Kennislijn, zelfbeeld en denkfouten.
Zelfbedrog, onze zelfkennis is erg slecht, dit komt door een hele scala aan
psychologische mechanismen (denkfouten)
Soorten denkfouten:
Het spotlight effect: we overschatten de mate waarin andere op ons letten.
Komt voort uit de puberteit. (1999)
Het lake wobegon effect: jezelf beter vinden dan dat je eigenlijk bent.
Self-serving bias:
De goede dingen die gebeuren komen door je slimheid, geweldigheid
ect.
De slechte dingen komen door ongeluk of pech.
Attributietheorie: gedrag verklaren (Heider, 1958)
Wij proberen altijd oorzaken aan gedrag toe te kennen. (Het komt
door…)
Interne attributie: het gedrag komt door kenmerken van de persoon zelf
(hij is onhandig) ( je zoekt het bij jezelf)
Externe attributie: het gedrag komt door de factoren in de
sociale/fysieke omgeving. (de stoep is glad) ( je zoekt het buiten jezelf)
o Stabiele verklaring: ik ben dom, dingen kunnen niet veranderen.
Of variabele verklaring: ik heb onvoldoende geleerd. Kunnen wel
veranderen.
De fundamentele attributiefout (denkfout): de algemene neiging van mensen
om de invloed van een persoon op een gebeurtenis te overschatten en die van
de omstandigheden te onderschatten het ligt aan het karakter, niet aan de
situatie)
Als het om onszelf gaat: mensen hebben de neiging om te attribueren op een
wijze die prettig is voor het eigen zelfbeeld ⇒ self serving bias
Locus of control
Interne locus/control: mijn leven wordt bepaald door mijzelf.
Externe locus/control: mijn leven wordt bepaald door mijn omgeving, het lot,
toeval of andere mensen
Dit kun je testen: Internal-External locus of Control Scale
Iemand heeft niet of een interne of een externe locus of control, maar
van beide iets.
Door externe attributies (Andere de schuld geven) maken cliënten zichzelf
machteloos.
Hulpverleners attribueren ook. Dit heeft invloed op de hulpverleningsrelatie.
Zelfbedrog, onze zelfkennis is erg slecht, dit komt door een hele scala aan
psychologische mechanismen (denkfouten)
Soorten denkfouten:
Het spotlight effect: we overschatten de mate waarin andere op ons letten.
Komt voort uit de puberteit. (1999)
Het lake wobegon effect: jezelf beter vinden dan dat je eigenlijk bent.
Self-serving bias:
De goede dingen die gebeuren komen door je slimheid, geweldigheid
ect.
De slechte dingen komen door ongeluk of pech.
Attributietheorie: gedrag verklaren (Heider, 1958)
Wij proberen altijd oorzaken aan gedrag toe te kennen. (Het komt
door…)
Interne attributie: het gedrag komt door kenmerken van de persoon zelf
(hij is onhandig) ( je zoekt het bij jezelf)
Externe attributie: het gedrag komt door de factoren in de
sociale/fysieke omgeving. (de stoep is glad) ( je zoekt het buiten jezelf)
o Stabiele verklaring: ik ben dom, dingen kunnen niet veranderen.
Of variabele verklaring: ik heb onvoldoende geleerd. Kunnen wel
veranderen.
De fundamentele attributiefout (denkfout): de algemene neiging van mensen
om de invloed van een persoon op een gebeurtenis te overschatten en die van
de omstandigheden te onderschatten het ligt aan het karakter, niet aan de
situatie)
Als het om onszelf gaat: mensen hebben de neiging om te attribueren op een
wijze die prettig is voor het eigen zelfbeeld ⇒ self serving bias
Locus of control
Interne locus/control: mijn leven wordt bepaald door mijzelf.
Externe locus/control: mijn leven wordt bepaald door mijn omgeving, het lot,
toeval of andere mensen
Dit kun je testen: Internal-External locus of Control Scale
Iemand heeft niet of een interne of een externe locus of control, maar
van beide iets.
Door externe attributies (Andere de schuld geven) maken cliënten zichzelf
machteloos.
Hulpverleners attribueren ook. Dit heeft invloed op de hulpverleningsrelatie.