Psychological Science Michael S. Gazzaniga
Hoofdstuk 7. Memory
Belangrijke begrippen + Samenvatting
, Hoofdstuk 7. Memory
Memory: het vermogen van het zenuwstelsel om vaardigheden en kennis vast te houden en op te
halen
Encoding: het verwerken van informatie zodat deze kan worden opgeslagen
Storage: het bewaren van gecodeerde representaties
Consolidation: het neurale proces waardoor gecodeerde informatie in het geheugen wordt
opgeslagen
Retrieval: de handeling van het oproepen of onthouden van opgeslagen informatie wanneer dat nodig
is
Reconsolidation: neurale processen die betrokken zijn wanneer herinneringen worden opgeroepen
en vervolgens opnieuw worden opgeslagen om weer op te halen
Long-term potentiation (LTP): versterking van een synaptische verbinding, waardoor de
postsynaptische neuronen gemakkelijker geactiveerd kunnen worden door presynaptische neuronen
Sensory memory: een geheugensysteem dat heel kort zintuiglijke informatie opslaat in de buurt van
zijn oorspronkelijke zintuiglijke vorm
Short-term memory: een geheugenopslagsysteem dat kortstondig een beperkte hoeveelheid
informatie in het bewustzijn vasthoudt
Working memory: een actief verwerkingssysteem dat verschillende soorten informatie beschikbaar
houdt voor actueel gebruik
Chunking: het organiseren van informatie in betekenisvolle eenheden om het gemakkelijker te
onthouden
Long-term memory: de relatief permanente opslag van informatie
Serial position effect: het idee dat het vermogen om items uit een lijst terug te halen, afhangt van de
volgorde van presentatie, waarbij items die vroeg of laat in de lijst worden gepresenteerd beter
worden onthouden dan items in het midden
Schemas: cognitieve structuren in het langetermijngeheugen die ons helpen informatie waar te
nemen, te organiseren, te verwerken en te gebruiken
Retrieval cue: elke stimulus die het geheugen verhoogt
Encoding specificity principe: het idee dat elke stimulus die samen met een ervaring wordt
gecodeerd, later een herinnering aan de ervaring kan oproepen
Prospective memory: onthouden om iets in de toekomst te doen
Mnemonics (geheugensteuntjes): leerhulpmiddelen of strategieën die het herinneren verbeteren
door het gebruik van ophaalcues
Hoofdstuk 7. Memory
Belangrijke begrippen + Samenvatting
, Hoofdstuk 7. Memory
Memory: het vermogen van het zenuwstelsel om vaardigheden en kennis vast te houden en op te
halen
Encoding: het verwerken van informatie zodat deze kan worden opgeslagen
Storage: het bewaren van gecodeerde representaties
Consolidation: het neurale proces waardoor gecodeerde informatie in het geheugen wordt
opgeslagen
Retrieval: de handeling van het oproepen of onthouden van opgeslagen informatie wanneer dat nodig
is
Reconsolidation: neurale processen die betrokken zijn wanneer herinneringen worden opgeroepen
en vervolgens opnieuw worden opgeslagen om weer op te halen
Long-term potentiation (LTP): versterking van een synaptische verbinding, waardoor de
postsynaptische neuronen gemakkelijker geactiveerd kunnen worden door presynaptische neuronen
Sensory memory: een geheugensysteem dat heel kort zintuiglijke informatie opslaat in de buurt van
zijn oorspronkelijke zintuiglijke vorm
Short-term memory: een geheugenopslagsysteem dat kortstondig een beperkte hoeveelheid
informatie in het bewustzijn vasthoudt
Working memory: een actief verwerkingssysteem dat verschillende soorten informatie beschikbaar
houdt voor actueel gebruik
Chunking: het organiseren van informatie in betekenisvolle eenheden om het gemakkelijker te
onthouden
Long-term memory: de relatief permanente opslag van informatie
Serial position effect: het idee dat het vermogen om items uit een lijst terug te halen, afhangt van de
volgorde van presentatie, waarbij items die vroeg of laat in de lijst worden gepresenteerd beter
worden onthouden dan items in het midden
Schemas: cognitieve structuren in het langetermijngeheugen die ons helpen informatie waar te
nemen, te organiseren, te verwerken en te gebruiken
Retrieval cue: elke stimulus die het geheugen verhoogt
Encoding specificity principe: het idee dat elke stimulus die samen met een ervaring wordt
gecodeerd, later een herinnering aan de ervaring kan oproepen
Prospective memory: onthouden om iets in de toekomst te doen
Mnemonics (geheugensteuntjes): leerhulpmiddelen of strategieën die het herinneren verbeteren
door het gebruik van ophaalcues