verbindingen, die zich kunnen bevinden in gebouwen, voertuigen, schepen, vliegtuigen, et
Samenvatting ELT2
Kennen verschil tussen energie en vermogen (1 w = 1 j/s)
Week 1:
Oefenvragen week 1:
Wat is een DSO? distribution
system operator
Wat is een TSO?
hoogspanningsnetbeheerder
Wat voor aansluiting hebben
consumenten bijvoorbeeld? 3 * 25 A
Wat voor aansluitingen hebben klein
zakelijke gebruikers? En
grootzakelijke gebruikers? zie site
van liander
V(t) = Vm cos(ω t +φ ) sinusvormige
spanning
Vm = maximale waarde (V)
ω = hoekfrequentie (rad/seconde)
φ=¿ fasehoek (rad)
3 fases staan 120 graden van elkaar af = principe van 3 fases
DSO = distribution system operator
RNB = regional netbeheerder
Week 2:
Week 2 oefenvragen:
Wat is de maximale nominale spanning waarvoor de NEN3140 geldt? maximale nominale
spanning is 1000 V wisselspanning en 1500 V gelijkspanning.
Welke norm heb je nodig als je daar boven gaat?* Toepassingsgebied van de norm of
NEN3840
Welke norm geldt voor elektrische voertuigen?* 250 V enkelfasig, 480 V 3 fasig
Geef 3 voorbeelden van arbeidsmiddelen machine, installaties, apparaten
Wat is een IV’er? installatie verantwoordelijke
Wat bepaalt de grootte van een Lorentzkracht bij een kortsluiting?
, F = B * I * l *sin(0) [N] waarin:
B is de grootte van het magnetisch veld in
T (Tesla); I is de grootte van de stroom in A;
l is de lengte van de geleider in m;
0 is de hoek tussen het elektrisch veld (I) en het magnetisch veld (B) (bij een hoek van 90º is
sin() gelijk aan 1).
Een stuurstroomketen wordt uitgevoerd als PELV-keten. De maximaal toelaatbare
wisselspanning van deze keten is? 50 V
Een leek is = iemand die niet voldoende elektrotechnisch deskundig is om met elektriciteit te
werken.
Wat is een elektrische installatie? Een elektrische installatie is het bij elkaar horende
geheel van elektrische apparaten, aansluitingen en verbindingen, die zich kunnen bevinden in
gebouwen, voertuigen, schepen
Elektriciteit kan zowel direct als indirect letsel veroorzaken, leg uit? bvb brand
Wat is een risico? effect x kans
Alternating Current (AC) stroomt eerst de ene richting op en vervolgens de andere kant, continue van
richting veranderend. = wissel stroom
Direct Current (DC) stroomt altijd in dezelfde richting maar het kan wel toenemen of afnemen. Er is
dus altijd een pool (aansluitdraad) die negatief is (-) en één pool (aansluitdraad) die positief is (+). =
gelijk stroom
Richtlijnen = EU (minste in de piramide)
Wetten = overheid = nl
Besluiten en regelingen = overheid = nl
Normen = private sector (meeste in de piramide)
Aanpakken van een probleem bij bron aanpakken collectieve bescherming individuele
bescherming doeltreffende PBM’s
ELV = extra low voltage
Risico: kans * effect
1. Kans dat iets fout gaat
2. Het effect (indien de fout optreedt)
Volt = 1 J/s
Potentiaalverschil = het verschil tussen 2 punten
AC-1 = stroom is er maar je voelt het niet (geen schrikreactie)
AC-2 = je voelt de stroom maar heeft geen schadelijke effecten
AC-3 = spiercontracties, ademhalingsmoeilijkheden enz. maar geen schade aan organen
AC-4 = Sterk fysiologische effecten, hartstilstand enzovoort
Het grafiek is een logaritme, niet elke afstand is evenveel waard dus!
Gevaren van kortsluiting: