100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten
logo-home
Historische Ontwikkeling van het Privaatrecht | Werkgroepen | Uitgebreide aantekeningen en antwoorden op vragen | Radboud Universiteit €4,99
In winkelwagen

Antwoorden

Historische Ontwikkeling van het Privaatrecht | Werkgroepen | Uitgebreide aantekeningen en antwoorden op vragen | Radboud Universiteit

1 beoordeling
 7 keer verkocht

Historische Ontwikkeling van het Privaatrecht | Werkgroepen | Uitgebreide aantekeningen en antwoorden op vragen | Radboud Universiteit Ideale tentamenvoorbereiding: niet alleen antwoorden op zeer veel vragen die relevant zijn voor het tentamen, maar ook heldere en uitgebreide aantekeningen en handi...

[Meer zien]

Voorbeeld 3 van de 66  pagina's

  • 12 mei 2019
  • 66
  • 2017/2018
  • Antwoorden
  • Onbekend
book image

Titel boek:

Auteur(s):

  • Uitgave:
  • ISBN:
  • Druk:
Alle documenten voor dit vak (21)

1  beoordeling

review-writer-avatar

Door: Isabelll • 5 jaar geleden

avatar-seller
twan13
HISTORISCHE ONTWIKKELING VAN HET PRIVAATRECHT WERKGROEP 1
EIGENDOM, ZAKELIJKE RECHTEN, ORIGINAIRE WIJZEN VAN EIGENDOMSVERKRIJGING (I)
Praktisch: vragen werkgroepen/tentamen gaan uit van Romeins recht  beantwoord dus
uitdrukkelijk naar Romeins recht, tenzij er staat ‘naar Nederlands recht’.

Doelen van vandaag:
 Verschil goederenrecht en verbintenissenrecht duidelijk krijgen
 Dieper in op goederenrecht
 Inzoomen op het eigendomsrecht
o Wijze van eigendomsverkrijging: originaire en derivatieve; vooral originaire nu

Tekst I – Justinianus, 4,6,1 Goederenrecht en verbintenissenrecht
1. Wat is het onderscheid tussen verbintenisrechtelijke en goederenrechtelijke acties?

Goederenrecht Verbintenissenrecht
-Zakelijke rechten  betrekking op een Persoonlijke rechten  betrekking op een
zaak, tegen eenieder inroepbaar persoon, tegen de wederpartij inroepbaar
 Zaaksgevolg  waar de zaak zich  Geen zaaksgevolg
bevindt, volgt het recht  Paritas creditorum (gelijkheid der
 Droit de préférence (separatist) bij schuldeisers)
faillissement RR: gesloten stelsel (beperkt aantal acties)
-Extra formaliteiten vereist (ontstaan) NR: open stelsel (zolang je het maar onder de
-Gesloten stelsel (numerus clausas) subcategorieën schaart heb je een
vorderingsrecht en een rechtsvordering)

2. Met welke tweedeling in het huidige recht komt dat overeen?
De tweedeling binnen het vermogensrechten tussen:
 Relatieve rechten: kan men alleen tegenover de wederpartij handhaven
o Hieronder valt het verbintenissenrecht
 Absolute rechten: kan men tegenover eenieder (derden) handhaven
o Hieronder valt het goederenrecht

3. Wat is het verschil tussen de Romeinse indeling en de huidige Nederlandse indeling?
Voor Romeinen gold dat ze alleen maar procesrecht kenden. Als je geen actie had, dan had
je ook geen recht. Ze hadden bij zowel het goederen- als het verbintenissenrecht maar een
beperkt aantal acties. Wij kennen binnen het verbintenissenrecht heel veel open categorieën,
zoals onrechtmatige daad of ongerechtvaardigde verrijking. In het Romeinse recht moet het
echt een specifieke actie zijn, anders kon je hem niet instellen en moest je maar je eigen
schade dragen. Romeinen vinden nog meer dan wij dat ieder zijn eigen schade moet dragen.

Voorbeeld: A verkoopt een pen aan B. A is eigenaar en sluit een koopovereenkomst met B.
A houdt de pen voor zichzelf. B is dan nog geen eigenaar, want levering is een constitutief
vereiste voor overdracht  A is beschikkingsbevoegd, hij is de eigenaar en beschikt over
een geldige titel, de koopovereenkomst, maar de levering mist. B heeft dus een relatief recht
op de pen. Zo een relatief recht is alleen inroepbaar tegen de wederpartij, dus A. Stel dat A
aan B overdraagt met levering c.p. en de pen nog eens aan C wil verkopen  dit kan niet,
want A is niet meer beschikkingsbevoegd. Dat je niet meer kunt overdragen dan je hebt
noemen we nemo plus.

