Planten & stofwisseling
Stofwisseling
In het onderstaande schema is een aantal omzettingen van stikstofhoudende stoffen
gegeven zoals die in organismen kunnen plaatsvinden. De genummerde pijlen geven
aan dat uit een stikstofhoudende stof een andere stikstofhoudende stof wordt
gevormd.
1. Welke van deze omzettingen kunnen in cellen van de mens plaatsvinden?
A alleen de omzettingen 3 en 5
B alleen de omzettingen 1, 2 en 4
C alleen de omzettingen 2, 3, 4 en 5
D de omzettingen 1, 2, 3, 4 en 5
Het kweken van komkommers
Bij het kweken van komkommerplanten in kassen wordt de opbrengst aan
komkommers gemeten in kg/m2. In het diagram van afbeelding is de opbrengst
afgezet tegen de CO2-concentratie in de kas. Over de gegevens in het diagram
worden twee beweringen gedaan:
,1. Bij percentages lager dan 0,06% is de hoeveelheid CO 2 in de lucht beperkend voor
de fotosynthese.
2. Bij een CO 2-concentratie in de lucht van 0,01% treedt bij de komkommerplanten
geen fotosynthese op.
2. Welke van deze beweringen is juist of welke zijn juist? (2p)
A Beweringen 1 en 2 zijn juist
B Alleen bewering 1 is juist.
C Alleen bewering 2 is juist.
D Beweringen 1 en 2 zijn geen van beide juist.
Bomen
Aan de buitenzijde van een tak van een bepaalde boom in een bos in een gematigd
klimaat bevindt zich kurk. Kurk beschermt de tak onder andere tegen uitdroging.
Jaarlijks wordt een laag kurk op de tak gevormd. In de afbeelding is een
microscopisch preparaat van een deel van de tak getekend naar de situatie van
december 2017.
3. In welk jaar is kurklaag P gevormd?
, Klaversoorten
Voor klaver bestaat steeds meer aandacht in de duurzame landbouw, omdat boeren
bij gebruik van deze plant minder stikstofkunstmest hoeven te gebruiken. Hierbij
wordt de soort rode klaver (Trifolium pratense) met de soort witte klaver (Trifolium
repens) vergeleken. Rode klaver is schaduwtolerant en boeren zaaien die onder
tarwe. Witte klaver komt veel voor in grasland.
In een proefopstelling wordt de netto CO2-opname in mL/uur bij verschillende
lichtintensiteit in lux gemeten. Alle overige omstandigheden zijn tijdens de metingen
voor beide klaversoorten gelijk. Op grond van de waarnemingen heeft een leerling
een diagram getekend voor zijn thesis, over het verband tussen de lichtintensiteit en
de netto CO2-opname van beide klaversoorten. In het diagram zijn de plantensoorten
respectievelijk A en B genoemd. Duidelijk is een grenswaarde te zien: beneden een
bepaalde lichtintensiteit neemt een plant netto geen CO2 meer op, maar staat die wel
af. Die grenswaarde is voor beide klaversoorten verschillend.
4. Leg aan de hand van het diagram uit waardoor in het onderschrift moet staan
dat plantensoort A rode klaver is.
5. Leg in drie stappen uit welke van beide plantensoorten, door fotosynthese,
bruto de meeste zuurstof produceert bij een lichtsterkte van 3000 lux.