0. INLEIDING
Moeilijkheden
1) Aanbod
Diversiteit aan visies (realisme / liberalisme / …)
Niet één correcte visie op casus → visies als filter
Theoretici zien hun visie als de waarheid
2) Vraag
Theorie wordt te beperkend en te algemeen ervaren
Theorie (Jørgensen)
Soorten
Verklarende theorie
Normatieve theorie
Interpretatieve theorie
Meta-theorie
Macro-perspectief: theoretische reflectie over theorie
Subjectief proces: Keuze hangt samen met definitie van theorie
Criteria hebben andere waarde afhankelijk van soort theorie
Debat over soort theorie en focus die men hanteert
Ontologie (= theory of being): studieobjecten
Epistemologie (= theory of knowledge): kennis over studieobjecten
Methodologie (= theory of methods): methode om kennis op te doen
Relevantie van theorie
Voor onderzoek
Leidraad: handleiding bij uittekenen en uitvoeren
Upgrade: van beschrijving naar analyse
Aanscherpen van analytische competentie inspireert tot vragen
Voor kennis
Van complexe internationale relaties
Van wetenschapsfilosofie (meta-theorie)
Internationale Relaties 1
, Van politieke actie (beleidsadvies)
Kloof tussen theorie en beleid (Walt)
Beleidsmakers
Beleidsdebatten verklaren door tegengestelde theoretische uitgangspunten
Maar weinig aandacht voor theoretische literatuur
→ Aanbod is te algemeen, te divers en niet afgestemd op noden
→ Verschillende Logica’s: algemeen / specifiek; LT / KT; verklaren / toepassen
→ Vierledig nut van theorie: diagnose, voorspelling, advies, evaluatie
Academici
Beleidsrelevant werk kan resulteren in nieuwe academische inzichten
Maar weinig academici leggen zich hierop toe
→ Waarden en normen die heersen in de academische wereld
→ Schrijven in functie van collega’s en niet in functie van beleid
Oplossing
Academische wereld moet hand reiken aan beleidswereld
Nood aan meer heterogene academische wereld op alle niveaus
Nye
Interesse voor wisselwerking tussen theorie en beleid neemt af in VS
Specialisatie (bv. jargon) en andere logica’s (bv. plagiaat)
Maar ook nieuwe aanbieders van informatie (bv. think tanks)
→ Theorie meenemen om brede visie te krijgen (embedded capital)
Theorie en zombies (Drezner)
WAT: verklarend karakter van theorieën
Welke reactie bij zombie-aanval?
Verschillende visie van tradities
HOE: combinatie van inzichten
Wetenschappelijke literatuur
Populaire cultuur
WAAROM
Zombie-aanval als transnationaal veiligheidsprobleem in 21e eeuw
Zombie gap: aandacht in populaire cultuur ↔ sociale wetenschappen
Patina of plausibility: zombies zijn niet zo onwaarschijnlijk als men denkt
Internationale Relaties 2
, Populaire cultuur als uiting van onderdrukte angsten
Conclusies
Beleidskeuzes kunnen worden verklaard door theoretische lenzen
Er zijn verschillen en gelijkenissen afhankelijk van de theoretische lens
Druk op analytische capaciteit van theorieën door focus op staten
Belang van empirisch onderzoek en nood aan werkbare micro-theorie
Debatten
Debat 1 Debat 2 Debat 3 Debat 4
Periode Na WO II 1950-60 1960-70 Sinds 1985
Idealisme en Traditionele en Neo-neo en neo- Positivisme en
Tussen
realisme moderne aanpak marxisme post-positivisme
Onderwerp Realiteit Methode Paradigma Methode
Neo-neo
Winnaar Realisme Moderne aanpak Geen winnaar
(omstreden)
DEBAT 1
Idealisme wil oorlog voorkomen door
Internationale organisatie en samenwerking
Kennis (onwetendheid als bron van conflict)
Realisme heeft kritiek
Onderschatting van macht en machtspolitiek
Overschatting van samenwerking en preventie
Normatieve en weinig systematische methode
Realisme als winnaar
DEBAT 2
Behavioralisten
Stellen traditionele methode in vraag
Stellen positivistische werkwijze voor
Methodologie
Verwijten mbt methodologische obsessie en kritiek in debat 4
Moderne aanpak als winnaar
DEBAT 3
Context van dekolonisatie en focus op economie
Vooral debat tussen (neo)realisme en (neo)liberalisme
Internationale Relaties 3
, → Synthese tussen neorealisme en neoliberalisme
Overwinnaars: (neo)realisten/liberalen als betwiste winnaars
Artificiële constructie voor presenteerbaarheid (geen echt debat)
DEBAT 4
Scepticisme over thema’s en methode in gevestigde tradities
Geen dominante traditie vandaag de dag, wel veel debat
Kanttekeningen bij debatten (Waever)
1) Didactisch middel om periodes aan te duiden
Bv. debat 3: is dit wel een debat?
2) Ex-post explicitering
Labeling van periodes die nu pas expliciet zijn
3) Eenrichtingsverkeer
Bv. debat 1: realisten als winnaars
4) Problematisering
Niet zozeer geroep tussen extremen
5) Synthese
Bv. debat 3: neo-neo-synthese
6) Intra-traditiedebat (Jørgensen)
Niet enkel tussen, maar ook binnen tradities
Realpolitik
= Pragmatische manier van aan politiek doen
Verwarring tussen realpolitik en realistische traditie
Niet geheel ondeelbaar: invloed van Bismarck op Morgenthau
1. REALISME
Terminologie (Drezner)
Bewapende staten zijn de belangrijkste internationale actoren, want zij kunnen hun
overleven waarborgen
Staten handelen in een context van anarchie, want er is geen gecentraliseerde
wereldregering
Staten zijn aangewezen op zelf-hulp en veiligheidsmaximalisatie, want er is geen
geweldsmonopolie
Internationale Relaties 4