Garantie de satisfaction à 100% Disponible immédiatement après paiement En ligne et en PDF Tu n'es attaché à rien 4.2 TrustPilot
logo-home
Resume

Samenvatting ALLE HOOFDSTUKKEN metabolisme en metabole regeling

Vendu
26
Pages
180
Publié le
21-12-2023
Écrit en
2023/2024

Deze samenvatting bevat alles wat gezegd is in de les + ppt + theorie boek. Er staat ook aangegeven wat de leerkracht aankaartte wat belangrijk is voor het examen.














Oups ! Impossible de charger votre document. Réessayez ou contactez le support.

Infos sur le Document

Livre entier ?
Oui
Publié le
21 décembre 2023
Nombre de pages
180
Écrit en
2023/2024
Type
Resume

Sujets

Aperçu du contenu

Inleiding
Belangrijke klassen Biomoleculen

- Suiker (koolhydraten)
- Lipiden (vetten) → vetzuren en glycerol
- Proteïnen (eiwitten) → aminozuren, peptiden
- Nucleïnezuren (RNA en DNA) → nucleotiden (ATP) en basen


Suikers (koolhydraten)
• Bouwstenen: monosachariden
• Bindingen: glycosidebindingen (=> disachariden, oligosachariden, polysachariden)
• Belang stereochemie (zie volgende slide)
• Niet gecodeerd in het genoom (wel de enzymen die de suikers aanmaken)
• Polymeren geen unieke grootte, dus molecuulmassa variabel getal
• Meest abundante biomoleculen op Aarde
• Belang: voeding, metabolisme, biomedische toepassingen
• Belangrijke functies:
o Energiebron in gezonde en minder gezonde voeding
o Structuurgevende moleculen

Disachariden
CH2OH
Glycosidebinding: drie belangrijke dissachariden Sucrose
glucose fructose OH
O HOCH2
O
HO
alfa-1 ® 2 O
Glycosidebinding = Binding die 2 monosachariden verbindt HO
OH
CH2OH
HO
CH2OH CH2OH
HO O O OH
Sucroseverbruik: relatie met caries en met obesitas/diabetes Lactose
galactose glucose OH O OH
bèta-1 ® 4

OH OH
Lactose: Belangrijkste suiker in moedermelk en koemelk “uitvinding” van zoogdieren CH2OH CH2OH
O O OH
Maltose
glucose glucose OH OH
Maltose: Tussenproduct in: * pijsvertering van zetmeel * Bierproductie (mouten) alfa-1 ® 4
HO
O

OH OH


Oligosacchariden: belang voor de structuur van membranen (zie ook bloedgroepen)
Zeer veel mogelijkheden:
Glycoproteïne
1. Soorten bouwstenen
2. Soorten glycosidebindingen




Polysacchariden: cruciale structuurgegevende moleculen
Belangrijkste structuurpolymeer Cellulose in planten:

• Celwanden
• Houtvezels

Belangrijkste structuurpolymee Chitiner in ongewervelde dieren

• Insecten (exoskelet)
• Schaaldier (pantser)

• Zetmeel: Onvertakt = amylose Vertakt = amylopectine
• D-glucose-polymeer, belangrijkste energiereserve in planten (knollen, bollen, zaden)
• Glycogeen: functioneel belangrijke (maar mineure) energiereserve in lever en spieren
• Dextranen: Energiereserve van bacteriën in mondholte => spelen een rol in het ontstaan van tandplaque en
tandsteen

Glucosaminoglycanen
• Bouwstenen afgeleiden van reguliere suikers

1

,• Sterk polair, negatieve ladingen => binden veel water
• Repeterende disacharide-eenheid, zeer lange strengen
• Sommige zijn covalent verbonden aan eiwit => proteoglycanen
• Functies in de extracellulaire ruimte (bindweefsel, bloedbaan, kraakbeen, gewrichten)

• Belangrijkste structuurpolymeer hyaluronzuur in
o Glasachtig lichaam van het oog
o Navelstreng
o Gewrichtsvloeistof
• Belangrijkste structuurpolymeer heparine bloevaatwand (bekleding)
o Natuurlijke antistolling
o Medische toepassing antistolling

Glucosaminoglycanen ze bestaan uit 95% suikers en 5% eiwitten

• Negatief geladen
• Ontstaan door repeterende disacharide


Lipiden
• Bouwstenen: vetzuren + alkoholdrager (glycerol, cholesterol)
• Bindingen: ester en etherbindingen
• Chemisch zeer divers (zie volgende dia’s); maar altijd hydrofoob effect
• Niet gecodeerd in het genoom (wel de enzymen die de lipiden aanmaken)
• Belang: voeding, metabolisme, membranen, biomedische toepassingen
• Belangrijke functies:
o Energiebron in gezonde (olijven) en minder gezonde voeding (boter)
o Vorming van biologische membranen

