Forensische psychopathologie
SAMENVATTING
FORENSISCHE
PSYCHOPATHOLOGIE
2022/2023
Alle hoorcolleges en bijbehorende artikelen
Roosje Senden
,2
Forensische psychopathologie
Inhoudsopgave
Hoorcollege 1 – Forensische psychopathologie............................................................................................... 3
Artikel 1.1 – Jankovic et al. (2021).......................................................................................................................4
Hoorcollege 2 – Forensische psychopathologie symptomen (as-I, DSM-5).......................................................6
Artikel 2.1 – Jankovic et al. (2021).......................................................................................................................8
Artikel 2.2 – Bogaerts et al. (2020)......................................................................................................................8
Hoorcollege 3 – Sociale informatieverwerking/fysiologie/agressie.................................................................9
Artikel 3.1 – Nicole et al. (2012).........................................................................................................................11
Artikel 3.2 – Klein-Tuente et al. (2019)...............................................................................................................11
Hoorcollege 4 – Forensische diagnostiek & psychose....................................................................................12
Hoorcollege 5 – Forensische diagnostiek & persoonlijkheidsstoornissen.......................................................16
Artikel 5.1 – Degenhardt et al. (2015)................................................................................................................18
Artikel 5.2 – Azevedo et al. (2020).....................................................................................................................18
Hoorcollege 6 – Sociale netwerken en psychopathologie..............................................................................19
Hoorcollege 7 – Psychopathologie en LVB.................................................................................................... 20
Artikel 7.1 – Chester et al. (2018).......................................................................................................................21
Hoorcollege 8 – Parafiele stoornis (zorgstandaard) a.d.h.v. casus.................................................................21
Artikel 8.1 – Kingston et al. (2017).....................................................................................................................23
Artikel 8.2 – Szumski et al. (2018)......................................................................................................................24
, 3
Forensische psychopathologie
Hoorcollege 1 – Forensische psychopathologie
Forensische psychopathologie is gebaseerd op 3 verschillende pijlers (in feite de ‘needs’ van het
RNR-model):
Classificatie a.d.h.v. de DSM
Risico- en beschermende factoren a.d.h.v. risicotaxatie instrumenten
Het delict (wat vertelt het, hoe is het gepleegd en wie is het slachtoffer?)
RNR-model: volgens dit model zijn er 3 principes voor een zo effectief mogelijke behandeling:
Risk: de behandeling moet aansluiten op het risiconiveau van de dader
Need: behandeling moet aansluiten op delict gerelateerde problematiek
Responsivity: de behandeling moet aansluiten op de capaciteiten van de dader
Criminogene behoeften: factoren die voorspellend zijn voor recidive. Ze zijn dynamisch en dus
behandelbaar. Uit onderzoek blijkt dat er 8 belangrijke criminogene behoeften zijn:
Antisociale attitudes
Antisociale peers
Antisociaal gedragspatroon
Geschiedenis van antisociaal gedrag
Familiale factoren
Gebrek aan werk/onderwijs
Gebrek aan hobby’s en middelenmisbruik
De onderstreepte behoeften worden ook wel de big four genoemd en hebben een directe invloed op
crimineel gedrag. De overige behoeften worden de moderate four genoemd en hebben een indirecte
invloed op crimineel gedrag.
Het ‘good lives’ model zet als behandeling juist in op dynamische beschermende factoren in plaats
van dynamische risicofactoren.
Naast criminogene behoeften zijn er ook niet-criminogene behoeften: factoren die indirect werken
op de kans van recidive. Deze kunnen versterkend of beschermend werken. Denk bijv. aan:
Eigenwaarde
‘Anxiety’
Gebrek aan ouderlijke support
Slachtofferschap
Vijandigheid
Ontwikkelingsproblemen