100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached
logo-home
Samenvatting Belangrijkste concepten en voorbeeld examenvragen $14.83
Add to cart

Summary

Samenvatting Belangrijkste concepten en voorbeeld examenvragen

 3 views  0 purchase
  • Course
  • Institution

een samenvatting en overzicht van de belangrijkste concepten en voorbeeld examen vragen !! let op: deze zijn allemaal zelf uitgewerkt'!!

Preview 4 out of 35  pages

  • January 13, 2025
  • 35
  • 2024/2025
  • Summary
avatar-seller
L1: SOCIOLOGISCHE KIJK

BELANGRIJKE THEMA’S EN CONCEPTEN

1. Inkomensongelijkheid:

o Verschillen in de verdeling van inkomen binnen een maatschappij.

o Direct gerelateerd aan economische en sociale beleidskeuzes.

2. Gini-coëfficiënt:

o Meet de mate van ongelijkheid (0 = perfecte gelijkheid, 1 = maximale ongelijkheid).

o Essentieel voor het kwantificeren van inkomensverdeling.

3. Inkomen vóór en na herverdeling:

o Bruto-inkomen: inkomen zonder tussenkomst van belastingen of subsidies.

o Netto-inkomen: resultaat na belastingheffing en inkomensondersteuning.

4. Sociale ongelijkheid:

o Structurele verschillen in toegang tot middelen, kansen en macht.

o Voorbeeld: verschillen in onderwijs, gezondheidszorg en arbeid.

5. Sociale positie:

o Status van individuen of groepen binnen de maatschappelijke hiërarchie.

o Wordt beïnvloed door factoren zoals opleiding, inkomen en afkomst.

6. Publiek vertoog en actie over ongelijkheid:

o Hoe ongelijkheid in de maatschappij wordt besproken en aangepakt.

o Voorbeeld: protesten tegen economische ongelijkheid of politieke beleidsvorming.

7. Armoedeverlichting:

o Beleid en programma’s gericht op het reduceren van armoede.

o Voorbeeld: sociale uitkeringen, voedselbanken.

8. Neoliberalisering:

o Verschuiving naar een economische filosofie die vrije marktwerking en minimale
overheidsbemoeienis benadrukt.

o Gevolgen: vaak groeiende inkomensongelijkheid.

9. Functionele versus ethische argumenten:

o Functioneel: Ongelijkheid als stimulans voor economische groei.


1

, o Ethisch: Rechtvaardigheidsprincipes en sociale cohesie.

10. Dreiging van sociale beoordeling:

o Invloed van stigma’s en sociale druk op individueel gedrag en sociale dynamieken.




VOORBEELDEN VAN EXAMENVRAGEN

1. Grafiek van Wilkinson en Pickett:

o Toont inkomensongelijkheid in de VS tussen 1975-2005.

o Correlatie tussen politieke partij aan de macht en ongelijkheid:

▪ Meer ongelijkheid onder Republikeinse presidenten (bv. Reagan, Bush sr., Bush
jr.).

▪ Minder ongelijkheid onder Democratische presidenten (bv. Clinton).

o Verband met Verlichtingsdenken:

▪ Maatschappij wordt vormgegeven door menselijk handelen en keuzes, niet door
natuurwetten of goddelijke wil.

▪ Politieke beleidskeuzes weerspiegelen ideologische overtuigingen.

2. Definieer sociale ongelijkheid:

o Ongelijkheid ontstaat wanneer er structurele verschillen zijn in toegang tot middelen.

o Voorbeeld: Genderloonverschillen:

▪ Vrouwen verdienen gemiddeld minder dan mannen, zelfs in vergelijkbare
functies.

BELANGRIJKE INZICHTEN

• Politieke Keuzes en Ongelijkheid:

o Inkomensongelijkheid is geen toevallig verschijnsel, maar vaak een politieke keuze.

o Neoliberale beleidsmaatregelen hebben vaak ongelijkheid vergroot.

• Verlichtingsdenken:

o Rol van rationeel denken en maatschappelijke organisatie benadrukken.

o Ongelijkheid als resultaat van menselijke beslissingen en beleidsopties.

• Sociaal-Economische Dynamieken:

o Factoren zoals arbeidsmarktevolutie (bv. verlies van industriebanen) hebben eveneens
invloed op inkomensongelijkheid.

o Stigmatisering en sociale percepties spelen een rol in beleidsacceptatie en -uitvoering.

2

,L2: KLASSIEKE SOCIOLOGIE

BELANGRIJKE THEMA’S EN CONCEPTEN

1. Stratificatie:

o Verwijst naar de hiërarchische rangschikking van individuen in een samenleving op basis
van sociaaleconomische status, macht, of prestige.

o Voorbeeld: Klassen zoals arbeidersklasse, middenklasse, en elite.

