DefrankenonderdeMerovingen
deFrankischekoningClovis(4 81-511)waseenechteBarbaar.Hijruimdenallevorstenuit
dewe,totdathijdeenigeheerserwas.Hijwastrotsopzijncontactenmetdekeizervanhet
Oost-RomeinseRijkenhijdeedzijnbestomRomeinsheerserteworden.Gedurendede
beginperiodevandevolksverhuizingen,drongensteedsmeergebiedentennoordenvande
RijnendeDonauhetRomeinseRijkbinnen.DemeesteGermaansestatenuitdetijdvande
volksbeschrijvingenbestondennietlang,datgoldnietvoordeFranken.DeFrankenleefde
oorspronkelijktenoostenvandeRijnhettegenwoordigeDuitsland.Aanheteindevande
vijfdeeeuwslaagdeClovisuitdefamilievandeMerovingen,erinbijnaheelfrankrijkte
veroveren.ToenClovisin5 11stierf,erfdeelkvanzijn4zoneneendeelvanhetRijk.Omdat
hetrijktelkensweerwerdverdeeld,verlorendeMerovingengeleidelijkhunrijkdom.
DeKarolingen
Intussennamendemachtenhetaanzienvandehofmeierstoe.Zewerdenuiteindelijkrijker
dandeMerovingenzelf.ZenamenandereGermaansevolkenoverdoorderijkdom.
HofmeierKarelMartelversloegrond7 32indebuurtvanPoitiers.Hijhadmeermachtdan
dekonin7genwasdefeitelijkeheerservandeFranken.ZijnzoonPippijnIIIdeKortezette
in751delaatsteMerovingischekoningaf,hijwasdemachtigstevanalleFrankische
koningen.NaarhemwordtdekoningsfamiliedeKarolingengenoemd.Dertigjaarlangvocht
hijtegendeHeidenseSaksen.Tenslottewonhijhenteoverwinnen.Hijdwonghenmet
gewelfChristenteworden.
Hetbestuurvanhetrijk
dekoning/keizerofteweldeleenheerhaddemachtovereenheelgrootlandschap.Alleenhij
konnietalleendathelegrotelandschapbezitten,dusgafhijstukjesteleen.Diestukjesgaf
hijaandevazallenofteweldeleenmannen,deleenmannengavenookweerstukjesteleen
omdathundatzelfookteveelvondendatwarendeachterleenmannen.
Paragraaf2:
Economischeachteruitgangenonveiligheid
Alindelaat-Romeinsetijdginghetnietgoedmetdeeconomie.Delandbouwproductie
daalde.Erkwamenminderoverschotten.Hierdoornamdehandelafendaarnaookde
nijverheid.Hetwarenbovendienonrustigetijden.Vreemdevolkentrokkenhetrijkbinnenen
gewapendebendeszorgdenvoorveeloverlast.Desituatieverslechterdenogmeernadatde
laatsteRomeinselegioenenvoorgoedwarenvertrokken.RonddetijddatKareldeGrote
regeerde,leekhetevenrustigerteworden,maaraltijdenszijnregeringdokenernieuwe
invallersop.Destedenvervielensteedsverderenuiteindelijkwoondenbijnaallemensen
weerophetplatteland.Destedendieoverbleven,krompenflink.
Deagrarisch-urbaneoflandbouwstedelijkesamenlevingvandeOudheidverdween.In
zo’nsamenlevingvormtdelandbouwhetbelangrijkstemiddelvanbestaan,maarzijnerook
bloeiendestedenmetkoopluienambachtslieden.IndevroegeMiddeleeuwenontstonder
weereenagrarischesamenleving:bijnaallemensenleefdenvandelandbouw.De
meestenleefdenenwerktenophetdomeinvaneenheer.