Ik heb een besluit op bezwaar geschreven obv van het bezwaarschrift. Dit is een volledig bob met alle wettelijke eisen. Ik heb ook besluit, bezwaarschrift en beroepsschrift geschreven.
Frietfabriek de Aardappel
Postbus 2
7440 AA Nijverdal Kenmerk : 1234
Onderwerp : Uitspraak op uw bezwaarschrift
Behandeld door : C. van Weynsbergen
E-mailadres : info@waterschapu.nl
Bijlage :
Utrecht, 30 november 2021
Onderwerp: Uitspraak op uw bezwaarschrift
Dagtekening boete: 10 november 2021
Bezwaarschriftnummer: 000012123.
Geachte heer, mevrouw,
U heeft op 15 november bezwaar aangetekend tegen het besluit van 10 november 2021 met nummer
1234. Ik heb uw bezwaarschrift op 15 november 2021 ontvangen.
Ontvankelijkheid:
Een bezwaarschrift is tijdig ingediend indien het voor het einde van de wettelijke termijn is ontvangen.
Uw bezwaarschrift is ingediend binnen de wettelijke termijn van zes weken na dagtekening van het
boetebesluit. Het bezwaar voldoet tevens aan de overige eisen van artikel 6:5 van de AWB. U bent
daarom ontvankelijk in uw bezwaar.
Besluit:
Ik verklaar uw bezwaarschrift tegen de vergrijpboete d.d. 10 november 2021 voor het lozen van
afvalwater buitenom de meetvoorzieningen ongegrond. Hieronder treft u aan op welke gronden wij tot
dit besluit gekomen zijn.
Bezwaargronden:
In uw bezwaarschrift geeft u de volgende punten aan:
§ U was in de periode dat er water buitenom de meetvoorzieningen werd afgevoerd geen
directeur van het bedrijf. U vindt het onterecht en onrechtmatig dat u wordt belast met de
boete die opgelegd is aan de Frietfabriek.
§ In het bezwaar beschrijft u dat er geen bewijsstukken bij het besluit zitten waaruit blijkt dat u
het vervuilde afvalwater heeft afgevoerd en waarop het Waterschap baseert dat specifiek uw
bedrijf dit vervuilde afvalwater heeft afgevoerd.
§ U geeft in het bezwaarschrift aan dat het bedrijf in volle ontwikkeling is. Er vinden
investeringen in machines plaats waardoor u aangeeft dat het ten onrechte is dat er wordt
gezegd dat het niet mee gaat met de tijd. Daarnaast geeft u aan dat u uw best doet om de
afvalwaterzuiveringsinstallatie zo goed mogelijk in orde te hebben.
§ U geeft in uw bezwaar aan dat u van mening bent dat de verklaring die afgegeven is door de
oud-directeur niet te vertrouwen is. U twijfelt daarnaast aan de handelingsbekwaamheid van
de oud-directeur door zijn ziekte. Ook geeft u aan dat u het juridisch niet juist vindt dat er door
één verklaring van opzet wordt uitgegaan. Ook beschrijft u in uw bezwaarschrift dat de oud-
directeur niet op zijn recht is gewezen. U doelt hierbij op het zwijgrecht. De cautie is naar uw
mening ten onrechte niet verleend aan de oud-directeur. U geeft daarom aan dat u vindt dat
, het bewijs onrechtmatig is. U verwijst hierbij naar de uitspraak van de Afdeling
bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling) van 21 augustus 2019,
ECLI:NL:RVS:2019:2801. U geeft aan dat in deze zaak de Afdeling een lijn kiest die zij eerder
in de rechtspraak al heeft voorgedaan. De Afdeling heeft overwogen in de uitspraak van 27
juni 2018, ECLI:NL:RVS:2018:2115, wat volgt uit artikel 5:10a van de Awb dat de cautieplicht
bestaat wanneer er naar objectieve maatstaven door een redelijk waarnemer kan worden
vastgesteld dat de betrokkene wordt verhoord met het oog op het aan hem opleggen van een
bestraffende sanctie. De Afdeling oordeelt daarnaast ook dat als er cautie achterwege blijft,
het kan dat de verklaring van de betrokkene in regel niet wordt gebruikt als bewijs voor de
feiten die aan de sanctie ten grondslag ligt.
§ Door bovengenoemde punten bent u van mening dat er geen sprake is van opzettelijk onjuist
of onvolledig aangifte te doen omdat u niet op de hoogte bent/was van het lozen van vervuild
water. Daarnaast geeft u aan dat u en de oud-directeur nooit op de hoogte zijn gesteld van de
wettelijke vereisten voor een goed en zuiver afvalwaterzuiveringsinstallatie.
§ Als laatste punt geeft u in het bezwaar aan dat u de boete en het besluit in strijd acht met een
algemeen beginsel van behoorlijk bestuur. U voert hier artikel 3:4 van de AWB j.o. 5:46 lid 2
van de AWB aan. U geeft aan dat het onevenredig is omdat de boete niet in verhouding staat
met wat het Waterschap wenst te bereiken. U geeft hierbij ook aan dat u er niet van op de
hoogte ben op welke of op wat voor grond de vergrijpboete aan uw bedrijf wordt opgelegd.
Tijdens de hoorzitting op 12 december 2021 heeft u aangegeven dat u de boete onterecht vindt. U
heeft hierbij nogmaals aangegeven dat er geen sprake is van opzet en u wilt dat de boete verminderd
wordt. Bij het horen heeft u nadrukkelijk om de wettelijke vereisten gevraagd zodat u daaraan kan
voldoen.
U heeft voorafgaand en tijdens de hoorzitting op 12 december 2021 de kans gekregen om de stukken
in te zien op grond van Art 7:9 lid 2 j.o. 5:49 van de AWB. U heeft van dit recht gebruik gemaakt.
Overwegingen ten aanzien van het bezwaar:
Naar aanleiding van het door u ingediende bezwaarschrift is de opgelegde boete opnieuw beoordeeld.
Uit onderzoek blijkt:
§ De boete wordt niet aan één of meerdere bestuursleden maar aan de gehele fabriek opgelegd
op grond van artikel 5:1 van de AWB. De overtreder wordt belast met de boete, een
overtreder kan een natuurlijk persoon of een rechtspersoon zijn. U heeft de fabriek
overgenomen als bestuurder, vandaar dat u bent aangeschreven door het Waterschap voor
de vergrijpboete die is opgelegd aan de gehele fabriek. De boete is evenwel niet aan u
opgelegd.
§ Tijdens de hoorzitting van 12 december 2021 heeft u gebruik gemaakt van het zogeheten
inzagerecht. U heeft de stukken ingezien waarop wij de boete baseren. Uit deze stukken blijkt
waarom wij specifiek uw bedrijf aanschrijven en de boete niet aan een ander bedrijf hebben
opgelegd die wellicht ook zetmeel kan produceren. Dit is dus niet op basis van dat u alleen
een aardappelfabriek heeft en u dus alleen maar wordt aangeschreven. Door deze
aangeleverde stukken concluderen wij dat er sprake is van bewijs voor de boete. Daarnaast is
dit bewijs zorgvuldig bekeken.
Gelet op bovenstaand punt hebben wij externe partijen in de arm genomen. Deze externe
partijen hebben rapporten, metingen, bemonsteringen en analyse opgevraagd en deze
nagelopen binnen verschillende periodes. Uit deze gegevens is geconcludeerd dat het om
aardappelzetmeel gaat. Deze vervuilingseenheden zijn enorm hoog bij het aangetroffen
vervuild water, wat van uw bedrijf afkomstig is.
• U stelt nieuw apparatuur aangeschaft te hebben, dit is al een goede stap. Echter blijkt uit de
verslagen, die wij in ons bezit hebben, dat er met extreem verouderde machines gewerkt
wordt. Het kan zijn dat u nu nieuw apparatuur heeft aangeschaft. Wat daar ook van zij,
hiermee erkent u in feite dat u ten tijde van de periode waarover de boete is opgelegd, gebruik
maakte van apparatuur dat niet voldeed aan de wettelijke vereisten.
The benefits of buying summaries with Stuvia:
Guaranteed quality through customer reviews
Stuvia customers have reviewed more than 700,000 summaries. This how you know that you are buying the best documents.
Quick and easy check-out
You can quickly pay through credit card or Stuvia-credit for the summaries. There is no membership needed.
Focus on what matters
Your fellow students write the study notes themselves, which is why the documents are always reliable and up-to-date. This ensures you quickly get to the core!
Frequently asked questions
What do I get when I buy this document?
You get a PDF, available immediately after your purchase. The purchased document is accessible anytime, anywhere and indefinitely through your profile.
Satisfaction guarantee: how does it work?
Our satisfaction guarantee ensures that you always find a study document that suits you well. You fill out a form, and our customer service team takes care of the rest.
Who am I buying these notes from?
Stuvia is a marketplace, so you are not buying this document from us, but from seller ChristinevW. Stuvia facilitates payment to the seller.
Will I be stuck with a subscription?
No, you only buy these notes for $6.88. You're not tied to anything after your purchase.