100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Read online or as PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting parlementaire democratie

Rating
-
Sold
-
Pages
17
Uploaded on
17-10-2024
Written in
2024/2025

samenvattingen van het gehele hoofdstuk parlementaire democratie, van het vak maatschappijleer. geschikt voor klas 4/5/6 havo en vwo. het boek Dilemma uit 2023 is gebruikt bij het maken van de samenvattingen. de samenvatting bevat de volgende paragrafen: 1. wat als mensen er samen niet uitkomen? 2. wat moet de overheid wel en niet doen? 3. beslissen we met z'n allen of namens ons allen? 4. wie heeft de macht? 5. in het stemhokje is iedereen gelijk, maar daarbuiten? 6. meer of minder Europa? 7. is onze democratie toekomstbestendig?

Show more Read less
Level
Course

Content preview

Actoren = mensen en instanties die invloed proberen uit te oefen op de oplossing van een
maatschappelijk probleem

1.1 Wat als mensen er samen niet uitkomen?
 Kenmerken maatschappelijk probleem
 Een probleem waarbij veel actoren betrokken zijn en waarover meningsverschillen
bestaan. Zo’n probleem vraagt een gemeenschappelijke oplossing
- Bij een maatschappelijk probleem gaat het om een probleem:
1. Dat samenhangt met of het gevolg is van maatschappelijke veranderingen
2. At meerdere groepen mensen met verschillende belangen aangaat
3. Waarover meningsverschillen over de oorzaak en aanpak bestaan
4. Dat vraagt om een gemeenschappelijke oplossing
- Een maatschappelijk probleem is te groot om het individueel of met enkele anderen op
te lossen
 Waarom is een maatschappelijk probleem moeilijk om op te lossen
1. Actoren hebben tegengestelde belangen
 Iets dat belangrijk wordt gevonden, omdat het voordeel oplevert
- Omwonenden van Schiphol willen het aan vliegtuigbeweging verminderen wegens
geluidsoverlast
- Schiphol en bedrijven eromheen maken geld doordat mensen op of om Schiphol werken
- Je zou denken dat mensen hun gedrag of standpunten willen aanpassen als zij inzien
dat een verandering noodzakelijk is vanwege het algemeen belang
 De samenleving als geheel baat heeft bij een bepaalde situatie of verandering
2. Er is sprake van een collectieve-actieprobleem
 Samenwerking om problemen op te lossen kan belemmerd worden door de angst dat
anderen profiteren van die collectieve oplossingen zonder daar zelf aan mee te
werken
- Mensen willen bijdragen aan collectieve oplossingen voor een probleem, maar ze
hebben er weinig vertrouwen in dat iedereen wil bijdragen aan het algemeen belang. En
als anderen niet bijdragen heeft een individuele bijdrage ook geen zin
- De kosten van een maatschappelijk problemen worden vaak gedeeld door de hele
samenleving, waardoor individuen onvoldoende beloningen ervaren als ze hun gedrag
veranderen. De persoonlijke ‘baten’ zijn bij vliegen vaak groter dan de persoonlijke
‘kosten’
3. Actoren hebben verschillende waarden en normen
 Idealen, principes of doelen binnen een samenleving of groep wat goed en juist is en
daarom moet worden nagestreefd
 Verwachtingen binnen en groep of samenleving over hoe mensen zich behoren te
gedragen. Deze verwachtingen zijn vaak geformuleerd als leef- of gedragsregels
- De waarden zijn belangrijke uitgangspunten voor de keuzes die mensen maken
 Daarom heb je tegenovergestelde belangen
- Normen kunnen geschreven of ongeschreven regels zijn
 Waarom heeft de overheid meer mogelijkheden dan andere actoren om complexe
maatschappelijke problemen op te lossen
- Een maatschappelijk probleem wordt een politiek probleem als de overheid erbij
betrokken is of waarvan mensen vinden dat de overheid erbij betrokken moet zijn

