Deel 3: uitzoomen
H8: psychodiagnostische cyclus
De empirische cyclus
Fundament van wetenschappelijk denken en handelen
Fase Omschrijving
Observatie In kaart brengen van wat al bekend is over de problematiek
Inductie Uit het voorgaande een of meerdere voorlopige verklaringen distilleren
Deductie Uit die hypothese concrete voorspellingen afleiden
Toetsing Die voorspellingen confronteren met verantwoord gekozen nieuwe observaties
Evaluatie Uit die confrontatie de passende besluiten trekken met betrekking tot de
houdbaarheid van de hypothesen
Niet uitgaan van zo en zo, maar altijd hypothesen
De psychodiagnostische cyclus (De Bruyn et al.)
Aanmelding: analyse van de vraagstelling
Wie is de opdrachtgever
- Onderscheid tussen aanvraag versus hulpvraag
o Hulpvraag: vraag van de cliënt zelf
o Aanvraag: vraag van externe instantie
▪ Externe opdrachtgever: geeft de opdracht
• Bijvoorbeeld: werkgever over sollicitant, rechter over verdachte
▪ Doorverwijzer: geeft vrijblijvender advies
• Bijvoorbeeld: therapeut die cliënt aanraadt PO te laten uitvoeren
Opgelet:
- Soms geen aanvraag, wel rechtstreekse hulpvraag
- Soms is aanvraag gelijk aan de hulpvraag (zowel cliënt als externe opdrachtgever)
- Soms is de aanvraag verschillend van de hulpvraag (cliënt zelf vindt dat er geen probleem is)
- Soms is er wel een aanvraag, maar geen hulpvraag (cliënt moet gaan van bv. de dokter)
Bijkomende dossierstudie: mits toestemming
, Casus Teun:
- Aanvraag: ouders
- Hulpvraag: aanvankelijk geen hulpvraag van Teun, maar uiteindelijk ook mee instemmen
- Bijkomende dossierstudie:
o Bijvoorbeeld: medisch, CLB
o Mits toestemming
Eerste exploratie van het probleem
- Intakegesprek: observatie
- Anamnese of hetero anamnese: de voorgeschiedenis van de persoon
- Eerste verkennende vragenlijsten
o Klinische en schoolse context: screeningsintrument
▪ Pluis- niet- pluis- gevoel
o Loopbaanbegeleiding:
▪ Bijvoorbeeld: interessevragenlijsten
Stop: niet zinvol versus doorverwijzen
Reflectie: opentrekken van de vraagstelling
Op basis van de
- Aanvraag
- Hulpvraag
- Intake en eventueel bijkomende gesprekken
o Observatie
o Anamnese (auto/hetero)
Diagnostische scenario
5 basisvragen
- Onderkenning
- Verklaring
- Predictie
- Indicatie
- Evaluatie
Voorlopige theorie: INDUCTIE
Fase Omschrijving
Onderkenning Interventarisatie en beschrijving van het gedrag van de cliënt of
omgeving en/ of de ontwikkeling van het gedrag
Ordenen en categoriseren van functionele clusters van gedragingen,
cognities en emoties of stoornissen
Inschatting van de ernst van het probleemgedrag
Voorbeelden:
- Zijn er signalen van een burn-out
- Is er sprake van dementie
H8: psychodiagnostische cyclus
De empirische cyclus
Fundament van wetenschappelijk denken en handelen
Fase Omschrijving
Observatie In kaart brengen van wat al bekend is over de problematiek
Inductie Uit het voorgaande een of meerdere voorlopige verklaringen distilleren
Deductie Uit die hypothese concrete voorspellingen afleiden
Toetsing Die voorspellingen confronteren met verantwoord gekozen nieuwe observaties
Evaluatie Uit die confrontatie de passende besluiten trekken met betrekking tot de
houdbaarheid van de hypothesen
Niet uitgaan van zo en zo, maar altijd hypothesen
De psychodiagnostische cyclus (De Bruyn et al.)
Aanmelding: analyse van de vraagstelling
Wie is de opdrachtgever
- Onderscheid tussen aanvraag versus hulpvraag
o Hulpvraag: vraag van de cliënt zelf
o Aanvraag: vraag van externe instantie
▪ Externe opdrachtgever: geeft de opdracht
• Bijvoorbeeld: werkgever over sollicitant, rechter over verdachte
▪ Doorverwijzer: geeft vrijblijvender advies
• Bijvoorbeeld: therapeut die cliënt aanraadt PO te laten uitvoeren
Opgelet:
- Soms geen aanvraag, wel rechtstreekse hulpvraag
- Soms is aanvraag gelijk aan de hulpvraag (zowel cliënt als externe opdrachtgever)
- Soms is de aanvraag verschillend van de hulpvraag (cliënt zelf vindt dat er geen probleem is)
- Soms is er wel een aanvraag, maar geen hulpvraag (cliënt moet gaan van bv. de dokter)
Bijkomende dossierstudie: mits toestemming
, Casus Teun:
- Aanvraag: ouders
- Hulpvraag: aanvankelijk geen hulpvraag van Teun, maar uiteindelijk ook mee instemmen
- Bijkomende dossierstudie:
o Bijvoorbeeld: medisch, CLB
o Mits toestemming
Eerste exploratie van het probleem
- Intakegesprek: observatie
- Anamnese of hetero anamnese: de voorgeschiedenis van de persoon
- Eerste verkennende vragenlijsten
o Klinische en schoolse context: screeningsintrument
▪ Pluis- niet- pluis- gevoel
o Loopbaanbegeleiding:
▪ Bijvoorbeeld: interessevragenlijsten
Stop: niet zinvol versus doorverwijzen
Reflectie: opentrekken van de vraagstelling
Op basis van de
- Aanvraag
- Hulpvraag
- Intake en eventueel bijkomende gesprekken
o Observatie
o Anamnese (auto/hetero)
Diagnostische scenario
5 basisvragen
- Onderkenning
- Verklaring
- Predictie
- Indicatie
- Evaluatie
Voorlopige theorie: INDUCTIE
Fase Omschrijving
Onderkenning Interventarisatie en beschrijving van het gedrag van de cliënt of
omgeving en/ of de ontwikkeling van het gedrag
Ordenen en categoriseren van functionele clusters van gedragingen,
cognities en emoties of stoornissen
Inschatting van de ernst van het probleemgedrag
Voorbeelden:
- Zijn er signalen van een burn-out
- Is er sprake van dementie