Open vragen anatomie
- Geef een schematisch overzicht van de plexus brachialis (of sacralis, lumbalis,
lumbosacralis
- Geef een schematisch overzicht van de overgang centraal zenuwstelsel
(ruggenmerg) – perifeer zenuwstelsel en de opbouw van de spinale zenuw
- Welke spieren van de autochtone rugmusculatuur (mediale tractus) behoren tot
het transversospinaal systeem?
- Mm. Rotators breves en longi
M. multifidus
M. semispinales
(innervatie ramus dorsalis van de spinale zenuwen)
- Geef de taken van de buikwandspieren.
aanspanning van buikwand en buikpers
Stabilisatie en ontlasting van de wervelkolom
Bewegingen van romp en bekken
Ondersteuning van de ademhaling
- Welke zijn de spieren die behoren tot de rotatorenmanchet van de schouder?
M. subscapularis (n. subscapularis)
M. supraspinatus (n. suprascapularis)
M. infraspinatus (n. suprascapularis)
M. teres minor (n. axillaris)
- Geef de spieren die behoren tot de bovenbeenmusculatuur en die zorgen voor
knieflexie.
M. semimembranosus ( n. tibilais)
, M. semitendinosus (n. tibialis)
M. popliteus (n. tibialis)
M. biceps femoris ( n. fibulairs commuris)
- Beschrijf de bewegingen van het temporomandibulair gewricht en de betrokken
spieren.
- Welke spieren behoren tot de “hamstrings” of ischiocrurale spieren? Geef de
naam innervatie functie
m. biceps femoris n. fibularis communis Heupgewricht: extensie
en stabilisatie van het
bekken in sagittale vlak
Kniegewricht: flexie en
exorotatie
m. semimembranosus n. tibialis Heupgewricht: extensie
en stabilisatie van het
bekken in sagittale vlak
Kniegewricht: flexie en
endorotatie
m. senitendinosus n. tibialis Heupgewricht: extensie
en stabilisatie van het
bekken in sagittale vlak
Kniegewricht: flexie en
endorotatie
m. popliteus n. tibialis Kniegewricht: flexie en
endorotatie
- benaming als ook de innervatie en de voornaamste functie van deze spiergroep.
- De m. deltoideus heeft een verschillende functie naargelang de stand van het
schoudergewricht. Leg uit.
Pars clavicularis: anteversie, endorotatie, adductie
Pars acrominalis: abductie
Pars spinalis: retroversie, exorotatie, adductie
Tussen 60 en 90 abductie ondersteuenen het claviculaire en het spinale gedeelte de
pars acromialis bij de abductie
- Geef een schematisch overzicht van de plexus brachialis (of sacralis, lumbalis,
lumbosacralis
- Geef een schematisch overzicht van de overgang centraal zenuwstelsel
(ruggenmerg) – perifeer zenuwstelsel en de opbouw van de spinale zenuw
- Welke spieren van de autochtone rugmusculatuur (mediale tractus) behoren tot
het transversospinaal systeem?
- Mm. Rotators breves en longi
M. multifidus
M. semispinales
(innervatie ramus dorsalis van de spinale zenuwen)
- Geef de taken van de buikwandspieren.
aanspanning van buikwand en buikpers
Stabilisatie en ontlasting van de wervelkolom
Bewegingen van romp en bekken
Ondersteuning van de ademhaling
- Welke zijn de spieren die behoren tot de rotatorenmanchet van de schouder?
M. subscapularis (n. subscapularis)
M. supraspinatus (n. suprascapularis)
M. infraspinatus (n. suprascapularis)
M. teres minor (n. axillaris)
- Geef de spieren die behoren tot de bovenbeenmusculatuur en die zorgen voor
knieflexie.
M. semimembranosus ( n. tibilais)
, M. semitendinosus (n. tibialis)
M. popliteus (n. tibialis)
M. biceps femoris ( n. fibulairs commuris)
- Beschrijf de bewegingen van het temporomandibulair gewricht en de betrokken
spieren.
- Welke spieren behoren tot de “hamstrings” of ischiocrurale spieren? Geef de
naam innervatie functie
m. biceps femoris n. fibularis communis Heupgewricht: extensie
en stabilisatie van het
bekken in sagittale vlak
Kniegewricht: flexie en
exorotatie
m. semimembranosus n. tibialis Heupgewricht: extensie
en stabilisatie van het
bekken in sagittale vlak
Kniegewricht: flexie en
endorotatie
m. senitendinosus n. tibialis Heupgewricht: extensie
en stabilisatie van het
bekken in sagittale vlak
Kniegewricht: flexie en
endorotatie
m. popliteus n. tibialis Kniegewricht: flexie en
endorotatie
- benaming als ook de innervatie en de voornaamste functie van deze spiergroep.
- De m. deltoideus heeft een verschillende functie naargelang de stand van het
schoudergewricht. Leg uit.
Pars clavicularis: anteversie, endorotatie, adductie
Pars acrominalis: abductie
Pars spinalis: retroversie, exorotatie, adductie
Tussen 60 en 90 abductie ondersteuenen het claviculaire en het spinale gedeelte de
pars acromialis bij de abductie