100% de satisfacción garantizada Inmediatamente disponible después del pago Tanto en línea como en PDF No estas atado a nada
logo-home
Examengerichte samenvatting onderwijssociologie en -beleid (3 stp) $10.01
Añadir al carrito

Resumen

Examengerichte samenvatting onderwijssociologie en -beleid (3 stp)

 9 veces vendidas
  • Grado
  • Institución
  • Book

Deze samenvatting is gebaseerd op de lessen van het van onderwijssociologie en onderwijsbeleid en het handboek. Deze samenvatting bevat alle hoofdstukken die behandeld worden door iedereen die dit vak voor 3 studiepunten opneemt (hoofdstukken 1, 2, 3, 4, 15 en 16). De samenvatting telt 17 pagina's...

[Mostrar más]

Vista previa 3 fuera de 19  páginas

  • No
  • H1, h2, h3, h4, h15, h16
  • 30 de enero de 2020
  • 19
  • 2019/2020
  • Resumen
avatar-seller
Onderwijssociologie en
onderwijsbeleid
Hoofstuk 1: De ideologische oorlog
Algemene principes zijn hierdoor ontstaan, belemmeren parlement en onderwijsminister in wat ze
kunnen en mogen doen als onderwijsbeleid.

(einde) Oostenrijkse periode (1715-1794)
Er was Katholiek onderwijs (Kloosterscholen)

Maria Theresia zag belang van onderwijs in. Probeerde controle van onderwijs naar staat te brengen.

Franse periode (na 1794)
Alles wat er was van secundair onderwijs onder controle van de staat. (lager onderwijs niet helemaal,
maar voor een groot deel wel) => erg veel conflict met katholieke kerk

Nederlandse periode (van 1815 (Napoleon verslagen in Waterloo),
tot 1830)
Conflict scherper geworden.

 Koning Willem I in 1825:
o net van openbare lagere scholen uitbouwen
o theologische fac. van KUL naar staat. Opleiding priesters onder controle van de staat.
=> Alles nu onder controle van de staat => geen vrij onderwijs meer.

Dictatoriale neigingen van Koning Willem I => aanleiding ontstaan van België (in 1830)

Katholieken werken samen met liberalen om te komen tot onafhankelijk België. Vrijheid van
onderwijs was motivatie van de katholieken. Liberalen wouden vrijheid van vereniging (vrijheid van
drukpers). => L’union sacré (monsterverbond om van Willem I af te geraken).

Dag na proclamatie van onafhankelijken (1830)
Ongelimiteerd vrijheid van onderwijs opnieuw afgekondigd: iedereen kan een school oprichten.
Katholieken richten opnieuw massaal scholen op. Deze scholen zijn NIET gesubsidieerd.

1842
Nieuwe Belgische staat maakt nieuwe onderwijswetten. Bv. Organieke wet op het lager onderwijs.
Subsidieregeling, Oprichting gemeentelijk basisonderwijs (op het plattenland vooral in feite
Katholiek) en experimenteren met vrije scholen.

1850
Organieke wet op het middelbaar => staat bood nu ook zelf middelbaar onderwijs aan.

Vrije scholen niet gesubsidieerd (wel via gemeentelijke aanneming waarbij gemeente een vrije school
‘patroneerd’).

,1878-1884
Pierre van Humbeek (liberaal, minister van onderwijs) maakt verbod op verplichte katholieke
godsdienst (tijdens de lessen) in gemeentelijke scholen. Volgende legislatuur opnieuw afgeschaft +
subsidieregeling voor ‘aannneembare scholen’.

1914
Eerste wet op leerplicht, vanaf 6 jaar tot 14 jaar. (iets meer dan het lager onderwijs)

Na WO I
Stemrecht voor alle mannen => Homogene liberale regering veel minder waarschijnlijk, altijd
coalities. Minder schokken in onderwijsbeleid (niet meer invoeren van wetten en 6 jaar later weer
afschaffen). Conflict blijft bestaan omdat vrije (katholieke) scholen veel minder subsidies krijgen.

Na interbellum (tussen twee WO’en)
Modernisering van België, meer en meer geschoolde arbeidskrachten nodig. Omdat het vrij katholiek
onderwijs minder subsidies had moesten ze inschrijvingsgeld vragen. Rijksonderwijs moest dit niet
doen. => marktaandeel rijksonderwijs steeds groter => spanningen.

Positie bisschoppen en kardinaal: Rijksonderwijs moet niet overal. Vrij onderwijs moet meer geld
krijgen. Vonden dat ze 2x moesten betalen: Zowel inschrijvingsgeld voor hun kinderen (waarvan ze
vonden dat die absoluut naar het katholiek onderwijs moesten) als belastingen waarmee
rijksonderwijs betaald werd.

Positie liberalen: iedereen moet naar school kunnen gaan zonder beïnvloed te worden door katholiek
onderwijs. En katholiek onderwijs moet geen extra geld krijgen, ze hebben de prijs van de vrijheid.

Eerste periode na WO II (tussen 1945-1950)
Zeer politiek instabiel. Veel gevallen regeringen.

1949 en 1950: Verkiezing waarbij katholieke partij (CVP, vroegere CD&V) meerderheid halen,
ontstaan van homogene katholieke regering. Onderwijsminister: Pierre Harmell.

