Garantie de satisfaction à 100% Disponible immédiatement après paiement En ligne et en PDF Tu n'es attaché à rien 4,6 TrustPilot
logo-home
Resume

Samenvatting - Geschiedenis van het denken

Note
-
Vendu
-
Pages
23
Publié le
12-01-2024
Écrit en
2023/2024

Een samenvatting van het boek Nigel Warburtons 'Filosofie, de basisprincipes': Ethiek, wetenschapsfilosofie, scepticisme, kunst

Établissement
Cours

Aperçu du contenu

Geschiedenis van het denken – samenvatting
4 thema’s: ethiek, wetenschapsfilosofie, scepticisme, esthetiek

Het beantwoorden van de vragen
• In je eigen woorden
• Volzinnen (meervoud)
• Stelling + Argument (+ Bewijs/Verwijzing/Citaat)
• Zonder onderbouwing zijn meningen irrelevant
• Citeren: Ter onderbouwing, niet als antwoord – Kort - Inclusief toelichting

Wat is filosofie?
“Filos”: (houden van) – “sofia” (wijsheid): liefde voor wijsheid
o Het is een activiteit, het is een manier van denken over bepaalde vragen. Filosofen zijn
altijd bezig met het bedenken van argumenten of bekritiseren argumenten van andere
mensen. Het is een goede manier om beter leren nadenken over levensvragen.

Wijsheid? Het streven naar kennis, inzicht en het begrijpen van fundamentele aard van het
bestaan.
o Sofisten: retoriek  de kunst van het effectief spreken en schrijven om te overtuigen.
Ze waren gericht op praktische vaardigheden dan op abstracte waarheden
o Plato: dialoog  is een middel om waarheid te ontdekken
o Aristoteles: logica en wetenschap  heeft redenering en classificatie vormden de basis
voor wetenschappelijke methoden.
o Epicurus en de Stoa: therapeutisch  hij stelde dat het doel van het menselijke leven
geluk was. Dat kan worden behaald door het vermijden van pijn en genietem van
matig plezier.
Scheiding academische en niet-academisch?
o Oudheid, niet-westerse filosofie, naoorlogse filosofie
o Gespecialiseerde journals
o Filosofie in de 21e eeuw




Deugdethiek: het ontwikkelen van deugden en positieve morele eigenschappen voor goed
handelen.
 Deugden zijn morele kwaliteiten (wijsheid, vriendelijkheid, moed) die een persoon tot
een goed mens maken.
 Het streven naar deugd leidt tot eudaimonia/geluk/bloei  een gelukkig leven leidt
 Het intrinsieke streven naar deugdzaamheid is een innerlijke eigenschap

Plichtethiek: morele waarde van een handeling wordt bepaald door de mate waarin het in
overeenstemming is met de morele plichten
 Voor Kant is de morele plicht gebaseerd op universele wetten/categorische imperatief
 Mensen moeten niet als middelen worden gebruikt om andere doelen te bereiken,
maar moeten als doelen worden beschouwd.
 Autonomie: verwijst naar her vermogen van individuen om zelfstandig morele
beslissingen te nemen
 Focus op de intentie achter de handeling; het morele karakter van een handeling
wordt niet bepaald door de uitkomst, maar door de intentie om te handelen

,Gevolgenethiek: Utilitarisme. De morele waarde van een handeling wordt beoordeeld op
basis van de gevolgen ervan
 Het nastreven van geluk en plezier het hoogste morele doel is.
 Beoordeelt de waarde van een handeling aan de hand van het nut dat het oplevert
(nut = geluk, plezier, welzijn)
 Men moet streven naar het grootste geluk en plezier
o Individueel utilitarisme: Het nastreven van het grootste nut of genot voor het
individu.
o Algemeen utilitarisme: Het streven naar het grootste totale nut of genot voor
iedereen.
 Het uiteindelijke resultaat van een handeling is cruciaal. Als een handeling leidt tot
meer geluk en plezier, wordt het beschouwd als moreel juist.

Wetenschapsfilosofie: inductie, context, falsificationisme, paradigma’s
 Wetenschappelijke methode
o Natuurfilosofie  was de vroege vorm van wetenschapsfilosofie waarin denkers
probeerden se natuurlijke wereld te begrijpen zonder de scheiding tussen filosofie en
wetenschap
o Inductie en abductie
 Abductie: het vormen van een redelijke verklaring of hypothese op basis van
beschikbare bewijs
 Het gras is nat; als het regent, wordt het gras nat; het heeft geregend
o Hypothetico-deductief model: Popper  als een hypothese weerlegd kan worden
door waarnemingen, wordt deze afgewezen.
o Hermeneutiek: Schleiermacher, Dilthey, Gadamer
 Probleem: Hoe kan de filosofie zichzelf bevragen?
Het is en probleem van zelfreflectie. Filosofie probeert nadenken over haar eigen
methoden, aannames en doelen

Inductie = een redeneermethode waarbij conclusies worden getrokken op basis van
waarnemingen.
Falsificationisme = Popper stelt dat wetenschappelijke theorieën falsifieerbaar moeten
zijn, ze moeten vatbaar zijn voor experimenten of waarnemingen kunnen weerleggen

