Staatsrecht 1 – Beginselen van het Nederlandse staatsrecht H4
Inleiding:
Raad van Europa 47 lidstaten
o Invloed op het terrein van grondrechten
Europese Unie 27 lidstaten
o Invloed op het hele staatsrecht
Geschiedenis:
Idee: economische samenwerking verkleinen kans militair conflict
EU is voortgekomen uit drie verdragen:
o Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal
(EGKS) (1951)
o Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie
(Euratom) (1957)
o Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap (EEG)
(1957)
Fusieverdrag (1965) de drie bestaande gemeenschappen krijgen dezelfde
instellingen, ‘fuseren’
Europese Akte (1986) samenwerking binnen het kader van de Europese
gemeenschappen gerealiseerd
o Doel: interne markt tot stand brengen
Ruimte zonder binnengrenzen waarin het vrije verkeer van goederen,
personen, diensten en kapitaal is gewaarborgd
o Ook: samenwerking op gebied van buitenlandse politiek
Verdrag van Maastricht (1992) oprichting Europese Unie, rustend op 3 pijlers:
o De drie Europese gemeenschappen
o Samenwerking op het terrein van het gemeenschappelijk buitenlands en
veiligheidsbeleid
o Samenwerking met betrekking tot justitie en binnenlandse zaken
Verdrag van Amsterdam (1997) + Verdrag van Nice (2001) handhaven
driepijlerstructuur
2004: Verdrag tot vaststelling van een Europese Grondwet ondertekend, maar
inwerkingtreding heeft nooit plaatsgevonden (!), want:
o Bij referenda Frankrijk en Nederland afgewezen
Verdrag van Lissabon (2007) ‘opvolger’ Europese Grondwet; grenzen en
bevoegdheden Unie gemarkeerd, rol nationale parlementen in de EU versterkt
o Gevolg: EU-recht gebaseerd op VEU en VwEU
Lidstaten:
1958 Frankrijk, Duitsland, Italië, Benelux
1973 Verenigd Koninkrijk, Ierland en Denemarken
1981 Griekenland
1986 Spanje en Portugal
1995 Zweden, Finland en Oostenrijk
2004 Cyprus, Estland, Letland, Litouwen, Hongarije, Malta, Polen, Slowakije,
Slovenië en Tsjechië
2007 Bulgarije en Roemenië
2013 Kroatië
Inleiding:
Raad van Europa 47 lidstaten
o Invloed op het terrein van grondrechten
Europese Unie 27 lidstaten
o Invloed op het hele staatsrecht
Geschiedenis:
Idee: economische samenwerking verkleinen kans militair conflict
EU is voortgekomen uit drie verdragen:
o Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal
(EGKS) (1951)
o Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie
(Euratom) (1957)
o Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap (EEG)
(1957)
Fusieverdrag (1965) de drie bestaande gemeenschappen krijgen dezelfde
instellingen, ‘fuseren’
Europese Akte (1986) samenwerking binnen het kader van de Europese
gemeenschappen gerealiseerd
o Doel: interne markt tot stand brengen
Ruimte zonder binnengrenzen waarin het vrije verkeer van goederen,
personen, diensten en kapitaal is gewaarborgd
o Ook: samenwerking op gebied van buitenlandse politiek
Verdrag van Maastricht (1992) oprichting Europese Unie, rustend op 3 pijlers:
o De drie Europese gemeenschappen
o Samenwerking op het terrein van het gemeenschappelijk buitenlands en
veiligheidsbeleid
o Samenwerking met betrekking tot justitie en binnenlandse zaken
Verdrag van Amsterdam (1997) + Verdrag van Nice (2001) handhaven
driepijlerstructuur
2004: Verdrag tot vaststelling van een Europese Grondwet ondertekend, maar
inwerkingtreding heeft nooit plaatsgevonden (!), want:
o Bij referenda Frankrijk en Nederland afgewezen
Verdrag van Lissabon (2007) ‘opvolger’ Europese Grondwet; grenzen en
bevoegdheden Unie gemarkeerd, rol nationale parlementen in de EU versterkt
o Gevolg: EU-recht gebaseerd op VEU en VwEU
Lidstaten:
1958 Frankrijk, Duitsland, Italië, Benelux
1973 Verenigd Koninkrijk, Ierland en Denemarken
1981 Griekenland
1986 Spanje en Portugal
1995 Zweden, Finland en Oostenrijk
2004 Cyprus, Estland, Letland, Litouwen, Hongarije, Malta, Polen, Slowakije,
Slovenië en Tsjechië
2007 Bulgarije en Roemenië
2013 Kroatië