,Overzicht zakelijke rechten:
Zakelijke rechten
Eigendom Beperkte rechten
=meest omvattende recht dat je op een zaak Genotsrechten Zekerheidsrechten
kunt hebben. Romeins recht: Vruchtgebruik Hypotheek
 Geen eigendomsoverdracht onder Erfdienstbaarheid Pand
tijdsbepaling Erfpacht
 Geen uitsluiting goederenrechtelijke Opstal
overdraagbaarheid d.w.z. dat je niet
goederenrechtelijk kunt bepalen dat,
als je een pen verkoopt, de ander
deze pen niet kan overdragen

Stelling I
Adelen legt met de broers Verona in de openbare registers de oogsttienden vast. De
eigenaar moet 10% van de jaarlijkse oogst afstaan aan Adelen. Teven wordt de overdracht
van Adelen naar Verona vastgelegd. Broers Verona verlaten het landgoed en dragen het
over aan Dekama. Kan Adelen zijn recht op oogsttienden handhaven tegen Dekama?

De vraag is hier: is het recht op de oogsttienden een absoluut of relatief recht is. Is het een
absoluut recht is het tegen eenieder, dus ook tegen Dekama, inroepbaar, maar is het een
relatief recht, dan is alleen tegen de ander inroepbaar. Zowel de Romeinen als wij kennen
een gesloten stelsel van goederrenrechtelijke rechten (numerus clausus). Dit wil zeggen dat
partijen alleen de in de wet geregelde goederenrechtelijke rechten kunnen vestigen.
Oogsttienden passen niet in het gesloten stelsel van goederenrechtelijke rechten. Adelen
heeft dan ook geen absoluut recht gekregen, dat hij tegen eenieder kan handhaven. Hij heeft
enkel een relatief recht gekregen dat hij kan handhaven tegen zijn contractuele
wederpartijen, de gebroeders Verona. Omdat Dekama geen partij is bij de overeenkomst die
aan de ‘vestiging’ van de tienden ten grondslag ligt, is zij niet aan de tienden gebonden. De
stelling is dus onjuist!

Tekst II – Ulpianus, libro 16 ad edictum
Lastige tekst, een tip is om een tekening te maken (zie de reader). Let op: voor Romeinen
waren slaven zaken en geen personen.

1. Is de koopovereenkomst tussen mij en Titius geldig?
Slechts een wilsovereenstemming is vereist om een geldige overeenkomst te sluiten. Hier is
er sprake van een wilsovereenstemming en de koopovereenkomst is dus geldig. Je kunt
alles verkopen aan iemand, het wordt vaak pas een probleem als je uitkomt bij de
overdracht.

2. Is de koopovereenkomst tussen mij en Titius geldig naar Nederlands recht?
In Nederland is er ook slecht een wilsovereenstemming vereist, dus dat vormt eigenlijk geen
probleem. Je mag echter geen mensen verkopen, dat is i.s.m. met openbare orde en goede
zeden, zie art. 3:40 BW.

3. Welke actie heeft Maevius ingesteld?
Revindicatie/revindicatio, hij eist de eigendom op de slaaf namelijk op van de ik-figuur. In het
burgerlijk wetboek vind je revindicatie in art. 5:2 BW.

4. Had Maevius deze actie ook in kunnen stellen tegen de koper toen de slaaf nog leefde?
Ja, dat had hij kunnen doen, omdat het eigendomsrecht een absoluut recht is. Dat kun je
tegen eenieder geldig maken. Waar de zaak zich ook bevindt, je hebt dat recht (dat is het

, zaaksgevolg). Nu de slaaf is overleden is het eigendomsrecht teniet gegaan (zaaksgevolg,
het recht volgt de zaak).
Tekst III – Gaius, 2 rer. cott. – Marcianus, 3 inst. Originaire verkrijging v.
eigendom
Wijzen van eigendomsverkrijging: wij focussen vandaag vooral op de originaire wijze!
Originaire wijze v. eigendomsverkrijging Derivatieve wijzen
Er ontstaan een nieuw eigendomsrecht Overgang eigendom naar de ander: het
zonder beperkte rechten recht gaat over zoals je het hebt gekregen
Geen wil/medewerking van andere nodig Zelfde aard en omvang
Wijzen:
 Toe-eigening door inbezitneming
(van een res nullius)
 Schatvinding
 Natrekking
 Zaaksvorming
 Vermenging

1. Op welke originaire wijze worden de vissers die gebouwen bouwen eigenaar v.d. grond?
Toe-eigening/occupatio: inbezitneming van een voorwerp dat geen eigenaar heeft. De grond
heeft namelijk geen eigenaar en door er een hutje op te bouwen eigenen de vissers zich de
grond toe. Het strand is een res nullius en door en huisje erop te bouwen ben je bezig met
een daad van inbezitneming.

