Van neurofysiologie naar gedragsneurologie en neuropsychologie:
Hoofdstuk 7: Sensorische
informatieverwerking: Algemeen
Algemene werking van de
hersenen
Input wordt geleverd door de zintuigen, spieren en
klieren moeten geactiveerd worden. Die fysische energie
wordt geregistreerd en worden omgezet in
actiepotentialen. Verwerking: Wat? en Waar?
De zintuigen zijn ergens met elkaar verbonden (worden
geïntegreerd), als je een auto hoort kan je je visueel ook
een auto voorstellen.
Onmiddellijk gaat de motoriek klaarstaan als er een bal
op u afkomt.
We beginnen met de input, het sensorische.
Zintuiglijke waarneming:
- = perceptie = registratie, verwerking en interpretatie van omgevingsprikkels
- Zintuigreceptorcellen staan in voor de sensaties = zetten fysieke prikkels om in
zenuwimpulsen)
INPUT OUTPUT (fysische energie) RECEPTROR receptor-/actiepotentialen EFFECTOR
Verschillende receptoren:
- Mechanoreceptoren (gehoor, tastzin, evenwicht en proprioceptie)
- Chemoreceptoren (reukzin, smaak, pijn, jeuk en irritatie)
- Thermoreceptoren (temperatuursveranderingen)
- Fotoreceptoren (licht)
Elk sensorieel systeem ontvangt vier types van informatie over de waargenomen stimulus:
- Modaliteit (het type van energie waaruit de stimulus bestaat)
- Locatie (welke set van receptoren wordt geactiveerd)
- Intensiteit (met welke amplitude zal de receptor reageren)
- Timing van de stimulus (wanneer begint en eindigt de stimulatie
van de receptor)
(Omzetting van de potentiaalveranderingen in een code van
actiepotentialen)
- Stimulusintensiteit (amplitude) frequentie van de
actiepotentialen
- Stimulusduur (timing) duur van het aantal actiepotentialen
(wanneer begint en eindigt de stimulatie van de receptor)
Hoofdstuk 7: Sensorische
informatieverwerking: Algemeen
Algemene werking van de
hersenen
Input wordt geleverd door de zintuigen, spieren en
klieren moeten geactiveerd worden. Die fysische energie
wordt geregistreerd en worden omgezet in
actiepotentialen. Verwerking: Wat? en Waar?
De zintuigen zijn ergens met elkaar verbonden (worden
geïntegreerd), als je een auto hoort kan je je visueel ook
een auto voorstellen.
Onmiddellijk gaat de motoriek klaarstaan als er een bal
op u afkomt.
We beginnen met de input, het sensorische.
Zintuiglijke waarneming:
- = perceptie = registratie, verwerking en interpretatie van omgevingsprikkels
- Zintuigreceptorcellen staan in voor de sensaties = zetten fysieke prikkels om in
zenuwimpulsen)
INPUT OUTPUT (fysische energie) RECEPTROR receptor-/actiepotentialen EFFECTOR
Verschillende receptoren:
- Mechanoreceptoren (gehoor, tastzin, evenwicht en proprioceptie)
- Chemoreceptoren (reukzin, smaak, pijn, jeuk en irritatie)
- Thermoreceptoren (temperatuursveranderingen)
- Fotoreceptoren (licht)
Elk sensorieel systeem ontvangt vier types van informatie over de waargenomen stimulus:
- Modaliteit (het type van energie waaruit de stimulus bestaat)
- Locatie (welke set van receptoren wordt geactiveerd)
- Intensiteit (met welke amplitude zal de receptor reageren)
- Timing van de stimulus (wanneer begint en eindigt de stimulatie
van de receptor)
(Omzetting van de potentiaalveranderingen in een code van
actiepotentialen)
- Stimulusintensiteit (amplitude) frequentie van de
actiepotentialen
- Stimulusduur (timing) duur van het aantal actiepotentialen
(wanneer begint en eindigt de stimulatie van de receptor)