Themalezingen
Ethiek: Drang en dwang
Ethiek is het onderdeel van de filosofie dat probeert de vraag te beantwoorden of
wat we doen goed (genoeg) is.
→ Ethiek is een systematische reflectie op morele vragen, op basis van rationele
argumenten.
Moraal: Ideeën over goed en kwaad, over de manier waarop mensen zouden
moeten leven.
Waar doe ik goed aan? Deze vraag komt voor in geval van dilemma's. Dit is een
situatie waarin niet duidelijk is wat juist of onjuist is.
Het belang van ethiek:
-Er is niet één goede manier om je werk te doen. Die zal steeds in samenspraak
gevonden moet worden.
-Het gesprek over ethiek kan je een betere hulpverlener maken. Een die wil
nadenken over haar of zijn handelen, kan luisteren, open staat voor andere
meningen en de eigen oordelen opzij kan zetten.
-Ethische reflectie gaat over zingeving en kan de manier waarop je werkt
wezenlijker maken, meer betekenis geven.
Dwang:
Iemand wordt gedwongen om tegen zijn wil iets te doen of te laten. Op grond van
de wet (formele dwang), of buiten de wet om (informele dwang).
Drang:
Het zodanig beïnvloeden van een persoon, zodat deze minder keuze heeft.
Vormen van drang:
-Opties: In het vooruitzicht stellen van beloning of straf.
-Informatie: Achterhouden of verdraaien van informatie.
-Psychologisch: Inspelen op gevoelens.
Dilemma's rondom dwang en drang:
-Wanneer valt dwang onder professionele verantwoordelijkheid, wanneer is het
bemoeizucht?
-Is drang te rechtvaardigen als je dwang ermee voorkomt?
-Wat als cliënten niet weten dat er dwang wordt uitgeoefend? Wat niet weet, wat
niet deert?
Oplossen ethische dilemma's:
Drie manieren om ethische dilemma's te benaderen (=ethische argumentaties):
1) Gevolgenethiek:
Doe dat wat voor zoveel mogelijk mensen voordeel oplevert.
2) Beginselethiek:
Handel volgens waarden en normen.
3) Deugdenethiek:
Wat doet een goed hulpverlener? Wat doet een goed mens? Wat is goede zorg?
Ethiek: Drang en dwang
Ethiek is het onderdeel van de filosofie dat probeert de vraag te beantwoorden of
wat we doen goed (genoeg) is.
→ Ethiek is een systematische reflectie op morele vragen, op basis van rationele
argumenten.
Moraal: Ideeën over goed en kwaad, over de manier waarop mensen zouden
moeten leven.
Waar doe ik goed aan? Deze vraag komt voor in geval van dilemma's. Dit is een
situatie waarin niet duidelijk is wat juist of onjuist is.
Het belang van ethiek:
-Er is niet één goede manier om je werk te doen. Die zal steeds in samenspraak
gevonden moet worden.
-Het gesprek over ethiek kan je een betere hulpverlener maken. Een die wil
nadenken over haar of zijn handelen, kan luisteren, open staat voor andere
meningen en de eigen oordelen opzij kan zetten.
-Ethische reflectie gaat over zingeving en kan de manier waarop je werkt
wezenlijker maken, meer betekenis geven.
Dwang:
Iemand wordt gedwongen om tegen zijn wil iets te doen of te laten. Op grond van
de wet (formele dwang), of buiten de wet om (informele dwang).
Drang:
Het zodanig beïnvloeden van een persoon, zodat deze minder keuze heeft.
Vormen van drang:
-Opties: In het vooruitzicht stellen van beloning of straf.
-Informatie: Achterhouden of verdraaien van informatie.
-Psychologisch: Inspelen op gevoelens.
Dilemma's rondom dwang en drang:
-Wanneer valt dwang onder professionele verantwoordelijkheid, wanneer is het
bemoeizucht?
-Is drang te rechtvaardigen als je dwang ermee voorkomt?
-Wat als cliënten niet weten dat er dwang wordt uitgeoefend? Wat niet weet, wat
niet deert?
Oplossen ethische dilemma's:
Drie manieren om ethische dilemma's te benaderen (=ethische argumentaties):
1) Gevolgenethiek:
Doe dat wat voor zoveel mogelijk mensen voordeel oplevert.
2) Beginselethiek:
Handel volgens waarden en normen.
3) Deugdenethiek:
Wat doet een goed hulpverlener? Wat doet een goed mens? Wat is goede zorg?