Stel dat de visser zijn huisje niet op het strand, maar een mijl landinwaarts bouwt.
2a. Wie wordt eigenaar van het gebouw?
Degene van wie dat land is. Het hutje wordt namelijk op die grond gezet en die grond trekt
het hutje na omdat het hutje duurzaam met die grond is verenigd. Van degene van wie de
grond is, is ook het huisje.

2b. Hoe heet deze wijze van eigendomsverkrijging?
Natrekking/accessio. De kern van natrekking is bestanddeelvorming.

2c. Op welke wijze kunnen partijen de eigendomsverkrijging van vraag 2b voorkomen?
Door vestiging van een opstalrecht. Door een opstalrecht te vestigen, doorkruis je de
natrekking.

3a. Wie wordt naar Nederland recht eigenaar van het gebouw? Motiveer uw antwoord met
een verwijzing naar de relevante wettelijke bepaling(en)!
De eigenaar van de grond landinwaarts. Er is sprake van natrekking/accessio: de grond trekt
het erop gebouwd hutje na. Als een visser zijn hutje op de grond van een ander bouwt, wordt
de eigenaar van die grond eigenaar van het hutje. Is een gebouw duurzaam verenigd met de
grond, dan wordt het gebouw gezien als onderdeel van de grond  art. 5:20 sub e BW.

3b. Op welke wijze kunnen partijen de eigendomsverkrijging van vraag 3a voorkomen?
Motiveer uw antwoord met een verwijzing naar de relevantie wettelijke bepaling(en)!
Door het verlenen van een opstalrecht  art. 5:101 BW.

Stel dat de visser het door hem gebouwde gebouw zelf sloopt.

4. Hoe zou deze daad goederenrechtelijk kunnen worden gekwalificeerd?
Aangezien het recht van opstal op de grond gevestigd wordt, gaat dit niet teniet door
vernietiging van het hutje. Wat teniet gaat na het slopen van het gebouw door de visser, is
het eigendomsrecht van de visser op het gebouw. Doordat je het huisje weghaalt, doe je
afstand van het eigendom van de grond en wordt de grond weer een res nullius.

Dit zijn jouw voordelen als je samenvattingen koopt bij Stuvia:

Bewezen kwaliteit door reviews

Bewezen kwaliteit door reviews

Studenten hebben al meer dan 850.000 samenvattingen beoordeeld. Zo weet jij zeker dat je de beste keuze maakt!

In een paar klikken geregeld

In een paar klikken geregeld

Geen gedoe — betaal gewoon eenmalig met iDeal, creditcard of je Stuvia-tegoed en je bent klaar. Geen abonnement nodig.

Direct to-the-point

Direct to-the-point

Studenten maken samenvattingen voor studenten. Dat betekent: actuele inhoud waar jij écht wat aan hebt. Geen overbodige details!

Veelgestelde vragen

Wat krijg ik als ik dit document koop?

Je krijgt een PDF, die direct beschikbaar is na je aankoop. Het gekochte document is altijd, overal en oneindig toegankelijk via je profiel.

Tevredenheidsgarantie: hoe werkt dat?

Onze tevredenheidsgarantie zorgt ervoor dat je altijd een studiedocument vindt dat goed bij je past. Je vult een formulier in en onze klantenservice regelt de rest.

Van wie koop ik deze samenvatting?

Stuvia is een marktplaats, je koop dit document dus niet van ons, maar van verkoper twan13. Stuvia faciliteert de betaling aan de verkoper.

Zit ik meteen vast aan een abonnement?

Nee, je koopt alleen deze samenvatting voor €4,99. Je zit daarna nergens aan vast.

Is Stuvia te vertrouwen?

4,6 sterren op Google & Trustpilot (+1000 reviews)

Afgelopen 30 dagen zijn er 68175 samenvattingen verkocht

Opgericht in 2010, al 15 jaar dé plek om samenvattingen te kopen

Begin nu gratis
€4,99  7x  verkocht
  • (1)
In winkelwagen
Toegevoegd