LYMPHADENOPATHIEËN VAN
INFECTIEUZE OORSPRONG
1) 9. Lymphadenopathieën van infectieuze oorsprong
Ook lymphadenopathieën die niet infectieus zijn. Bijvoorbeeld bij een kankerpatiënt kun
je ook opgezette lymfeklieren hebben, of bijvoorbeeld bij lymfomen.
Lymfeklieropzwellingen – als de zwellingen lokaal zijn, één bepaalde zone van het
lichaam; dan is dit meestal omdat er een lokale infectie is. Bv een infectie van hand, dan
kun je kselklieren krijgen, omdat dat het drainerende gebied is van de hand. Daar gaan
de immuuncellen gaan reageren en dan krijg je een opgezette (eventueel pijnlijke) klier.
In deze lessen gaan we het meer hebben over lymphadenopathieën die meer
veralgemeend zijn, die op verschillende plaatsen in het lichaam voorkomen door iets dat
zich via het bloed verspreidt naar lymfeklieren.
Op zich kan dat wat lastig en pijnlijk zijn, maar het is vooral een uiting van een
onderliggende infectie. belangrijk te achterhalen wat achter de lymphadenopathie zit.
2) Spectrum van symptomen en verwekkers
We denken vooral aan virale infecties – EBV en CMV. Mononucleose beelden gaan
gepaard met veralgemeende lymphadenopathie. Ook bij HIV infectie is er een
proliferatie van de T-cellen respons, over het hele lichaam verspreidt. Ook bij mazelen
kun je zoiets zien.
Mazzelen: zeer zeldzaam geworden vanwege vaccin. Af en toe toch nog een geval
vanwege bv vluchtelingen die niet gevaccineerd zijn. Het is een ziekte die uitslag geeft.
De dendritische cellen kunnen mee betrokken worden in de infectie en immuunstoornis.
Een kind dat mazelen doormaakt is een kind met immuunsufficiëntie. Heel wat kinderen
wereldwijd sterven door andere infecties tijdens de acute fase.
3) Overdracht en verloop
EBV en CMV zijn herpesvirussen die zeer veel voorkomen. Als je EBV doormaakt op onze
leeftijd, dan krijg je een veralgemeende aandoening met moeheid, leverstoornissen en
adenopathieën. Als je het echter doormaakt op kleurenleeftijd, dan kan het
asymptomatisch gebeuren en heb je daar weinig last van. kissing dissease.
EBV en CMV kunnen heel goed op elkaar lijken. Klinisch is het soms niet van elkaar te
onderscheiden en is het vaak na testen duidelijk welke van de twee het is.
Één keer geïnfecteerd, dan geraak je het nooit meer kwijt. Je blijft levenslang EBV of
CMV positief – het blijft in je lichaam zitten; in het geval van EBV in de B-cellen, in het
1