Vetzuren
• Lengte: even aantal C-atomen (verklaring: mechanisme van synthese); onvertakte koolwaterstofstaarten
• Bindingen:
o alleen enkelvoudige C-C bindingen (=> verzadigde vetzuren)
o ook cis- C=C bindingen (=> onverzadigde vetzuren)
• Namen: triviale namen kennen (zie tabel 1.2 boek); strukturen kunnen
herkennen, niet kunnen tekenen
• Belang: Vrije vetzuren zijn belangrijke metabolieten, vetzuren veresteren aan een alkoholgroep => lipiden

Triglyceriden = triacyl-glycerolen
• Opbouw: drie vetzuren (onvertakte koolwaterstofstaarten) veresterd met de drie OH-groepen van glycerol
• Bindingen:
o alleen enkelvoudige C-C bindingen (=> verzadigde vetzuren) => dierlijke vetten, hoge smelttemperatuur
o ook cis- C=C bindingen (=> onverzadigde vetzuren) => plantaardige olieën of visolie; lage smeltT
• Verklaring: zwakke vanderwaals interacties meer uitgesgesproken bij verzadigde vetzuren
• Belang: belangrijke macronutrient (=> energie) en belangrijkste energievoorraad (=> vetweefsel)




Membraanlipiden: glycerolipiden en sfingolipiden
• Opbouw glycerolipiden:
o twee vetzuren(=> verzadigd/onverzadigd) op naasteengelegen OH-groepen
glycerol
o derde OH-groep glycerol veresterd met een fosfaatgroep = samen
fosfatidylgroep
o vier klassen, afhankelijk van de extra groep op fosfatidyl: choline, ethanolamine, serine en inositol
2

,• Opbouw sfingolipiden:
o een vetzuur(=> verzadigd/onverzadigd) op amino-alkohol sfingosine
o fosfaatgroep (choline) of suikergroepen op sfingosine

Belang: amfifatische structuren met een polaire kop en apolaire CH-staarten =>
bijeengedreven tot dubbellagen

water
polair



Het ontstaan van lipidendubbellaag apolair



Amfifatische structuren: polair
water


• Polaire koppen (geladen, polaire groepen) willen met water interageren, Apolaire groepen weggedreven van
de waterwereld, Maximale opstapeling als dubbellagen

Belang: vormen van biologische membranen, grenzen van cellen en van subcellulaire organellen

Cholesterol: belangrijk membraanlipide
• Opbouw:
o Vier ringstructuren (A, B, C, D)
o Op de D-ring een vertakte koolwaterstofgroep
o Op de A-ring een OH groep
o Op de B-ring één dubbele binding
o Tussen de A-B en C-D ringen twee methylgroepen
• Belang: Niet-veresterd, in membranen (zie beneden)
Veresterd: in vetdruppeltjes in bloedbaan (LDL) of in cellen

Cholesterol intercaleert goed tussen de verzadigde vetzuurstaarten van sfingolipiden; dit geeft een stijve
structuur => lipid rafts

Het vloeibaar mozaiekmodel van biologische membranen
• Opbouw:
o Membraanlipiden vormen moleculaire dubbellaag (apolaire groepen “verborgen” voor water)
o De moleculen van de dubbellaag hebben zwakke aantrekkingskrachten tot elkaar => vloeibaar
o In de dubellaag “dobberen” integrale membraaneiwitten met amfifatische opbouw:
o Apolaire delen van integrale eiwitten interageren met de vetzuurstaarten van de dubbellaag (1)
o Polaire gedeelten van integrale membraaneiwitten interageren met de waterwereld
o Aan extracellulaire zijde van celmembranen vaak suikergroepen op de eiwitten en lipiden
o Aan integrale membraaneiwitten zitten vaak perifere eiwitten (2) => ankerpunten, signaaltransductie ….
o Lipid rafts zijn stijvere structuren in deze zee door het aanrijken verzadigde vetzuurketens en vrije
cholesterol


Aminozuren en eiwitten
• Aminozuren:
o Bouwstenen van alle eiwitten
o Voorlopers van afgeleide moleculen (voorbeeld heem, neutrotansmitters, polyaminen..)
o Niet alle aminozuren kunnen aangemaakt worden door menselijk lichaam => essentieel in de voeding

Eiwitten: ! Eiwitten liggen wel in genoom!

