Maken van preparaten
Preparaat:
• Uitstrijkje van cellen in suspensie (bv. bloed)
• Weefselsnedes/weefselcoupes
o Weefselbiopt uit organisme
o Fixatie door perfusie (via bloedbaan) of immersie (onderdompelen) in bv.
formaldehyde à degradatie weefsel voorkomen
o Cross-linking tussen fixatief en biomoleculen van weefsel
o Spoeling, dehydratatie en inbedding in paraHine
o Snijden in zeer dunne coupes door microtoom
o DeparaHinatie
o Kleuring à contrast in weefsel aanbrengen (anders zelfde brekingsindex als glas
en niks zichtbaar)
Doorsnedes:
• Overlangs: evenwijdig met lengterichting orgaan
• Dwars: loodrecht op lengterichting orgaan
• Schuin: geen van beiden
,Kleuringen
Functie: contrast en herkennen specifieke structuren. Afhankelijk van de structuren
zal een kleuring gekozen moeten worden.
HE-kleuring
• Hematoxyline/eosine kleuring
• Hematoxyline: basische kleurstof à aHiniteit voor zuur weefselmateriaal (kleuring
celkernen, want binding met nucleïnezuren) => paars
• Eosine: zure kleurstof à aHiniteit voor basisch weefselmateriaal (kleuring
cytoplasma) => roos
,Trichroomkleuring
• Bindweefselkleuring:
o Collageen: groen of blauw
o Cytoplasma: rood
o Kernen: paars
o Arteriewand: veel collageen aanwezig
• 3 kleurstoHen: 1 basische en 2 zure
• Kleuringsproces:
o Basische (bv. hematoxyline) kleurt
celkernen
o 1ste zure kleurstof: bindt aan acidofiele
weefselelementen (bv. cytoplasma,
spiercellen, collageen)
o Vervolgens behandeling met zuren (niet kleurstoHen) à cytoplasma is minder
permeabel voor die zuren dan collageen à kleurstof diHundeert uit collageen
o 2de zure kleurstof (bv. lichtgroen of alanineblauw): bindt aan collageen om groene
of blauwe kleur te geven
AZAN-kleuring
• Overzichtskleuring
• Alanineblauw (zuur):
o Binding met collageen à BW
blauw (goed te
onderscheiden van
spierweefsel)
o Cytoplasma: oranje
(roze/geel)
• Azokarmijnrood (basisch):
binding met celkernen (rood)
, May-Grünwald-Giemsa-kleuring
• Gebruik bij kleuring bloedstalen (diHerentieeltelling mogelijk)
• Eosine (zuur): cytoplasma roos (kernloze RBC roos)
• Methyleenblauw (basisch): kernen WBC paars
Orceïne kleuring
• Selectieve binding aan elastinevezels (roodbruin)
• Combinatie met andere kleuring (bv. trichroom-lichtgroen) om andere structuren
zichtbaar te maken