objectieve testen
= auditieve functioneren van de patiënt te beoordelen
feit dat deze testprocedures geen betrouwbare gedragsmatige reacties van de
patiënt vereisen omdat ze gedetecteerd en opgemeten wordt door een meettoestel
Betrouwbare resultaten medewerking van de patiënt of als de patiënt verdoofd
wordt.
adequaat afnemen van objectieve testen een zekere mate van bekwaamheid en
ervaring vergt van de tester en dat er wel nog steeds een subjectieve analyse en
interpretatie wordt uitgevoerd door de audioloog
objectieve test GEEN werkelijke GEHOORTEST is, maar een fysiologische meting die
enkel informatie verschaft over het functioneren van een specifiek deel van het
auditieve systeem.
= crosscheck voor de subjectieve testen
combinatie met de anamnese, de subjectieve testen en/of medische
beeldvorming, geven de objectieve testen een volledig beeld over de problematiek
van de patiënt.
Onderverdeling objectieve testen
˫ elektro-akoestische testprocedures
o impedantiemetrie / immitantiemetrie
objectieve info over hoe middenoorsysteem werkt
o otoakoestische emissies
informatie over normale fysiologische werking van uitwendige
haarcellen id cochlea
˫ elektrofysiologische testprocedures
o met behulp van electroden die op het hoofd geplaatst worden neuro-
elekrtische activiteiten opmeten vd onderliggende structuren
vooral geinteresseerd in auditief geëvokeerde potentialen ( meer specifiek
ABR test ( auditory brainstem response ). ARB meet onderliggende neurale activiteit
vd n.VIII en hersenstam + gebruikt om neurale integriteit vd n. VIII te beoordelen +
objectieve manier drempels te bepalen bij baby’s
1
,OAEs en ABR test worden vaak ook gebruikt bij gehoorscreening bij baby’s
Immitantiemetrie
Inhoud
1. principe..................................................................................................................................................... 2
2. Impedantiemetrietesten........................................................................................................................... 3
2.1. Tympanometrie.................................................................................................................................. 3
2.1.1. Doel............................................................................................................................................. 3
2.1.2. principe....................................................................................................................................... 4
2.1.3. Materiaal..................................................................................................................................... 6
2.1.4. Afnamemethode......................................................................................................................... 7
2.1.5. Resultaten en interpretatie....................................................................................................... 11
2.2. akoestische reflexmeting.................................................................................................................. 17
2.2.1. De sTampediusreflex................................................................................................................. 18
2.2.2. Materiaal................................................................................................................................... 21
2.2.3. Afnamemethode....................................................................................................................... 22
2.2.4. Instructies aan de patiënt.......................................................................................................... 24
2.2.5. Resultaat en interpretatie......................................................................................................... 25
1. principe
2
,impedantiemetrie (Z) = het meten van impedantie weerstand die een systeem
biedt tegen het doorgeven van energie.
Akoestische impedantie (Za) ( ohm ) = Geluid, dat zich van de uitwendige
gehoorgang (gevuld met lucht) naar de cochlea (gevuld met perilymfe) verplaatst,
zal bij deze verplaatsing bijvoorbeeld een zekere impedantie ondervinden.
Geluidsoverdracht van lucht naar cochleaire perilymfe is erg inefficiënt
impedantie van de perilymfe in het binnenoor veel groter is dan die van lucht.
geluid rechtstreeks, zonder tussenkomst van het middenoor, van de uitwendige
gehoorgang naar het binnenoor zou worden doorgegeven, zou bijna 97% van de
aangeboden akoestische energie gereflecteerd worden.
gevoeligheidsverlies van 30dB
middenoor, dat deze impedantie-mismatch zal tegengaan. Dit gebeurt via drie
mechanismen (zie OPO Anatomie en Pathologie en OPO Akoestiek):
1. Hefboomwerking door het lengteverschil van de hamer en het aambeeld.
2. Conische vorm van het trommelvlies.
3. Drukverhogende werking door de verhouding van het effectieve oppervlakte
van het trommelvlies en de voetplaat van de stijgbeugel.
Met impedantiemetrie meten we dus indirect veranderingen in het conductieve deel
van het gehoororgaan op.
akoestische admittantie ( mho ) [(Ya)= 1/Za] = het gemak waarmee akoestische
energie door een systeem vloeit (omgekeerde van akoestische impedantie)
=compliantie (‘bereidheid’ van systeem om akoestische energie door te geven )
Akoestische impedantie + akoestische admittantie = akoestische
immitantie
2. Impedantiemetrietesten
2.1. Tympanometrie
2.1.1. Doel
3
, = uitspraak doen over de toestand van het middenoor: het vertelt ons iets over de
druk in de middenoorholte en de beweeglijkheid van het trommelvlies en de
gehoorbeentjesketen.
Wordt uitgevoerd bi vermoeden van middenoorprobleem :
˫ otoscopie (bv. bij een mat trommelvlies, wat kan wijzen op aanwezigheid van
vocht in het middenoor);
˫ de anamnese (bv. patiënt ervaart een drukgevoel in één of beide o(o)r(en));
˫ de resultaten op toonaudiometrie (bv. bij conductief of gemengd verlies).
Middenoorproblemen vooral manifesteren bij kinderen ( <6 jaar ) en personen met
een verstandelijke beperking tympanometrie w frequent uitgevoerd bij deze
populatie.