Scepticisme: kennis, twijfel, fundering, hallucinaties, subjectiviteit
 René Descartes: op zoek naar een onbetwijfelbaar fundament van de wetenschap;
blauwdruk van de ‘ware’ werkelijkheid
o Het “gezond verstand” twijfelt  hij wilde een fundament vinden dat niet vatbaar was
voor twijfel.
o Cartesiaans theater  hij vergeleek de geest met een theater waarin mentale
voorstellingen worden waargenomen. Dit laat zien de scheiding tussen de geest en het
lichaam en benadrukt het idee van een innerlijke mentale wereld.
 Het is een filosofische houding die twijfelt aan de mogelijkheid om ware kennis te
verwerven. Sceptici stellen vragen over de betrouwbaarheid van onze zintuigen.
 Sceptici overwegen de mogelijkheid van hallucinaties en valse waarnemingen als
redenen om de betrouwbaarheid van onze zintuiglijke ervaringen in twijfel te trekken.
 Hij zocht naar een onbetwijfelbaar fundament voor kennis
o “Cognito, ergo sum”: ik denk, dus ik ben

Esthetiek: schoonheid, mimeses (imitatie), kunst, creatie
 Plato: verbod op mimesis (boeken II, III en X)
o Epistemologisch/metafysisch: de artiest is de ‘derde laag’ en heeft geen kennis
van het geïmiteerde object?
o Ideeënleer + de ziel
o Ethisch: ‘kunst voedt de passies’; ‘kunst misleidt ons vanwege haar essentie’
o Aristoteles: kunst als catharsis

, - Betreft de studie ban schoonheid en kunst. Het onderzoekt de aard van esthetische
ervaringen, wat als mooi wordt beschouw en hoe kunst ons emotioneel beïnvloedt.
- Mimesis/imiatie = het verwijst naar de imitatie van de werkelijkheid in kunst en
literatuur.
- Kunst wordt beschouwd als een expressievorm waarin creativiteit en esthetische waarde
samenkomen.
- Creatie = verwijst naar het vermogen van kunstenaars om nieuwe kunstwerken te
produceren.
- Aristoteles = hij beschouwde kunst als een middel tot catharsis, een reiniging van
emoties. Door kunst te ervaren, kunnen mensen hun emoties loslaten. Het heeft dan een
therapeutisch effect op de ziel.

Zijn er grenzen tussen deze vakgebieden? Overlappende vragen met verschillende
implicaties: Wie of wat is het subject? Wat is kennis? Wat is goed en wat is kwaad?
- Deze overlappende gebieden illustreren de samenhang van filosofische vragen.

Ethiek – Goed en Kwaad
Het zijn concepten die zich bezighouden met de studie van moraliteit en het onderscheid
tussen juist en onjuist gedragen.

Moraal = de zedenleer genoemd, is de leer van goed en kwaad. Het vormt een belangrijk
aspect van de ethiek.
Moreel heeft 2 betekenissen:
1. het verwijst naar zaken die verband houden met de moraal of ethiek (= ethisch 1)
2. kan gebruikt worden als synoniem voor moreel goed, in de zin van gedrag dat in
overeenstemming is met ethische normen (= ethisch 2)

Immoreel = het verwijst naar zaken die moreel slecht zijn of in strijd zijn met ethische
principes (= onethisch)
Amoreel = het verwijst naar zaken die geen betrekking hebben op de moraal.

Ethiek = ook zedenleer genoemd, de studie van wat goed en slecht is en het beoordeelt het
menselijke gedrag op basis van morele principes (=moraal)
Ethisch heeft 2 betekenissen:
1. zaken die verband houden met ethiek of moraal (= moreel 1)
2. kan verwijzen naar gedrag dat als ethisch goed wordt beschouwd (= moreel 2)

Onethisch = geeft aan wat iets in strijd is met ethische normen of als moreel slecht wordt
beschouwd (=immoreel)

3 soorten ethische theorieën: 1.Plichtsethiek (of deontologie) 2. Consequentialisme.
3.Deugdethiek

Plichtsethiek = de morele waarde van een handeling wordt gebaseerd op de plichten,
ongeacht de gevolgen. Het benadruk het belang van het volgen va morele regels en het
handelen volgens universele principes.

Christelijke ethiek: de religieuze principes worden afgeleid van het christendom. Het
volgen van de 10 geboden van God in de Bijbel staat centraal in het morele handelen. Het
richt zich op het naleven van bepaalde morele plichten die door God zijn vastgesteld. Als je
aan de geboden houdt, dan is het goed. “Goed” is Gods wil en “kwaad” is tegen Gods wil.
o Vb: vereer geen andere goden naast de Heer

Kritiek
- Wat is de wil van God?  We weten niet met zekerheid wat God wil is.
- Het dilemma van Euthyphro  een dilemma ontstaat als er slechts 2
alternatieven zij en geen van beide is wenselijk

École, étude et sujet

Établissement
Cours
Cours

Infos sur le Document

Publié le
12 janvier 2024
Nombre de pages
23
Écrit en
2023/2024
Type
RESUME

Sujets

€6,99
Accéder à l'intégralité du document:

Garantie de satisfaction à 100%
Disponible immédiatement après paiement
En ligne et en PDF
Tu n'es attaché à rien

Faites connaissance avec le vendeur
Seller avatar
kimberleygeerman1

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
kimberleygeerman1 Radboud Universiteit Nijmegen
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
-
Membre depuis
2 année
Nombre de followers
0
Documents
1
Dernière vente
-

0,0

0 revues

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Documents populaires

Récemment consulté par vous

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions