HC 1.3.02 Arbeid, een kader
1 inleiding
2 kanten van arbeid =
Labor Opus
= werk als last en belasting dus als probleem = werk als resultaat, uitdaging en
Negatief zelfverwerkelijking, mogelijkheden
Positief
Nederlandse filosoof Achterhuis: arbeid = eigenaardig medicijn want je kan ziek van worden (labor)
maar ook beter (opus)
Arbeid?
• Definieert je als volwassene
▫ Vb.: “Wat voor werk doe je?” “Wat doe je tegenwoordig?” = vaak gestelde vraag
• Betaalde arbeid = belangrijk onderdeel van identiteit --> dus geeft info over wie je bent, over
je “zijn, als het ware een sociale status determinant
▫ Vb.: ergotherapeut vs computeranalyst
▫ Vb.: arts vs verpleegkundige
▫ Andere statuselementen toedienen aan vrachtwagenchauffeur en een CEO
• Betekenis die mensen geven aan arbeid w o.a. bepaald door
▫ Loon, aantal werkuren, arbeidsomstandigheden, appreciatie en status v/d arbeid
▫ OZ aangetoond: jobs (hoog op statusladder) = interessanter en uitdagender dan jobs
(laag op statusladder)
• Job betekent loon, dus geld om consumptiegoederen en diensten te ku
aankopen/verwerven --> veruitwendigen v/d sociale status
• Job betekent ook onafhankelijkheid (loskomen v ouders – transitie naar volwassenheid)
• Job biedt sociaal kader
▫ Mensen leren kennen
▫ Vrienden maken
▫ Structureert dag
• Job is psychologische noodzakelijkheid
▫ Zonder job voelt men zich gemarginaliseerd
▫ Uitgesloten uit samenleving
▫ Alles is beter dan geen werk
2 recht op arbeid
Het recht op arbeid zoals staat in Universele Verklaring
• “Eén ieder heeft recht op arbeid, op de vrije keuze van zijn arbeid, eerlijke
arbeidsvoorwaarden en op bescherming tegen werkloosheid.
• Iedereen, zonder enig onderscheid, hebben het recht op gelijk loon voor gelijke arbeid.
• Al wie arbeidt, heeft recht op een eerlijke en toereikende vergoeding die hem alsmede zijn
gezin een bestaan verzekert dat overeenkomt met de menselijke waardigheid, en die, indien
nodig, wordt aangevuld door alle andere middelen van sociale bescherming.”
, 3 arbeid en niet – arbeid
Definitie arbeid
1. Elke doelmatige bezigheid, welke weliswaar door het individu wordt verricht, maar die door
derden zou kunnen worden overgenomen en die middelen verschaft voor de bevrediging
van maatschappelijk erkende behoeften. (WRR, 1981)
2. Het verrichten van taken die nuttig zijn voor de mensen die ze uitvoeren, voor hun naaste
omgeving en voor de maatschappij.
3. Gestructureerde, doelgericht activiteit met een zeker verplichtend karakter, waarbij een
materiële surplus geproduceerd wordt
Niet-arbeid (niet betaalde productiviteit voor gemeenschap)
• Heel wat andere activiteiten zoals opvoeden van kinderen, hulp aan ouderen, sociaal
engagement
• Ook van belang voor samenleving
• Sociale niet-arbeid
▫ Voor gemeenschap (vb. Een zelfhulpgroep leiden)
▫ Voor gezin (vb. Kinderen opvoeden)
▫ Voor opleiding (vb. Studeren)
• Individuele niet-arbeid
▫ Louter voor persoonlijk nut (vb. Naaien voor tafelkleed)
4 functies van arbeid
2 functies van arbeid:
1 manifeste functie
• Typisch voor betaalde arbeid
• Geld verdienen
2 latente functie
• Eigen aan vele vormen van arbeid (ook niet-betaalde arbeid)
• Micro niveau/ individuele niveau
▫ Arbeid structureert tijd van individuen
▫ Belangrijk bron van sociale contacten en ervaringen
1 inleiding
2 kanten van arbeid =
Labor Opus
= werk als last en belasting dus als probleem = werk als resultaat, uitdaging en
Negatief zelfverwerkelijking, mogelijkheden
Positief
Nederlandse filosoof Achterhuis: arbeid = eigenaardig medicijn want je kan ziek van worden (labor)
maar ook beter (opus)
Arbeid?
• Definieert je als volwassene
▫ Vb.: “Wat voor werk doe je?” “Wat doe je tegenwoordig?” = vaak gestelde vraag
• Betaalde arbeid = belangrijk onderdeel van identiteit --> dus geeft info over wie je bent, over
je “zijn, als het ware een sociale status determinant
▫ Vb.: ergotherapeut vs computeranalyst
▫ Vb.: arts vs verpleegkundige
▫ Andere statuselementen toedienen aan vrachtwagenchauffeur en een CEO
• Betekenis die mensen geven aan arbeid w o.a. bepaald door
▫ Loon, aantal werkuren, arbeidsomstandigheden, appreciatie en status v/d arbeid
▫ OZ aangetoond: jobs (hoog op statusladder) = interessanter en uitdagender dan jobs
(laag op statusladder)
• Job betekent loon, dus geld om consumptiegoederen en diensten te ku
aankopen/verwerven --> veruitwendigen v/d sociale status
• Job betekent ook onafhankelijkheid (loskomen v ouders – transitie naar volwassenheid)
• Job biedt sociaal kader
▫ Mensen leren kennen
▫ Vrienden maken
▫ Structureert dag
• Job is psychologische noodzakelijkheid
▫ Zonder job voelt men zich gemarginaliseerd
▫ Uitgesloten uit samenleving
▫ Alles is beter dan geen werk
2 recht op arbeid
Het recht op arbeid zoals staat in Universele Verklaring
• “Eén ieder heeft recht op arbeid, op de vrije keuze van zijn arbeid, eerlijke
arbeidsvoorwaarden en op bescherming tegen werkloosheid.
• Iedereen, zonder enig onderscheid, hebben het recht op gelijk loon voor gelijke arbeid.
• Al wie arbeidt, heeft recht op een eerlijke en toereikende vergoeding die hem alsmede zijn
gezin een bestaan verzekert dat overeenkomt met de menselijke waardigheid, en die, indien
nodig, wordt aangevuld door alle andere middelen van sociale bescherming.”
, 3 arbeid en niet – arbeid
Definitie arbeid
1. Elke doelmatige bezigheid, welke weliswaar door het individu wordt verricht, maar die door
derden zou kunnen worden overgenomen en die middelen verschaft voor de bevrediging
van maatschappelijk erkende behoeften. (WRR, 1981)
2. Het verrichten van taken die nuttig zijn voor de mensen die ze uitvoeren, voor hun naaste
omgeving en voor de maatschappij.
3. Gestructureerde, doelgericht activiteit met een zeker verplichtend karakter, waarbij een
materiële surplus geproduceerd wordt
Niet-arbeid (niet betaalde productiviteit voor gemeenschap)
• Heel wat andere activiteiten zoals opvoeden van kinderen, hulp aan ouderen, sociaal
engagement
• Ook van belang voor samenleving
• Sociale niet-arbeid
▫ Voor gemeenschap (vb. Een zelfhulpgroep leiden)
▫ Voor gezin (vb. Kinderen opvoeden)
▫ Voor opleiding (vb. Studeren)
• Individuele niet-arbeid
▫ Louter voor persoonlijk nut (vb. Naaien voor tafelkleed)
4 functies van arbeid
2 functies van arbeid:
1 manifeste functie
• Typisch voor betaalde arbeid
• Geld verdienen
2 latente functie
• Eigen aan vele vormen van arbeid (ook niet-betaalde arbeid)
• Micro niveau/ individuele niveau
▫ Arbeid structureert tijd van individuen
▫ Belangrijk bron van sociale contacten en ervaringen