2.1.2. principe
adhv tympanometrie willen we de akoestische impedantie vh middenoor bestuderen
4
= auditieve functioneren van de patiënt te beoordelen
feit dat deze testprocedures geen betrouwbare gedragsmatige reacties van de
patiënt vereisen omdat ze gedetecteerd en opgemeten wordt door een meettoestel
Betrouwbare resultaten medewerking van de patiënt of als de patiënt verdoofd
wordt.
adequaat afnemen van objectieve testen een zekere mate van bekwaamheid en
ervaring vergt van de tester en dat er wel nog steeds een subjectieve analyse en
interpretatie wordt uitgevoerd door de audioloog
objectieve test GEEN werkelijke GEHOORTEST is, maar een fysiologische meting die
enkel informatie verschaft over het functioneren van een specifiek deel van het
auditieve systeem.
= crosscheck voor de subjectieve testen
combinatie met de anamnese, de subjectieve testen en/of medische
beeldvorming, geven de objectieve testen een volledig beeld over de problematiek
van de patiënt.
Onderverdeling objectieve testen
˫ elektro-akoestische testprocedures
o impedantiemetrie / immitantiemetrie
objectieve info over hoe middenoorsysteem werkt
o otoakoestische emissies
informatie over normale fysiologische werking van uitwendige
haarcellen id cochlea
˫ elektrofysiologische testprocedures
o met behulp van electroden die op het hoofd geplaatst worden neuro-
elekrtische activiteiten opmeten vd onderliggende structuren
vooral geinteresseerd in auditief geëvokeerde potentialen ( meer specifiek
ABR test ( auditory brainstem response ). ARB meet onderliggende neurale activiteit
vd n.VIII en hersenstam + gebruikt om neurale integriteit vd n. VIII te beoordelen +
objectieve manier drempels te bepalen bij baby’s
1
,OAEs en ABR test worden vaak ook gebruikt bij gehoorscreening bij baby’s
Immitantiemetrie
Inhoud
1. principe..................................................................................................................................................... 2
2. Impedantiemetrietesten........................................................................................................................... 3
2.1. Tympanometrie.................................................................................................................................. 3
2.1.1. Doel............................................................................................................................................. 3
2.1.2. principe....................................................................................................................................... 4
2.1.3. Materiaal..................................................................................................................................... 6
2.1.4. Afnamemethode......................................................................................................................... 7
2.1.5. Resultaten en interpretatie....................................................................................................... 11
2.2. akoestische reflexmeting.................................................................................................................. 17
2.2.1. De sTampediusreflex................................................................................................................. 18
2.2.2. Materiaal................................................................................................................................... 21
2.2.3. Afnamemethode....................................................................................................................... 22
2.2.4. Instructies aan de patiënt.......................................................................................................... 24
2.2.5. Resultaat en interpretatie......................................................................................................... 25
1. principe
2
,impedantiemetrie (Z) = het meten van impedantie weerstand die een systeem
biedt tegen het doorgeven van energie.
Akoestische impedantie (Za) ( ohm ) = Geluid, dat zich van de uitwendige
gehoorgang (gevuld met lucht) naar de cochlea (gevuld met perilymfe) verplaatst,
zal bij deze verplaatsing bijvoorbeeld een zekere impedantie ondervinden.
Geluidsoverdracht van lucht naar cochleaire perilymfe is erg inefficiënt
impedantie van de perilymfe in het binnenoor veel groter is dan die van lucht.
geluid rechtstreeks, zonder tussenkomst van het middenoor, van de uitwendige
gehoorgang naar het binnenoor zou worden doorgegeven, zou bijna 97% van de
aangeboden akoestische energie gereflecteerd worden.
gevoeligheidsverlies van 30dB
middenoor, dat deze impedantie-mismatch zal tegengaan. Dit gebeurt via drie
mechanismen (zie OPO Anatomie en Pathologie en OPO Akoestiek):
1. Hefboomwerking door het lengteverschil van de hamer en het aambeeld.
2. Conische vorm van het trommelvlies.
3. Drukverhogende werking door de verhouding van het effectieve oppervlakte
van het trommelvlies en de voetplaat van de stijgbeugel.
Met impedantiemetrie meten we dus indirect veranderingen in het conductieve deel
van het gehoororgaan op.
akoestische admittantie ( mho ) [(Ya)= 1/Za] = het gemak waarmee akoestische
energie door een systeem vloeit (omgekeerde van akoestische impedantie)
=compliantie (‘bereidheid’ van systeem om akoestische energie door te geven )
Akoestische impedantie + akoestische admittantie = akoestische
immitantie
2. Impedantiemetrietesten
2.1. Tympanometrie
2.1.1. Doel
3
, = uitspraak doen over de toestand van het middenoor: het vertelt ons iets over de
druk in de middenoorholte en de beweeglijkheid van het trommelvlies en de
gehoorbeentjesketen.
Wordt uitgevoerd bi vermoeden van middenoorprobleem :
˫ otoscopie (bv. bij een mat trommelvlies, wat kan wijzen op aanwezigheid van
vocht in het middenoor);
˫ de anamnese (bv. patiënt ervaart een drukgevoel in één of beide o(o)r(en));
˫ de resultaten op toonaudiometrie (bv. bij conductief of gemengd verlies).
Middenoorproblemen vooral manifesteren bij kinderen ( <6 jaar ) en personen met
een verstandelijke beperking tympanometrie w frequent uitgevoerd bij deze
populatie.
2.1.2. principe
adhv tympanometrie willen we de akoestische impedantie vh middenoor bestuderen
4