Defini6e > Een acuut enkelletsel is een inversieletsel waarbij onderzoek en behandeling
acuut enkelletsel plaatsvinden 0-6 weken na het ontstaan ervan.
Fase van > - Acute (ontstekings) fase (0-3dagen);
weefsel herstel
- ProliferaDefase (4-10dagen);
- Vroege remodelleringsfase (11-21 dagen);
- Late remodelleringsfase / transferfase 1 (3-6 weken);
- Transferfase 2 (6-12 weken)
Normaal > Binnen 6-8 weken is er sprake van funcDeherstel en genezing zonder
herstelproces restletsels (zoals instabiliteit).
Binnen 12 weken hebben de meeste paDënten het sporten weer hervat op
hetzelfde niveau als voor het trauma.
Lopen zal in de meeste gevallen weer mogelijk zijn binnen 1-2 weken.
,Herstelbelemmerende > - relevante nevenpathologie die ‘normaal’ herstel belemmert
factoren (zoals artrose);
- een sterk ‘uit de hand gelopen ontstekingsreacDe’;
- niet te verklaren pijn die de paDënt op geen enkele manier
onder controle heeR;
- onvoldoende aanpassing van het houdings- en bewegings- gedrag van de
paDënt (relaDeve of absolute overbelasDng);
- angst om te belasten;
- een recidief en/of een pre-existent instabiele enkel.
Func6onele > Er is sprake van funcDonele instabiliteit indien na een inversieletsel restklachten blijven
instabiliteit bestaan in de vorm van ‘giving- way’ of recidiverend zwikken.
FuncDonele instabiliteit kan leiden tot ongewenst aangepast gedrag, een afwijkend
gangpatroon, het vermijden van dagelijkse bezigheden, of problemen met acDviteiten op
het werk of met sporten op het gewenste niveau.
Factoren die van invloed kunnen zijn op het ontstaan en/of het voortbestaan van
funcDonele instabiliteit zijn:
- mechanische instabiliteit (laxiteit van het kapsel-bandap- paraat);
- verstoorde propriocepDe;
- verminderde spierkracht;
- vertraagde reacDeDjd van spieren;
- chronische synoviDs;
- verminderde dorsale flexie;
- een inadequate wijze van omgaan met de klachten en angst en onzekerheid over de
stabiliteit van de enkel.
,Screening > - Pluis/niet pluis
- Acuut enkelletsel : Bij acuut enkelletsel adviseert de werkgroep toepassing van de
‘O[awa ankle rules’ om een mogelijke fractuur uit te sluiten.
- FuncDonele instabiliteit : Bij funcDonele instabiliteit gelden aanhoudende synoviDs
en drukpijn op de sinus tarsi als rode vlaggen.
Aanhoudende syno- viDs is een indicator voor
osteochondrale laesies, ‘loose bodies’ of inklemming van
weke delen. Drukpijn op de sinus tarsi is een indicator voor
een sinus tarsi syndroom.
Mee6nstrumenten > - O[awa ankle rules
Dit meeDnstrument wordt gebruikt voor het uitsluiten van een fractuur. Hierbij
moet een van de volgende punten aanwezig zijn:
- Onvermogen de enkel te belasten (vier stappen 2×2-lopen zonder hulp); of
- Pijn bij palpaDe van dorsale of caudale zijde van de laterale malleolus
(onderste 6 cm); of
- Pijn bij palpaDe van dorsale of caudale zijde van de mediale malleolus
(onderste 6 cm); of
- Pijn bij palpaDe van de basis van het os metatarsale V; of
- Pijn bij palpaDe van het os naviculare.
- FuncDescore
Een door de hulpverlener in te vullen vragenlijst bestaande uit 5 items.
Deze vragenlijst brengt de prognose van herstel in kaart na een enkeldistorsie
op zowel stoornis als op bewerkingsniveau.
Een hoge score (>40 punten) op de FuncDescore Enkelletsel in de eerste dagen
pos[raumaDsch komt overeen met een goede prognose (funcDeherstel binnen 2
weken).
Een score < 40 punten duidt op een ernsDg letsel, dat specifieke behandeling/
begeleiding behoeR. Ter aanvulling op deze scorelijst kan een acDviteitenschaal
(bekend als Tegner AcDvity Level Score) gebruikt worden.
- GALN
- PSK
, Fase 1 > Behandeldoel = ReducDe van pijn en zwelling, circulaDeverbetering en
bevorderen van de parDële belasDng.
Voorlichten:
- Verstrek informaDe over de aard en de ernst van het enkel bandletsel en het te
verwachten normale herstel.
Adviseren:
- Adviseer rust te nemen en de voet hoog te leggen, en indien gewenst, een
koudeapplicaDe toe te passen (15 tot 20 minuten, 1 tot 3 maal daags).
- Adviseer te belasten op geleide van de pijn, eventueel met elleboogkrukken.
- Adviseer ontlastende maatregelen te nemen op het werk (zi[en, voet hoog
leggen); adviseer indien belasDng niet voorkomen kan worden, eventueel niet te werken.
- Adviseer, in afwachDng van het verdere herstelproces, voorlopig niet te sporten.
Oefenen van func6es:
- Laat de paDënt, binnen de pijngrens, de voet en tenen bewegen, teneinde de
circulaDe te bevorderen.
Bandage:
- Leg een compressiebandage aan.
- Instrueer de paDënt, zodat deze dat zelf kan doen.
Tape/brace:
In het algemeen is in deze fase tapen niet gewenst vanwege de omvang van de zwelling. Bij
intensieve sportspecifieke begeleiding is vroegDjdiger tapen mogelijk, indien de tape
dagelijks vervangen kan worden. De werkgroep adviseert aanleg van een kleeiandage
onder de tape.