Biologie voor jou Havo 4 Thema 1 Paragraaf 1.3 en 1.4 en 1.5 Functie = schuingedrukt
Celwand Cellulose
Stevigheid
Plant Cel Celmembraan Dubbele laag fosfolipiden (vetachtig) met daartussen eiwitmoleculen Transport stoffen in en uit cel
Scheiding met buiten (membraaneiwitten)
Cytoplasma Water
Inwendige van de cel
Plastiden Bladgroenkorrels (Chloroplasten) Groenekleurstoffen (fotosynthese)
Kleurstofkorrels (Chromoplasten) Geel, oranje, roodkleurstoffen
Leukoplasten Opslag vet, zetmeel en eiwit
Opgeloste stoffen
Celkern Kernmembraan
Kernplasma Chromosomen (lange moleculen DNA)
Vacuole Vocht Stevigheid
Vacuolemembraan
Kleurstoffen (soms)
Membranen Endoplasmatisch reticulum (ER) Ruw RER (Ribosomen: productie eiwit ) Eiwitsynthese
Glad GER Stofwisseling cel
(productie vetten/afbreken gifstoffen)
Ribosomen in het cytoplasma en in een RER Productie eiwitten
Mitochondrien
Verbranding glucose in cel, met energie daarvan vormen mitochondrien de stof ATP, ATP wordt gebruikt als er energie nodig is in de cel.
Ruimte tussen cellen = intercellulaire ruimten = gevuld met lucht of vocht
Organel = deel van een cel met eigen functie Celkern:
Trilharen = voorbeweging van de cel of verplaatsing stoffen langs de cel
Endoplasmatisch reticulum = netwerk van membranen (afgeplatte holten en kanaaltjes), verbonden met celmembraan (ruw en glad)
Celwand Cellulose
Stevigheid
Plant Cel Celmembraan Dubbele laag fosfolipiden (vetachtig) met daartussen eiwitmoleculen Transport stoffen in en uit cel
Scheiding met buiten (membraaneiwitten)
Cytoplasma Water
Inwendige van de cel
Plastiden Bladgroenkorrels (Chloroplasten) Groenekleurstoffen (fotosynthese)
Kleurstofkorrels (Chromoplasten) Geel, oranje, roodkleurstoffen
Leukoplasten Opslag vet, zetmeel en eiwit
Opgeloste stoffen
Celkern Kernmembraan
Kernplasma Chromosomen (lange moleculen DNA)
Vacuole Vocht Stevigheid
Vacuolemembraan
Kleurstoffen (soms)
Membranen Endoplasmatisch reticulum (ER) Ruw RER (Ribosomen: productie eiwit ) Eiwitsynthese
Glad GER Stofwisseling cel
(productie vetten/afbreken gifstoffen)
Ribosomen in het cytoplasma en in een RER Productie eiwitten
Mitochondrien
Verbranding glucose in cel, met energie daarvan vormen mitochondrien de stof ATP, ATP wordt gebruikt als er energie nodig is in de cel.
Ruimte tussen cellen = intercellulaire ruimten = gevuld met lucht of vocht
Organel = deel van een cel met eigen functie Celkern:
Trilharen = voorbeweging van de cel of verplaatsing stoffen langs de cel
Endoplasmatisch reticulum = netwerk van membranen (afgeplatte holten en kanaaltjes), verbonden met celmembraan (ruw en glad)