2. Sociale Klasse:

o Een groep mensen met vergelijkbare economische posities en toegang tot middelen.

o Voorbeeld: Arbeidersklasse versus kapitalisten in het kapitalistische systeem (Marx).

3. Structurele Ongelijkheid / Structuren van Ongelijkheid:

o Duurzame ongelijkheden ingebed in sociale instituties zoals onderwijs, arbeidsmarkt, en
rechtssysteem.

o Voorbeeld: Genderloonkloof of discriminatie in de woningmarkt.

4. Maatschappelijke Verhoudingen:

o Sociale relaties tussen verschillende groepen, vaak gebaseerd op macht en privileges.

o Voorbeeld: Relatie tussen werkgever en werknemer.

5. Kapitalisme:

o Een economisch systeem gebaseerd op privé-eigendom en winstmaximalisatie.

o Voorbeeld: Multinationals die streven naar maximale winst door lage productiekosten.

6. Commodificatie / Vermarkting:

o Het proces waarbij niet-marktactiviteiten of -relaties worden omgezet in marktruil.

o Voorbeeld: Zorgdiensten die worden geprivatiseerd.

7. Marx:

o Karl Marx beschouwt klassenstrijd als de motor van historische verandering.

o Belangrijke begrippen:

▪ Exploitatie / Uitbuiting: Arbeiders produceren meerwaarde, maar kapitalisten
profiteren hiervan.

▪ Meerwaarde / Surplus Value: Het verschil tussen de waarde van arbeid en de
beloning die de arbeider ontvangt.



3

, o Voorbeeld: Een fabriek waar arbeiders lange uren werken, maar slechts een fractie van
de winst ontvangen.

8. Groepsvorming:

o Het proces waarbij individuen zich organiseren rond gemeenschappelijke belangen.

o Voorbeeld: Vakbonden die strijden voor betere arbeidsomstandigheden.

9. Collectieve Actie:

o Samenwerking van een groep om gemeenschappelijke doelen te bereiken.

o Voorbeeld: Protesten tegen ongelijkheid of stakingen.

10. Weber:

o Max Weber voegde dimensies toe aan stratificatie: status en macht.

o Status: Sociale prestige of respect.

▪ Voorbeeld: Een beroemde wetenschapper versus een politicus.

o Rationalisering: Proces waarbij traditionele methoden worden vervangen door
efficiënte, rationele methoden.

▪ Voorbeeld: Bureaucratieën in moderne samenlevingen.

o Social Closure / Monopolisering: Groepen sluiten anderen uit van middelen of kansen.

▪ Voorbeeld: Gilde-systemen in de middeleeuwen.

11. Witte Superioriteitsdenken en Structureel Racisme:

o Ongelijke behandeling en superioriteit van witte mensen in sociale structuren.

o Voorbeeld: Discriminatie op de arbeidsmarkt tegen mensen van kleur.

12. ‘Colour Line’ (Du Bois):

o De scheiding tussen witte mensen en mensen van kleur als fundamenteel kenmerk van
moderne samenlevingen.

o Voorbeeld: Segregatie in de Verenigde Staten.

13. Erkenning (Fraser):

o Focus op het erkennen van culturele en identitaire verschillen als essentieel voor sociale
rechtvaardigheid.

o Voorbeeld: Genderidentiteit erkennen in beleid.

14. Herverdeling (Fraser):

o Focus op economische gelijkheid door herverdeling van middelen.

o Voorbeeld: Progressieve belasting en sociale voorzieningen.

4

The benefits of buying summaries with Stuvia:

Guaranteed quality through customer reviews

Guaranteed quality through customer reviews

Stuvia customers have reviewed more than 700,000 summaries. This how you know that you are buying the best documents.

Quick and easy check-out

Quick and easy check-out

You can quickly pay through credit card or Stuvia-credit for the summaries. There is no membership needed.

Focus on what matters

Focus on what matters

Your fellow students write the study notes themselves, which is why the documents are always reliable and up-to-date. This ensures you quickly get to the core!

Frequently asked questions

What do I get when I buy this document?

You get a PDF, available immediately after your purchase. The purchased document is accessible anytime, anywhere and indefinitely through your profile.

Satisfaction guarantee: how does it work?

Our satisfaction guarantee ensures that you always find a study document that suits you well. You fill out a form, and our customer service team takes care of the rest.

Who am I buying these notes from?

Stuvia is a marketplace, so you are not buying this document from us, but from seller jadeschurmans. Stuvia facilitates payment to the seller.

Will I be stuck with a subscription?

No, you only buy these notes for $14.83. You're not tied to anything after your purchase.

Can Stuvia be trusted?

4.6 stars on Google & Trustpilot (+1000 reviews)

59063 documents were sold in the last 30 days

Founded in 2010, the go-to place to buy study notes for 15 years now

Start selling
$14.83
  • (0)
Add to cart
Added