 Katholiek onderwijs subsidiëren
o Kardinaal Van Roey wou vast bedrag per leerling => geld vrij te investeren
 Gemende commissies
o Evenveel mensen van ene en andere net (dus helft katholiek onderwijs)
o Geven advies aan minister over oprichten van nieuwe rijksschool
o “De vijand moest mee beslissen over oprichting van nieuwe rijksscholen”
=> werkt traag

1954 - 1958
[Premier: Achille Van Akker (socialist)]

Onderwijsminister: Leo Collard (Franstalige socialist)

 Gemengde commissie wordt opgeheven
 Programma om meer rijksscholen op te richten
 Minder financiering voor katholiek onderwijs
 ALLE leerkrachten betaalt door de staat via postcheque (ook katholieken)
 Reeks leerkrachten uit rijksonderwijs ontslagen omdat ze diploma uit katholiek onderwijs
hadden

, 1958
Nauwelijks regering te maken.

Gaston Eyskens (CVP) zoekt oplossing voor politieke crisis: katholieke minderheidsregering.
Onderwijsdebacle oplossen door 6 partijvoorzitters samen te zetten en te laten debatteren en tekst
laten opstellen (20 november 1958) => het schoolpact => omgezet in wet: Schoolpactwet (29 mei
1959).

 Grootste compromis wat in onderwijs ooit is gemaakt
 Katholieken erkennen dat elke ouder recht heeft om te kiezen tot rijksonderwijs
o Overal mogen rijksscholen opgericht worden
 Liberalen erkennen dat vrij onderwijs subsidies mogen krijgen
 Scholen krijgen pedagogische vrijheid
 Staat (ministerie van onderwijs) betaalt alle leerkrachten, zo gelijk mogelijk voor vrij- en
staatsleerkrachten + gemeenschappelijke pensioenregeling
 Diploma’s die door vrij onderwijs uitgereikt worden, worden erkend door de staat
 Afspraak: scholen doen niet aan politiek (commissie opgericht “laakbare praktijken” nu:
zorgvuldig bestuur), geen politieke propaganda

1970
Staatshervorming:

 Onderwijs is bevoegdheid van de gemeenschappen, niet meer federale staat
 Belangrijkste uitzondering: de schoolvrede (schoolpactwet), wijzigingen aan onderwijs
moesten dus nog steeds federaal gebeuren
 Door vele uitzonderingen bleef federale staat eigenlijk nog steeds bevoegd voor het
onderwijs
 Franstalige en Nederlandstalige minister van onderwijs
o Belgisch ministerie van onderwijs gesplitst in Franstalig en Nederlandstalig deel
o Want in Vlaanderen vooral Vrij onderwijs, in Wallonië vooral staatsonderwijs

1973
Katholiek onderwijs kwam in problemen om schoolgebouwen te kopen. Minder roepingen, minder
bisschoppen, minder geld. Bovendien was er een gigantische expansie van onderwijs. => katholiek
onderwijs kan onvoldoende schoolgebouwen kopen.

 Schoolpact herzien, reden: gebouwenproblematiek. Vrij onderwijs kreeg geen geld voor
schoolgebouwen. Maar Vrij onderwijs had dat in 1958 ook niet gevraagd! Bij herziening wel
subsidie voor schoolgebouwen van vrij onderwijs.
 Nationaal waarborgfonds voor onderwijs. Vrij onderwijs kan lenen aan aanvaardbare interest

1980
Technische staatshervorming

1983
Leerplichtwet aangepast tot 18 jaar.

1988
Staatshervorming:

 Waarborgen schoolpactwet in de grondwet

Los beneficios de comprar resúmenes en Stuvia estan en línea:

Garantiza la calidad de los comentarios

Garantiza la calidad de los comentarios

Compradores de Stuvia evaluaron más de 700.000 resúmenes. Así estas seguro que compras los mejores documentos!

Compra fácil y rápido

Compra fácil y rápido

Puedes pagar rápidamente y en una vez con iDeal, tarjeta de crédito o con tu crédito de Stuvia. Sin tener que hacerte miembro.

Enfócate en lo más importante

Enfócate en lo más importante

Tus compañeros escriben los resúmenes. Por eso tienes la seguridad que tienes un resumen actual y confiable. Así llegas a la conclusión rapidamente!

Preguntas frecuentes

What do I get when I buy this document?

You get a PDF, available immediately after your purchase. The purchased document is accessible anytime, anywhere and indefinitely through your profile.

100% de satisfacción garantizada: ¿Cómo funciona?

Nuestra garantía de satisfacción le asegura que siempre encontrará un documento de estudio a tu medida. Tu rellenas un formulario y nuestro equipo de atención al cliente se encarga del resto.

Who am I buying this summary from?

Stuvia is a marketplace, so you are not buying this document from us, but from seller thysachille129. Stuvia facilitates payment to the seller.

Will I be stuck with a subscription?

No, you only buy this summary for $10.01. You're not tied to anything after your purchase.

Can Stuvia be trusted?

4.6 stars on Google & Trustpilot (+1000 reviews)

45,681 summaries were sold in the last 30 days

Founded in 2010, the go-to place to buy summaries for 15 years now

Empieza a vender

Vistos recientemente


$10.01  9x  vendido
  • (0)
Añadir al carrito
Añadido