde herstel van gezondheidsprobleem verklaren.
- Narratief: denken, emoties en gedrag van de patiënt begrijpen
Week 2 Leefstijl
Leefstijl: gedragingen op het gebied van voeding, kleding, huisinrichting, relaties en recreatie
Gezondheidsdeterminanten: alle factoren die de volksgezondheid beïnvloeden
1. Persoonsgebonden- en leefstijlfactoren
- Bewegen
- Roken
- Alcohol
- Voeding
- Ontspanning
- Drugs
2. Fysieke omgevingsfactoren
Week 1 Gezondheid
Biomedisch model: er werd uitgegaan van een oorzakelijk verband tussen ziekte, symptomen en
pathologie.
Bio-psychosociaal model: lichamelijke, psychologische en sociale factoren spelen een rol.
De psychische en sociale domeinen zijn een aanvulling op het biomedische model, hierdoor
kan een meer complete beschrijving van het gezondheidsprobleem beschreven worden en
verandert de werkrelatie tussen fysiotherapeut en patiënt (het luisteren naar de patiënt
krijgt een extra dimensie – patiënt voelt zich gehoord – benoemt eerder psychosociale
factoren)
Definities van gezondheid:
- WHO: toestand van volledig lichamelijk, geestelijk en maatschappelijk welzijn en niet slechts
de afwezigheid van ziekte en/of andere lichamelijke gebreken.
- Huber (positieve gezondheid): het vermogen om je aan te passen en je eigen regie te voeren,
in het licht van sociale, fysieke en emotionele uitdagingen van het leven.
Narratieve psychologie: vorm van psychologie die zich bezighoudt met wat de mens over zichzelf
vertelt.
Klinisch redeneren
- Deductief: bekende oorzaak-gevolgverbanden toetsen de aard, het ontstaan of
vertraagde herstel van gezondheidsprobleem verklaren.
- Narratief: denken, emoties en gedrag van de patiënt begrijpen
Week 2 Leefstijl
Leefstijl: gedragingen op het gebied van voeding, kleding, huisinrichting, relaties en recreatie
Gezondheidsdeterminanten: alle factoren die de volksgezondheid beïnvloeden
1. Persoonsgebonden- en leefstijlfactoren
- Bewegen
- Roken
- Alcohol
- Voeding
- Ontspanning
- Drugs
2. Fysieke omgevingsfactoren