Studentnummer:
Onderwerp in domein: (doorstrepen welke
niet van toepassing zijn)
OptometrieL Contactlens/ Binoculair zien/
Voorste oogsegment/ Achterste
oogsegment/ Low vision
Onderwerp CAT: Cataractextractie bij
patiënten met droge AMD
Geen patiëntgegevens te herleiden
Auteursrechtenverklaring aanwezig
Literatuurverwijzing zowel in tekst als
literatuurlijst in APA
Volledige artikelen samengevoegd in een
aparte pdf
Dit formulier naar waarheid ingevuld en
zorgvuldig gecontroleerd.
Handtekening student
1
, Klinisch scenario (230)
Een 79-jarige Nederlandse man wordt onder supervisie van een optometrist door een
student aan de opleiding optometrie onderzocht in een brillenwinkel. Meneer heeft last van
wazig zicht ODS voor nabij en veraf en dit is in de afgelopen 3 jaar geleidelijk ontstaan. Zijn
algemene gezondheid is goed, hij gebruikt alleen plaspillen en heeft nog nooit een medische
behandeling aan de ogen gehad. De best gecorrigeerde visus in 2020 was OD 0.75 en OS
0.85. Momenteel is dit OD 0.5, OS 0.3. Uit het spleetlamponderzoek blijkt dat er nucleair
cataract ODS aanwezig is. De fundusfoto’s bevestigen de aanwezigheid van intermediate
non-exsudatieve maculadegeneratie ODS. Meneer wordt doorverwezen naar de oogarts
voor een cataractextractie. Hoewel een cataractextractie de meest effectieve behandeling
voor cataract is, kan het de progressie van maculadegeneratie versnellen. Met het oog op
efficiëntie van het zorgsysteem zouden optometristen in de toekomst patiënten kunnen
inlichten over mogelijke risico’s en behandelopties. Hierdoor kan de werklast van oogartsen
verminderd worden. De student aan de opleiding optometrie en de optometrist vragen zich
daarom het volgende af: moet meneer de cataractextractie ondergaan om zijn
gezichtsvermogen te verbeteren, met het risico op progressie van non-exsudatieve
maculadegeneratie, of moet hij afzien van de operatie en hopen dat hij zijn huidige
gezichtsvermogen zo lang mogelijk behoudt?
Klinische vraag
Wat is het risico van een cataractextractie op de progressie van maculadegeneratie na 1 jaar
bij patiënten van 60 jaar of ouder?
2