6.1 scheiding in de industrie
Scheidingsmethoden:
Adsorptie
- Wordt gebruikt om gasstromen te zuiveren van afvalstoffen
Gasstromen door filter geleid waar absorptiemiddel op is aangebracht
(actieve kool) -> afvalstoffen hechten zich aan het actieve kool.
- Actieve kool = speciaal bewerkte vorm van koolstof.
De stof bevat veel scheuren en poriën zodat de afvalstoffen zich gemakkelijk
vasthechten.
- De scheiding bevat op een verschil in aanhechtingsvermogen.
Chromatografie
- Wordt gebruikt om te testen of een stof zuiver genoeg is.
- Er zijn twee verschillende vormen:
Papierchromatografie:
Mengsel op een stukje papier -> rechtop in loopvloeistof zetten ->
loopvloeistof gaat omhoog door papier -> de stoffen in het mengsel worden
meegevoerd deze vloeistof = mobiele fase.
Papier = stationaire fase
- Elke stof heeft bij een bepaald temperatuur en een bepaalde stationaire
fase en loopvloeistof een Rf-waarde.
Rf-waarde meten:
1) Meet afstand van beginpunt van stoffen tot punt waar kleurstof is
blijven steken.
2) Meet afstand van beginpunt van stoffen tot waar de loopvloeistof id
gestegen.
3) Rf-waarde = A:B
,Gaschromatografie:
- Product door dunne kolom gevoerd door gas -> aan binnenkant van
kolom zit andere vloeistof.
gas = mobiele fase
andere vloeistof = stationaire fase
- Stoffen die goed hechten aan stationaire fase bewegen langzaam, stoffen
die slecht hechten aan stationaire fase bewegen snel door de kolom
heen.
, Vloeistof- vloeistofextractie
- Wordt gebruikt om opgeloste stoffen uit een vloeistof te halen.
- Je voegt aan de oorspronkelijke oplossing een tweede vloeistof toe die
niet mengt met het eerste oplosmiddel.
- Je maakt gebruikt van een verschil in oplosbaarheid.
- De extractie word vaak uitgevoerd in een scheitrechter
Je voegt de 2 vloeistoffen samen -> schudden -> de twee stoffen mengen ->
je wacht tot de stoffen weer ontmengen -> je kunt de 2 stoffen afzonderlijk
van elkaar aftappen.
Scheidingsmethoden:
Adsorptie
- Wordt gebruikt om gasstromen te zuiveren van afvalstoffen
Gasstromen door filter geleid waar absorptiemiddel op is aangebracht
(actieve kool) -> afvalstoffen hechten zich aan het actieve kool.
- Actieve kool = speciaal bewerkte vorm van koolstof.
De stof bevat veel scheuren en poriën zodat de afvalstoffen zich gemakkelijk
vasthechten.
- De scheiding bevat op een verschil in aanhechtingsvermogen.
Chromatografie
- Wordt gebruikt om te testen of een stof zuiver genoeg is.
- Er zijn twee verschillende vormen:
Papierchromatografie:
Mengsel op een stukje papier -> rechtop in loopvloeistof zetten ->
loopvloeistof gaat omhoog door papier -> de stoffen in het mengsel worden
meegevoerd deze vloeistof = mobiele fase.
Papier = stationaire fase
- Elke stof heeft bij een bepaald temperatuur en een bepaalde stationaire
fase en loopvloeistof een Rf-waarde.
Rf-waarde meten:
1) Meet afstand van beginpunt van stoffen tot punt waar kleurstof is
blijven steken.
2) Meet afstand van beginpunt van stoffen tot waar de loopvloeistof id
gestegen.
3) Rf-waarde = A:B
,Gaschromatografie:
- Product door dunne kolom gevoerd door gas -> aan binnenkant van
kolom zit andere vloeistof.
gas = mobiele fase
andere vloeistof = stationaire fase
- Stoffen die goed hechten aan stationaire fase bewegen langzaam, stoffen
die slecht hechten aan stationaire fase bewegen snel door de kolom
heen.
, Vloeistof- vloeistofextractie
- Wordt gebruikt om opgeloste stoffen uit een vloeistof te halen.
- Je voegt aan de oorspronkelijke oplossing een tweede vloeistof toe die
niet mengt met het eerste oplosmiddel.
- Je maakt gebruikt van een verschil in oplosbaarheid.
- De extractie word vaak uitgevoerd in een scheitrechter
Je voegt de 2 vloeistoffen samen -> schudden -> de twee stoffen mengen ->
je wacht tot de stoffen weer ontmengen -> je kunt de 2 stoffen afzonderlijk
van elkaar aftappen.