1. Habitueel Stemgebruik: Spontane Spraak & Tekst Lezen
Procedure (1): Spontane Spraak
Doel: perceptuele waarneming met betrekking tot de stemkwaliteit. Dus niet de stem tijdens
een specifieke opdracht, maar tijdens normaal spreken. Dit doe je tijdens anamnesegesprek.
Vertegenwoordigen de parameters van de stemkwaliteit.
Beoordeel tijdens het anamnesegesprek de stemkwaliteit van de cliënt. Omcirkel de juiste
ernstmaat waarbij:
G Grade1 Graad, mate, ernst van de afwijking
R Roughness1 Ruwheid, schorheid
B Breathiness1 Wilde lucht, toegevoegde ruis
A Asthenia1 Gebrek aan kracht, zwakheid
S Strain1 Gespannenheid, geknepen, gekenmerkt door een hoge F0
Beoordeling:
0 = normaal, afwezigheid van een afwijking
1 = lichte afwijking
2 = gemiddelde afwijking
3 = ernstige afwijking
G 0–1–2–3
R 0–1–2–3
B 0–1–2–3
A 0–1–2–3
S 0–1–2–3
De uiteindelijke cijfer-lettercombinatie ziet er als volgt uit: G xRxBxAxSx.
Procedure (2): Tekst Lezen
Doel: ik wil wat meer weten hoe u uw stem gebruikt tijdens ‘normaal’ spreken.
Materiaal:
- de fonetisch uitgebalanceerde tekst “De Noordenwind en de zon” of de oronasale
tekst “Papa en Marloes” (te vinden op Canvas)
- opname-apparatuur
Beoordeling:
,Aspect: Observeer: Beoordeel (kruis aan of omcirkel):
Stemhygiëne Veelvuldig:
hoesten aanwezig / afwezig
kuchen aanwezig / afwezig
keelschrapen aanwezig / afwezig
Spanning De spiertonus: ☐ eutoon
☐ hypertoon in schouders, nek, elders: …..
☐ hypotoon: onderuitgezakt, afhangende
schouders, gebogen
Houding De lichaamshouding: ☐ normaal
☐ upper-crossed syndrome
☐ platte rug
☐ swayback
☐ scoliose
De hoofdhouding: ☐ adequaat
☐ protractie – retractie
☐ flexie – extensie
☐ rotatie naar links/rechts
☐ inclinatie
Ademing De ademplaats: ☐ hoofdzakelijk costo-abdominaal
☐ hoofdzakelijk thoracaal
☐ hoofdzakelijk claviculair
Het ademmoment: ☐ adequaat
☐ met veelvuldig bijademen
☐ te lang doorspreken op één ademing
(op expiratoire reservecapaciteit)
De Hoorbaarheid: ☐ stil
☐ hoorbaar / stridor
Stemgebruik Wijze van stemgeven:
, registratie hoofdzakelijk modaal / falsetregister
toonhoogte2 adequaat / te hoog / te laag / instabiel
luidheid2 adequaat / te zacht / te luid / instabiel
anders diplofonie / tremor / …………………………
Resonantie De draagkracht van de ☐ voldoende
stem: ☐ onvoldoende met een te luide, kelige
klank
☐ onvoldoende met een te zachte,
bescheiden klank
Steminzet/afzet Inzet: vast / hard of krakerig / zacht
Fonatie-einde: vast / hard of krakerig / zacht
Articulatie Algemeen: voldoende pittig / slap of binnensmonds
/ overarticulatie / retroarticulatie
Nasaliteit: adequaat / hypernasaal / hyponasaal
Kaakval: voldoende / onvoldoende
Lipronding: voldoende / onvoldoende
Dentalen: adequaat / addentaal / interdentaal
Prosodie Spreektempo: adequaat / te snel / te langzaam
Intonatie: adequaat / overdreven / monotoon
Non-verbale Oogcontact: adequaat / wisselend / star / ontwijkend
communicatie
Gebaren / mimiek: adequaat / levendig / onrustig /
overdreven / te weinig