, Hoorcollege 1: Inleiding Corporate Governance and litigation
1.1 Inleiding
Verschil tussen de 2 begrippen
• Corporate governance => gaat om de vraag; ‘Wie heeft de macht?’. Dus het geheel aan
regels en praktijken dat binnen een vennootschap de zeggenschapsveerhoudingen bepaalt
tussen het bestuur, de aandeelhouders en commissarissen en de wijze waarop over de
zeggenschapsuitoefening verantwoording wordt afgelegd.
o Bepalende factoren => regels en praktijken verschillen door de tijd heen, van land tot
land en rechtspersoon (per rechtspersoon en per sector).
• Corporate litigation => Geschillen binnen en rond ondernemingen, met nadruk op
rechtspraak en uitgaande van kapitaalvennootschappen (NV en BV)
o Betekenis => ondernemingsrechtelijke procespraktijk
▪ Corporate litigation => Voornamelijk proces gerelateerd werk, pas als het mis
gaat. Denk aan bestuurdersaansprakelijkheid, (ver)nietig(baar)heid besluiten etc.
▪ Transactiepraktijk => Fusies, overnames, mergers en aquisations. Bestaat vooral
uit contracten opstellen en due dilligence.
o Praktijk => vooral nadruk op rechtspraak en minder op boek 2 BW.
1.2 Agency-problemen
Drie verhoudingen waarin agency-problemen spelen (Armour/Hansmann/Kraakman)
1. Tussen de aandeelhouders (ownership) en bestuurders/commissarissen (control)
❖ Vb. VOC, ah wilden meer zeggenschap en Pincoffs, financierde met de winsten van
zijn Rotterdamse vp (vennootschap) de verliezen van de Afrikaanse vp.
• Let op! In de huidige opvatting gaat het om de vennootschap als ownership.
2. Tussen meerderheidsaandeelhouders (ownership & control) en
minderheidsaandeelhouders (ownership)
❖ Vb. Xeikon, aandelen in een andere vp werden verkocht en weer aangekocht waarvan
alleen de meerderheidsaandeelhouders van profiteerden.
3. Tussen vennootschap/leidinggevenden en de bij haar betrokken partijen, zoals
werknemers, schuldeisers en consumenten.
❖ Vb. Pincoffs, hij vluchtte namelijk naar de VS en liet de betrokken partijen achter
zonder geld.
Manieren om agency-costs te minimaliseren
1. Normeren => door bijv. gedragsregels vast te stellen.
2. Controleren => door middel van het two tiers bestuursmodel.
3. Handhaving => een bank kan bijv. weigeren om een verklaring af te geven.
4. Belonen => bijv. door bestuurders aandelen te geven. Hierdoor komt hun belang meer op een
lijn te liggen met het belang van de aandeelhouders.
Eigenaren van de vennootschap
• Oude opvatting (tot ~ 1960) => dat de aandeelhouders (ah) de eigenaren zijn, aangezien zij
soeverein zijn en taken delegeren aan ‘lasthebbers’(bestuurders). Bestuurders zijn
ondergeschikt aan de ah.
• Veranderingen in de 20e eeuw => Ondernemingen groeien, waardoor ook de
taak/verantwoordelijkheid van de bestuurders groeit. Bestuurders worden machtiger, ah
verliezen invloed.
• Aandeelhouders hebben bijzondere positie => zij hebben namelijk een contract met een
‘open einde’, doordat zij zelf kunnen beslissen wanneer zij hun aandelen verkopen. Daarnaast
lopen zij een financieel risico, want ze hebben geld geïnvesteerd.
1.3 Vennootschappelijk belang
Twee stromingen
3
The benefits of buying summaries with Stuvia:
Guaranteed quality through customer reviews
Stuvia customers have reviewed more than 700,000 summaries. This how you know that you are buying the best documents.
Quick and easy check-out
You can quickly pay through credit card or Stuvia-credit for the summaries. There is no membership needed.
Focus on what matters
Your fellow students write the study notes themselves, which is why the documents are always reliable and up-to-date. This ensures you quickly get to the core!
Frequently asked questions
What do I get when I buy this document?
You get a PDF, available immediately after your purchase. The purchased document is accessible anytime, anywhere and indefinitely through your profile.
Satisfaction guarantee: how does it work?
Our satisfaction guarantee ensures that you always find a study document that suits you well. You fill out a form, and our customer service team takes care of the rest.
Who am I buying these notes from?
Stuvia is a marketplace, so you are not buying this document from us, but from seller joyce94. Stuvia facilitates payment to the seller.
Will I be stuck with a subscription?
No, you only buy these notes for $5.94. You're not tied to anything after your purchase.