o Meest promininente ”uitvoerders” van functie (structuur, signaaloverdracht, bescherming, metabolisme)
o Ongeveer 15% van lichaamsgewicht van mens is een mengsel van eiwitten (na water de belangrijkste
component van de meeste cellen - uitzondering vetcellen)
o Liggen gecodeerd in de genen in het genoom (één gen => uniek eiwit (of groep varianten) => unieke
functie(s))
o Belangrijke voedingsgroep van macronutrienten
o Wereldwijd is eiwitondervoeding een van de meest voorkomende oorzaken van kindersterfte


Aminozuren
• Opbouw:

3

, o Altijd aminogroep en carboxylgroep: twee belangrijke groepen voor een peptidebinding
o Zwitterionen => aminogroep en carboxylgroep geïoniseerd (geladen bij pH = 7,4)
o Op centraal C-atoom 4 verschillende groepen, waaronder aminogroep, carboxylgroep, H-atoom en zijketen
R => chiraal centrum ; alleen L-aminozuren worden gebruikt
o Bijzondere gevallen: glycine (zijketen R is H-atoom, dus geen chiraal centrum); proline (zijketen covalent
verbonden met N-groep)

!! Alle AZ hebben een centraal centra, er zijn ook speciale groepen,
glycine en proline hebben geen centrale centra.

Onderverdeling van de aminozuren
De zijketens van de 20 aminozuren zijn verschillend van elkaar: verschillen goed aanleren!

!! EXAMEN !! Welk AZ polair en welk apolair




Zijketenmodificaties
• Mechanisme
o Reversiebele covalente verandering van de chemische opbouw van de
zijketen
o Onderverdeling in type verandering: fosforylering (zie beneden),
acetylering, methylering,…
o Specifieke regelmechanismen (enzymen die de verandering aanbrengen/weghalen)
• Belang:
o Verandering van structuur, lading, vorm => verandering van eiwitfunctie
o Zeer prominente rol in metabole regeling

Diverse niveau’s van een eiwitstructuur
• Opbouw:
o Niet vertakte kettingen van 20 soorten kleine bouwstenen (= residu’s):
aminozuren
o Ruggengraat van de ketting = peptidebackbone, regelmatige peptidebindingen
o De zijketens van de aminozuren ”bekleden” de ruggengraat
o Onderverdeling in apolaire/polaire zijketens => bepalen hoe de ketting zich oprolt in de waterwereld
o Oligopeptiden (2-20 residu’s); polypeptiden (20-100 residu’s); echte eiwitten (>100 residu’s)
• Primaire structuur (covalente bindingen binnen de ketting):
o Volgorde van de aminozuurbouwstenen + S-S bruggen (zwavelbruggen) = unieke eigenschap van elk type
eiwit
o Richting” in de ketting (aminoterminus => carboxyterminus (gevolg van aanmaak eiwitten)
o Instructie van aanmaken van bepaalde aminozuurvolorde via mRNA, een afschrift van genoominformatie
(exons in gen)

Orthologe verwantschap van primaire eiwitstructuren
Elke volgorde is ”eigen” aan het eiwit

• Alle insulines van alle diersoorten op Aarde lijken op elkaar => signatuur van een insuline
• Vergelijken zelfde type eiwit in verschillende diersoorten = orthologe vergelijking
• Hoe groter de sekwentiehomologie => hoe groter het functionele belang (voorbeeld A-keten; dibasische RR of
KR)
4
€17,19
Accéder à l'intégralité du document:
Acheté par 26 étudiants

Garantie de satisfaction à 100%
Disponible immédiatement après paiement
En ligne et en PDF
Tu n'es attaché à rien


Document également disponible en groupe

Thumbnail
Package deal
Voordeelbundel van 3 totale samenvattingen
-
7 3 2023
€ 47,17 Plus d'infos

Reviews from verified buyers

Affichage de tous les 5 avis
11 mois de cela

1 année de cela

1 année de cela

2 année de cela

1 année de cela

4,0

5 revues

5
0
4
5
3
0
2
0
1
0
Avis fiables sur Stuvia

Tous les avis sont réalisés par de vrais utilisateurs de Stuvia après des achats vérifiés.

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
Les scores de réputation sont basés sur le nombre de documents qu'un vendeur a vendus contre paiement ainsi que sur les avis qu'il a reçu pour ces documents. Il y a trois niveaux: Bronze, Argent et Or. Plus la réputation est bonne, plus vous pouvez faire confiance sur la qualité du travail des vendeurs.
Lorejansens123 Odisee Hogeschool
Voir profil
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
130
Membre depuis
4 année
Nombre de followers
34
Documents
45
Dernière vente
5 jours de cela

4,1

12 revues

5
4
4
6
3
1
2
1
1
0

Récemment consulté par vous

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions