100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached
logo-home
Samenvatting Leerdoelen thema 11 $5.83
Add to cart

Summary

Samenvatting Leerdoelen thema 11

 154 views  10 purchases
  • Course
  • Institution

Alle leerdoelen thema 11 Thim van der Laan

Preview 4 out of 49  pages

  • November 9, 2017
  • 49
  • 2016/2017
  • Summary
avatar-seller
Leerdoelen thema 11
De student kan de werking van het centraal zenuwstelsel beschrijven bij alledaagse handelingen en
bij het waarnemen

Het centrale zenuwstelsel omvat de hersenen en het ruggenmerg. Het is het deel van het
zenuwstelsel dat een benig omhulsel heeft. Het andere deel is het perifere zenuwstelsel. Het
zenuwstelsel is als volgt in te delen:

Het ruggenmerg is het meest caudale deel van het CZS. Het ruggenmerg ontvangt en verwerkt
sensorische informatie die afkomstig is van de huid, gewrichten en de spieren van het lichaam en
stuurt ook de bewegingen van de ledematen en het torso aan.

Het verlengde merg ligt direct boven het ruggenmerg en
bevat verschillende centra die verantwoordelijk zijn voor
vitale autonome functies. Het verlengde ruggenmerg heet
ook wel de medulla oblongata.

De pons ligt boven het verlengde merg en stuurt
informatie over beweging door van de cerebrale
hemisferen naar het cerebellum. Het is een verbinding
tussen de grote en kleine hersenen

Het cerebellum ligt achter de pons en moduleert de kracht en het bereik van bewegingen. Het
cerebellum is betrokken bij het leren van motorische vaardigheden.

Het mesencephalon ofwel de middenhersenen is het deel van de hersenen dat zich in het bovenste
deel van de hersenstam bevindt. Het heeft als functies de regulatie van de zintuigelijke en motorische
functies, visuele en auditieve reflexen, pupilverwijding en het gehoor.

Het diencephalon ligt aan de middenhersenen en bevat twee structuren namelijk de thalamus (speelt
een belangrijke rol bij de selectie van prikkels die doorgegeven moeten worden aan de verschillende
delen van de hersenschors; de thalamus wordt daarom wel aangeduid als de 'poort naar de
hersenschors') en de hypothalamus (regelcentrum dat zorgt voor het handhaven van het interne
milieu ook wel homeostase)

De grotehersenhelften bestaan uit de cortex cerebri met drie dieper gelegen structuren namelijk:

 Basale ganglia = controleren van bewegingen, maar ook motivatie en beloning
 Hippocampus = opslag van informatie in het geheugen, de ruimtelijke orientatie en het
controleren van het gedrag dat van belang is voor de overleving.
 Amygdala = alarm centrale van de hersenen

Verder zijn er nog een aantal belangrijke structuren namelijk:

 Corpus callosum = verbinding tussen de twee hersenhelften
 Gyrus pre-/postcentralis = pre centralis is motorische aansturing, post centralis is de ingang
van de sensoriek
 Hypofyse = de schakel tussen het centrale zenuwstelsel en het hormoonstelsel

,De student kan beschrijven wat er gebeurt bij uitval van een van de structuren van het centraal
zenuwstelsel die een rol spelen bij de normale motoriek

Om te beginnen moet je weten wat het verschil is tussen een centraal motorisch neuron en een
perifeer motorisch neuron. Een spier wordt aangestuurd door een perifere zenuw waarvan het
cellichaam zich in de voorhoorn van het ruggenmerg bevindt. Een zenuwcel en voorhoorncel samen
heten een perifere motorische neuron. Het perifere motorische neuron werkt niet op zichzelf maar is
een onderdeel van een reflexboog. Hier is het perifere motorische neuron het uitvoerend (efferente)
deel, en een sensibele zenuw het invoerende (afferente) deel.

Een centraal motorisch neuron is de piramidebaan, wat ook wel de tractus corticospinalis wordt
genoemd. De reflexboog zorgt voor reflexmatige bewegingen, dit zijn houterige spastische
bewegingspatronen. Deze worden gemoduleerd door de tractus corticospinalis, ook wel het centraal
motorische neuron genoemd. Deze komt vanuit de hersenschors en beïnvloedt (vooral remmend) de
reflex.

Zodra er centraal een probleem zit zoals bij uitval van de tractus corticospinalis is de spinale
reflexboog niet meer gemoduleerd maar ontremd, hierdoor treden er hoge reflexen op. Er treedt dus
een schijnbaar paradoxale situatie op waarbij een spier niet goed bewogen kan worden, maar
tegelijkertijd een hoge reflexreactie heeft; dit heet een centrale verlamming en ontstaat er dus een
spasticiteit.

Bij een afwijking van het perifere circuit zijn de spierrekkingsreflexen laag; dit is een perifere
verlamming. Op die manier zijn spinale spierrekkingsreflexen nuttig bij de diagnostiek van motorisch
uitval.

Wanneer er dus uitval is van het centraal motorisch neuron zal het ruggenmerg spontaan te werk
gaan, dan treedt er dus een verhoging op van de spierrekkingsreflexen en ook van de spierspanning;
dat heet spasticiteit. Bij een centrale verlamming kan de spier wel reflexmatig weerstand bieden,
maar de willekeurige motoriek is gestoord. Men noemt een centrale verlamming dan ook wel een
spastische parese. Het is dan alleen niet zo dat er altijd een tonus verhoging aanwezig is bij een
aandoening aan het centraal motorisch neuron, in de acute fase kan tonusverhoging ontbreken.

,De student kan de symptomen van een hersenbeschadiging indelen in een van de drie
stoornisgroepen

Wat is het gevolg van een CVA, als jij je cortex beschadigt wat voor gevolg heeft dat voor verandering
op jou persoonlijk leven. Deze zijn opgedeeld in 3 verschillende delen. Dit is alleen bij een bloeding in
de cortex (de buitenste laag van de hersenen). Als fysiotherapeut kan je alleen wat behandelen aan
de eerste twee kolommen. De laatste kan je niks aan veranderen maar je moet er wel rekening mee
houden.




De eerste groep stoornissen zie je meteen aan de persoon dat er iets aan de hand is. Je ziet dit aan de
motoriek en/of aan de sensoriek.

 Een parese (plegie) is een onvolledige verlamming, een hemiparese is een onvolledige
halfzijdige verlamming. Deze mensen kunnen last hebben van een spastischiteit. Een
volledige verlamming is een paralyse, dit houdt in dat er geen aansturing mogelijk meer is.
 Anesthesie = niet meer voelen, je wordt dus gevoelloos aan een zijde bijvoorbeeld
 Anopsie = niet meer kunnen zien.

De tweede groep stoornissen gaat veel meer om verwerking van een prikkel. De prikkel komt wel
binnen.

 Afasie = een taalstoornis, niet alleen het praten maar ook het lezen, luisteren etc. Er zijn twee
soorten afasie, namelijk wernicke, dit is een waterval van woorden. Brocca is dat je niet meer
goed een normale zin kan verwoorden, de zin slaat nog wel ergens op maar het gaat
happerig.
 Agnosie = herkenningsstoornis, je kan bijvoorbeeld bij een vorm hiervan geen gezichten
meer kan herkennen
 Apraxie = een bewegingsstoornis, je hebt een stoornis in het handelen
 Neglect = een stoornis waarbij de helft van de kamer of lichaam wordt genegeerd.




De student kan beredeneren welke symptomen er ontstaan als gevolg van uitval van een
hersenstructuur of hersengebied en vanuit de symptomen herkennen welke hemisfeer is
aangedaan.

, Wat zijn de functies van de verschillende hemisferen:

Linker hemisfeer heeft als functies: taal, aansturing van de motoriek van de rechter kant en de
sensoriek krijgt hij binnen van de rechter kant, de linker helft zorgt voor het hier en nu, de details,
analyse, structuur, etc.

Rechter hemisfeer heeft als functies: de creativiteit, ruimtelijke ordening (waar jij je bevindt in de
ruimte), het hele plaatje, aansturen van de linker motoriek en de sensorische info van de linker zijde
van het lichaam.

Hersen lobe sensorische functies:

 Frontale lobe; ruiken, proeven, horen, gedeeltelijk geheugen
 Occipitale lobe; zien
 Parietale lobe; somatosensorische informatie (soma betekent lichaam), hier komt de
informatie binnen over het lichaam, denk hier aan proprioseptie, pijn, fijne en grove
sensorische informatie.
 Temporale lobe; luisteren
 Prefrontaal; motivatie en geheugen

Linkszijdige hemisfeerlaesie -> bij sensomotorisch kan je problemen ondervinden in de sensoriek en
motoriek aan de rechter kant van het lichaam. Hierbij kan je een parese, anesthesie en anopsie
tegenkomen. De neuropsychologische aandoening aan de linker hersenhelft kan je onder verstaan;
afasie (van wernicke en brocka). Een typerend neurologisch verschijnsel voor links is depressie, terug
getrokken of onzeker persoon, catastroferen en de patiënt is heel erg bewust van zijn beperkingen en
het gevolg hiervan zal hij veel meer negatieve gevoelens hebben.

Paralyse is geen hersenaandoening, dit is echt een zenuwaandoening

Als er een leasie is te vinden in de rechter occipitalis kom je sensomotorisch een hemi-anopsie, hemi-
parese en/of een hemi-anesthesie tegen. Neuropsychologisch probleem typerend voor rechts is een
neglect. Neurologisch typerend voor rechts is zelf overschatting, heeft niet goed door dat hij een
aandoening heeft en wat zijn beperkingen zijn.

Andere neuropsychologische aandoeningen voor beide kanten zijn agnosie en apraxie




De student kan aan de hand van de symptomen na hersenzenuwbeschadiging analyseren welke
hersenzenuw is aangedaan

The benefits of buying summaries with Stuvia:

Guaranteed quality through customer reviews

Guaranteed quality through customer reviews

Stuvia customers have reviewed more than 700,000 summaries. This how you know that you are buying the best documents.

Quick and easy check-out

Quick and easy check-out

You can quickly pay through credit card or Stuvia-credit for the summaries. There is no membership needed.

Focus on what matters

Focus on what matters

Your fellow students write the study notes themselves, which is why the documents are always reliable and up-to-date. This ensures you quickly get to the core!

Frequently asked questions

What do I get when I buy this document?

You get a PDF, available immediately after your purchase. The purchased document is accessible anytime, anywhere and indefinitely through your profile.

Satisfaction guarantee: how does it work?

Our satisfaction guarantee ensures that you always find a study document that suits you well. You fill out a form, and our customer service team takes care of the rest.

Who am I buying these notes from?

Stuvia is a marketplace, so you are not buying this document from us, but from seller Rolf1995. Stuvia facilitates payment to the seller.

Will I be stuck with a subscription?

No, you only buy these notes for $5.83. You're not tied to anything after your purchase.

Can Stuvia be trusted?

4.6 stars on Google & Trustpilot (+1000 reviews)

48072 documents were sold in the last 30 days

Founded in 2010, the go-to place to buy study notes for 15 years now

Start selling
$5.83  10x  sold
  • (0)
Add to cart
Added