6.1 Berekende devotie
Religie speelt een bijzonder grote rol, vooral omdat het politieke verdeeldheid brengt in Europa. De
kern is het middeleeuwse geloof : de wens naar het eeuwige leven. Er wordt echter een koppeling
gemaakt met je gedrag op aarde. Wie leeft als een goed mens, wordt in de hemel beloond. Het systeem
berust op de Optelvroomheid: je tijd in het vagevuur verkorten door goede daden te verrichten. Het
vagevuur is een plaats waar je ziel moet afwachten terwijl er bepaald w of je naar de hemel of de hel
moet gaan. De doden en levenden zijn dus nauw met elkaar verbonden (komen elkaar later nog eens
tegen). Om de mensen te overtuigen om het goede te blijven doen, werden aflaten uitgevonden. Deze
gedrukte papiertjes maken het mogelijk om je tijd in het vagevuur af te kopen. De aflatenhandel werd
al gauw een religieus omstreden praktijk. Net als het bouwen van Kerken of altaren, was dit een
materialistische zijde van het christendom. Wie rijk is, is verzekerd van het eeuwige leven. Hier
hebben de reformanten in de 15de eeuw bezwaren tegen. Zij willen de Bijbelteksten zelf bestuderen,
om zo toegang tot het eeuwige leven te zoeken. Ze waren tegen de hypocrisie v/d Kerk, tegen
koopgedrag, corruptie, nepotisme… Deze spirituele tegenbeweging is de Moderne Devotie.
6.2 Dageraad v/d reformatie
Eerste protestantse hervormers wilden teruggrijpen naar eenvoudige praktijken en oprechte
opvattingen van eerste christenen. Dit deden ze met het principe van Sola Scriptura : exclusieve focus
op de bijbel en de kerkvaders. Zo keerde Erasmus terug naar de bron. Hij bestudeerde de originele
versies v/d bijbel : dus in het Grieks en Hebreeuws i.p.v. Latijn. Hij stichtte hier ook een school voor
op, om aan de anderen te leren. Onderwijs (scholen van Moderne Devotie) in grote steden en de
drukpers droegen bij aan de verspreiding v/d reformante ideeën.
6.3 Luther : academisch verzet
Maarten Luther was een professor theologie en had dus al een grote reputatie. In 1517 maakte hij een
thesis met 90 stellingen, en verspreid deze rond. Er was echter geen enkele reactie. Hij gaat over tot de
Thesenanschlag, waarbij hij zijn thesis verspreid door ze in de kerkgebouwen op te hangen. Dit geldt
als het symbolische begin v/d reformatie. Ook dit werkte niet. Hij besloot om kunstenaars in te huren
die illustraties maken die Luthers ideeën visueel duidelijk maken. Zijn leerstelling draait op 3
principes : sola fide, sola gratia, sola scripture. Mensen moeten vertrouwen op de genade van God die
je zal toelaten op het eeuwige leven, daden op aarde (=optelvroomheid) kunnen hier niets aan
veranderen. De mens is dus afhankelijk van God, en hiermee verwerpt Luther het humanistische idee
v/d vrije wil v/d mens. Verder gaat hij een deel v/d sacramenten verwerpen, zoals het priesterschap
(iedereen is priester). Ook het vagevuur schaft hij af. Hij beschouwd geloof als iets persoonlijks en
niet als iets v/d staat. De Duitse keursvorsten in het HRR zien in het Lutheranisme een middel om hun
gezag tegen de keizer te versterken.
Luther w meteen veroordeeld door theologen v/d universiteit van Leuven en Keulen. Dit leidde tot een
polarisatie in de media (drukpers) en verharding van standpunten. Luther w door de paus verbannen,
en krijgt ook de Rijksban v/d keizer. Hij mag dus niet meer in het HRR komen, maar krijgt
bescherming v/d keursvorst van Saksen. Die verleend hem vrijheid in zijn eigen land. Luther vergaart
mensen rondom hem, en maakt de Augsburgse Confessie. In dit document stelt hij zijn 3 principes, en
dit zal w gebruikt als het basisdocument voor het Lutheranisme. Lutherse predikanten (jaren 1520)
verspreiden zijn ideeën nog verder over gebieden in Europa, vooral in Zweden, Denemarken en de
Bohemen. Ook in de Nederlanden dringt dit door, en legt het de grondslag voor een religieus
pluralisme wat zal later leiden tot de burgeroorlog.