,- In de politiek worden besluiten genomen over de aanpak van maatschappelijke
problemen, hierbij krijgt niet ieders belangen of waarden evenveel aandacht à niet
iedereen tevreden
- De overheid houdt zich (alleen) bezig met zaken van algemeen belang
- De overheid heeft macht: het vermogen om het gedrag van andere mensen te
beïnvloeden, desnoods met dwang
 De enige die via de politie, het leger geweld mag uitoefenen/ dreigen en de enige die
belasting mag heffen
 De overheid heeft een geweld- en belastingsmonopolie
- Door de belastingsmonopolie heeft de overheid middelen om een collectief goed te
leveren (= goederen of diensten waar iedereen gebruik van kan maken en die niet
individueel leverbaar zijn)
 Poltiebescherming, straatverlichting. Dit zijn zaken van algemeen belang
- De overheid heeft de formele bevoegdheid om wetten te maken en maatregelen te
nemen
 Door de geweldsmonopolie kan de overheid de burgers die regels naleven
- De overheid kan ook een voorlichtingscampagne organiseren of gebruikmaken van
financiële prikkels (subsidies)
- Er is sprake van gezag als de macht wordt geaccepteerd en erkent
 Je kunt bij concrete maatschappelijke problemen beargumenteren in welke fase
van het proces van politieke besluitvorming deze problemen zich bevinden
- Het vinden van politieke oplossingen voor maatschappelijke problemen verloopt via het
systeemmodel van politieke besluitvorming
- Invoerfase: een probleem wordt herkend als
maatschappelijk probleem dat om een politieke
oplossing vraagt
 Verschillende actoren proberen aandacht van
de politiek te trekken voor het probleem door
bijv. media, demonstraties, petities, contact op
te nemen met politici
- Poortwachters: proberen de problemen op de
politieke agenda te krijgen
 Kamerleden, media, partij: zij bepalen welke
onderwerpen er worden behandeld, maar ook welke onderwerp niet worden
behandeld
- Omzetfase: bestuurders en volksvertegenwoordigers moeten een oplossing bedenken
in de vorm van een nieuwe wet- en regelgeving
 Wensen die de politiek hebben bereikt, worden omgezet in beleidsvoorstellen à beleid
 Volksvertegenwoordigers, bestuurders, ambtenaren zijn erbij betrokken
 Verschillende actoren proberen hierop invloed uit te oefenen
- Uitvoerfase: Hier worden de nieuwe wetten in gehandhaafd
 Hete vastgestelde beleid wordt uitgevoerd door politieke verantwoordelijke
bestuurders en uitvoerende ambtenaren, zoals politieagenten
 Het kabinet is op landelijk niveau verantwoordelijk voor
- Feedbackfase: Vanuit verschillende actoren in de samenleving komen er reacties terug
de politiek in

,  Heeft de nieuwe regelgeving het probleem opgelost, nieuwe problemen veroorzaakt
 Bij dit laatste begint de cyclus weer opnieuw
- Parlementaire democratie: vorm van democratie waarbij burgers via gekozen
volksvertegenwoordigers in het parlement invloed hebben op wet- en regelgeving
 Zij wegen waarden en belangen af bij het opstellen van maatregelen en wetten, als
een maatschappelijk probleem in de omzetfase is beland
1.2 Wat moet de overheid wel en niet doen?
 Wat is een ideologie en welke waarden zijn belangrijk binnen verschillende
ideologische tradities
 Ideologie: een verzameling ideeën die een groep mensen met elkaar deelt over hoe een
rechtvaardige samenleving eruitziet
- Liberalisme: politieke ideologie die de vrijheid en de tegen verantwoordelijkheid van het
individu centraal stelt en tegen een al te grote bemoeienis van de overheid is, met name
op sociaaleconomisch gebied
 Mensen zijn prima in staat om hun eigen keuzes te maken
 Een kleine overheid die zorgt voor orde, veiligheid en basisvoorzieningen, uitkeringen
(als noodzakelijk, maar niet te hoog)
 Het neemt anders het verantwoordelijkheidsgevoel weg bij mensen, waardoor
mensen minder snel zelf opzoek gaan naar een oplossing
 Een kleine overheid + lage uitkeringen = lage belasting à verschil in inkomens
- Binnen het liberalisme heb je verschillende politieke stromingen
1. Klassiek liberalisme: politieke stroming binnen het liberalisme. Denkers pleiten
voor een minimalistische overheid en gaan uit van negatieve vrijheid
 Negatieve vrijheid: er is sprake van vrijheid als er geen bemoeienis is van anderen
of de overheid
 Niemand mag inbreuk maken op jouw individuele rechten
 Overheid zorgt voor orde, rechtspraak en veiligheid
2. Sociaalliberalisme: politieke stroming binnen het liberalisme. Denkers gaan uit van
positieve vrijheid: zij zien de overheid als een groep burgers die ervoor zorgt dat
individuen zich kunnen ontwikkelen en ontplooien
 Je bent vrij als je de mogelijkheid hebt tot ontplooiing
 Het is rechtvaardig om belastinginkomen te gebruiken om voorzieningen als
onderwijs en gezondheidzorg te financieren, omdat deze voorzieningen mensen
helpen om zichzelf te ontplooien
- Socialisme:
1. Sociaaldemocratie: politieke stroming binnen het socialisme. Denkers streven naar
gelijkheid en solidariteit, een samenleving waarin economische groei aan allen
toekomt
 Armoede beperkt de kansen van mensen om betekenisvol leven te leiden, daarom
heeft de overheid de taak om de kansen en welzijn van kansarme mensen te
vergroten
 Mensen zijn niet verantwoordelijk voor hun eigen succes
 Waarden: gelijkheid & solidariteit
 Gelijkheid: gelijke kansen & gelijke uitkomsten, bijv. ouders geen geld voor laptop
à fonds vanuit gemeente

Written for

Institution
Secondary school
Level
Course
School year
6

Document information

Uploaded on
October 17, 2024
Number of pages
17
Written in
2024/2025
Type
SUMMARY

Subjects

$4.17
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Read online or as PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
vinneveninga

Get to know the seller

Seller avatar
vinneveninga
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
-
Member since
3 year
Number of followers
0
Documents
2
Last sold
-

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Trending documents

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions