Inhoud
Pathofysiologie leerjaar 1, Blok 4...........................................................................................................1
HC 1 Nocicensoriek: schademelding en pijn.......................................................................................1
HC week 4.2 Centrale verwerking nocisensoriek en pijn....................................................................4
HC week 4.3 Bouw en functe van het vegetateve zenuwstelsel.....................................................10
HC week 4,4 en 4,5 Vegetateve tuning............................................................................................18
HC 1 Nocicensoriek: schademelding en pijn
Nocisensoren en perifere nocisensorische prikkeling
Sensoren (indeling volgens Sherington)
Exterosensoren: sensoren waarmee we de buitenwereld waarnemen; voornamelijk liggend
aan het lichaamsoppervlak incl. visus en reuk
Propriosensoren: Sensoren waarmee we ons eigen lichaam kunnen waarnemen binnen de
buitenwereld (zelfwaarneming); vooral onze houding en beweging kunnen waarnemen.
Enterosensoren: Sensoren die het centrale zenuwstelsel informeren over functe en toestand
van organen en orgaansystemen; vooral liggend aan het inwendige lichaamsoppervlak
Indeling sensoren naar stmulus:
mechanosensoren
thermosensoren
chemosensoren
fotosensoren
nocisensoren
Indeling sensoren naar structuur:
- Vrije zenuwuiteinden
4 zenuwvezel:
*20% unimodaal (mechano-, thermo-, en chemosensoren)
*80% polymodale nocisensoren
* 3B zenuwvezel:
, *unimodaal: hoogdrempelige mechano- en thermonocisensoren
Indeling sensoren naar structuur:
- Ingekapselde of corpusculaire zenuwuiteinden
3A, 2 en 1 zenuwvezels
*unimodale (mechano-, thermo-, en fotosensoren)
Indeling sensoren naar geleidingssnelheid of dikte
C-vezel (4)
Ad (3B)
Nocisensoriek: primaire pijn 3b- ofwel Ad-vezel
- unimodale nocisensoren
dreigende en actuele beschadiging
scherpe goed lokaliseerbare pijn
mechano-nocisensoren
thermo-nocisensoren
primaire hyperalgesie: sensibilisering zenuwuiteinden leidt tot verhoogde gevoeligheid in het
wondgebied
Secundaire pijn 4-vezel of C-vezel
- polymodale nocisensoren
autoregulate
schade en ernstge verstoring van de homeostasis
diffuse, zeurende, aanhoudende pijn
betrokken bij het opstarten van de ontsteking
afgife subst P
Begrippen sensoriek
- sensorische eenheid: de zenuwcel en de met de perifere vertakkingen van de zenuwcel
verbonden sensoren. groote bepalend voor discriminerend vermogen
- receptieve veld: het gebied waarbinnen de sensoren van een eenheid zich bevinden
- innervatiedichtheid: het aantal zenuwvezels dat de innnervate van een bepaald gebied
verzorgd
- discriminerend vermogen: het vermogen om twee tegelijkertjd
toegediende prikkels afzonderlijk waar te nemen
Refex-fascilitate en iinhibite
, - input van nocisensorische prikkeling (IV) bij verminderde inhibite leidt prikkeling
voorhoorncellen en dus tot verhoging tonus
- (coördinateverlies obv size principle)
- plotselinge felle pijnscheuten (IIIb) bij belasten leidt via inhiberende
schakelcellen tot remming van de tonus en tot verlies musculaire stabiliteit en
coördinate
4-vezel: ongemyeliniseerde polymodale nocisensorische zenuwvezel
depolarisate van de vrije eindtakjes leidt tot afgife subs P en vasodilatate in
het gebied: axonrepons
De IV-vezel bemiddeld in de onstekingsreakte
Prostaglandine E2
sensibilisering vrije zenuwuiteinden (type IV)
vasodilatate
permeabiliteits toename
remt de uitstoot van noradrenaline (sympathicolyse)
Stubstance P
vasodilatate
permeabiliteitstoename
chemotaxis/diapedes
sensibilisering vrije zenuwuiteinden (type IIIb, primaire hyperalgesie)
proliferate-inducte
Primaire pijn
- pijn ten tjde van en direkt na de laesie
- meldt dreigende en aktuele beschadiging
- primair in de tjd
- scherpe, goed localiseerbare pijn (IIIb)
- opnieuw op te wekken door belasten van de plaats van de schade (primaire hyperalgesie)
Secundaire pijn
- pijn in rust na verloop van tjd
- secundair in de tjd
- geleidelijke toename in de tjd door sensibilisate van de achterhoorn door Subst P
(secundaire hyperalgesie)
- diffuse, zeurende pijn (IV)
Primaire hyperalgesie