Het aantonen van voedingsstoffen
Djoély van Andel en Sanne van Lith H5D
Practicum 1:
Onderzoeksvraag:
Met welke indicator kan je een bepaalde voedingsstof aantonen?
Inleiding:
In dit onderzoek gaan we kijken wat voor voedingsstoffen er zitten in bepaalde stoffen. Dit gaan we
doen met gebruik van indicatoren. Dit zijn stoffen waarmee je kan aantonen dat een bepaalde
andere stof aanwezig is bijvoorbeeld: jodium, die zetmeel donkerblauw kleurt als hij met zetmeel in
aanraking komt.
Hypothese:
Wij verwachten doormiddel van verschillende indicatoren kleurveranderingen in de vloeistoffen aan
te kunnen tonen. Welke indicatoor we voor welke voedingsstof nodig hebben weten we nog niet.
Materialen:
• Reageerbuizen (nummer de buizen)
• Reageerbuisrekje
• Bekerglas met eiwitoplossing
• Bekerglas met zetmeel
• Bekerglas met glucose
• Bekerglas met vitamine C oplossing
• Druppelflesje met jood
• Druppelflesje met benedict
• Druppelflesjes met biureet I en II
• Druppelflesje met DCPIP
• Waterbad van 100 oC
• Fles gedestilleerd water
• Maatcilinder van 10 mL
• Spatel
Uitvoering:
• Eiwitten:
1. Doe 2 cm eiwitoplossing in een reageerbuis
2. Voeg 10 druppels biureet I en 10 druppels biureet II bij
3. Kwispel de inhoud
4. Noteer de kleurverandering in de tabel
• Glucose:
1. Doe een spatelpuntje glucose in een reageerbuis
, 2. Voeg 3 mL gedestilleerd water toe
3. Kwispel tot de glucose is opgelost
4. Voeg 15 druppels benedict toe
5. Kwispel even en zet de reageerbuis in het waterbad van 100 oC
6. Haal de buis na 5 minuten weer op
7. Noteer de kleurverandering in de tabel
• Zetmeel:
1. Doe een spatelpuntje zetmeel in reageerbuis 3
2. Voeg 3 mL gedestilleerd water toe
3. Kwispel de inhoud even
4. Voeg 3 druppels jood toe
5. Noteer de kleurverandering in de tabel
• Vitamine C:
1. Doe 2 cm vitamine C-oplossing in reageerbuis 5
2. Voeg 1 druppel DCPIP toe
3. Kwispel even
4. Noteer je waarnemingen in de tabel
Resultaten
Voedingsstof Indicator Kleurverandering
Eiwitten Biureet I Van: kleurloos
Biureet II Naar: Paars
Glucose Benedict Van: Kleurloos
Naar: Oranje
Zetmeel Jood Van: Kleurloos
Naar: Donkerblauw
Vitamine C DCPIP Van: Kleurloos
Naar: blauw
Conclusie:
Wij zijn eruit gekomen dat je voor verschillende voedingsstoffen verschillende indicatoren
nodig hebt.
Zo heb je voor eiwitten Biureet I en II nodig. Bij het toevoegen van deze stoffen reageert
biureet op de peptidebindingen van de eiwitten deze vormen samen een complex dat
waargenomen kan worden in kleur. Kleurverandering die plaatsvindt is van kleurloos naar
paars. Dit toont aan dat er eiwit aanwezig is.
Bij glucose wordt de indicator Benedict toegevoegd. Glucose is een reducerende suiker (een
groep kolhydraten die in staat is om andere stoffen te reduceren, elektronen doneren)
hierdoor kan glucose ervoor zorgen dat de koper(II)ionen in de benedict oplossing
reduceren tot koper(I)oxide. Dit leidt tot de kleurverandering die wij kunnen waarnemen.
De kleurverandering die hier ontstaat is van kleurloos naar oranje.
Djoély van Andel en Sanne van Lith H5D
Practicum 1:
Onderzoeksvraag:
Met welke indicator kan je een bepaalde voedingsstof aantonen?
Inleiding:
In dit onderzoek gaan we kijken wat voor voedingsstoffen er zitten in bepaalde stoffen. Dit gaan we
doen met gebruik van indicatoren. Dit zijn stoffen waarmee je kan aantonen dat een bepaalde
andere stof aanwezig is bijvoorbeeld: jodium, die zetmeel donkerblauw kleurt als hij met zetmeel in
aanraking komt.
Hypothese:
Wij verwachten doormiddel van verschillende indicatoren kleurveranderingen in de vloeistoffen aan
te kunnen tonen. Welke indicatoor we voor welke voedingsstof nodig hebben weten we nog niet.
Materialen:
• Reageerbuizen (nummer de buizen)
• Reageerbuisrekje
• Bekerglas met eiwitoplossing
• Bekerglas met zetmeel
• Bekerglas met glucose
• Bekerglas met vitamine C oplossing
• Druppelflesje met jood
• Druppelflesje met benedict
• Druppelflesjes met biureet I en II
• Druppelflesje met DCPIP
• Waterbad van 100 oC
• Fles gedestilleerd water
• Maatcilinder van 10 mL
• Spatel
Uitvoering:
• Eiwitten:
1. Doe 2 cm eiwitoplossing in een reageerbuis
2. Voeg 10 druppels biureet I en 10 druppels biureet II bij
3. Kwispel de inhoud
4. Noteer de kleurverandering in de tabel
• Glucose:
1. Doe een spatelpuntje glucose in een reageerbuis
, 2. Voeg 3 mL gedestilleerd water toe
3. Kwispel tot de glucose is opgelost
4. Voeg 15 druppels benedict toe
5. Kwispel even en zet de reageerbuis in het waterbad van 100 oC
6. Haal de buis na 5 minuten weer op
7. Noteer de kleurverandering in de tabel
• Zetmeel:
1. Doe een spatelpuntje zetmeel in reageerbuis 3
2. Voeg 3 mL gedestilleerd water toe
3. Kwispel de inhoud even
4. Voeg 3 druppels jood toe
5. Noteer de kleurverandering in de tabel
• Vitamine C:
1. Doe 2 cm vitamine C-oplossing in reageerbuis 5
2. Voeg 1 druppel DCPIP toe
3. Kwispel even
4. Noteer je waarnemingen in de tabel
Resultaten
Voedingsstof Indicator Kleurverandering
Eiwitten Biureet I Van: kleurloos
Biureet II Naar: Paars
Glucose Benedict Van: Kleurloos
Naar: Oranje
Zetmeel Jood Van: Kleurloos
Naar: Donkerblauw
Vitamine C DCPIP Van: Kleurloos
Naar: blauw
Conclusie:
Wij zijn eruit gekomen dat je voor verschillende voedingsstoffen verschillende indicatoren
nodig hebt.
Zo heb je voor eiwitten Biureet I en II nodig. Bij het toevoegen van deze stoffen reageert
biureet op de peptidebindingen van de eiwitten deze vormen samen een complex dat
waargenomen kan worden in kleur. Kleurverandering die plaatsvindt is van kleurloos naar
paars. Dit toont aan dat er eiwit aanwezig is.
Bij glucose wordt de indicator Benedict toegevoegd. Glucose is een reducerende suiker (een
groep kolhydraten die in staat is om andere stoffen te reduceren, elektronen doneren)
hierdoor kan glucose ervoor zorgen dat de koper(II)ionen in de benedict oplossing
reduceren tot koper(I)oxide. Dit leidt tot de kleurverandering die wij kunnen waarnemen.
De kleurverandering die hier ontstaat is van kleurloos naar oranje.