ONTWIKKELINGSPSYCHOLOGIE
Deel 1: De ontwikkeling van het kind
4.1 De geboorte en het pasgeboren kind
4.3 Wat een pasgeboren baby allemaal kan
Baby’s incompetent?
o ‘Te vroeg’ geboren
o Vroeger: Volwassenen als norm: baby’s kunnen niets
baby’s kunnen zich niet redden zonder volwassenen
o Nu: Postievere kijk: Babies WEL competent! ze kunnen nadoen en leren van
de volwassenen
4.3.1 Fysieke vaardigheden
Nieuwe omgeving
Zelfstandig ademen: automatisch proces
Reflexen (automatisch, niet-aangeleerd)
Vb. Zuigreflex, rootingreflex of zoekreflex, slikreflex, …
Nieuwe voedingsstoffen verteren: moet nog verder rijpen! Dit wordt opgebouwd (eerst pap
en dan vast voedsel)
4.3.3 Het leervermogen van de pasgeborenen
Pasgeboren baby’s kunnen snel leren (bv: anticiperende oogbewegingen)
Ze laten lampjes branden in een vaste volgorde, dan kijken ze naar waar de baby’s kijken.
Als ze het 3de lampje toch niet laten branden, keek de baby er toch al naar (ze hebben de
verwachting dat dit gaat branden)
3 vormen van leren:
1) Klassieke conditionering
Neutrale stimulus wordt gekoppeld aan stimulus die een bepaalde reactie uitlokt. Na
herhaaldelijk samen voorkomen van stimulus roept de voormalig neutrale stimulus nu ook de
reactie op (Bv: Little Albert)
Bv: baby eerst aaien en dan zoete vloeistof geven aaien? Dan draait baby hoofd al
2) Operante conditiionering
Een vrijwillige respons wordt versterkt of verzwakt, afhankelijk van zijn associatie met
positieve of negatieve consequenties
Baby’s leren doelbewust inspelen op omgeving om gewenst gevolg te bekomen
Bv. Zuigen om liedje te horen. Sokjes met belletjes
Deel 1: De ontwikkeling van het kind
4.1 De geboorte en het pasgeboren kind
4.3 Wat een pasgeboren baby allemaal kan
Baby’s incompetent?
o ‘Te vroeg’ geboren
o Vroeger: Volwassenen als norm: baby’s kunnen niets
baby’s kunnen zich niet redden zonder volwassenen
o Nu: Postievere kijk: Babies WEL competent! ze kunnen nadoen en leren van
de volwassenen
4.3.1 Fysieke vaardigheden
Nieuwe omgeving
Zelfstandig ademen: automatisch proces
Reflexen (automatisch, niet-aangeleerd)
Vb. Zuigreflex, rootingreflex of zoekreflex, slikreflex, …
Nieuwe voedingsstoffen verteren: moet nog verder rijpen! Dit wordt opgebouwd (eerst pap
en dan vast voedsel)
4.3.3 Het leervermogen van de pasgeborenen
Pasgeboren baby’s kunnen snel leren (bv: anticiperende oogbewegingen)
Ze laten lampjes branden in een vaste volgorde, dan kijken ze naar waar de baby’s kijken.
Als ze het 3de lampje toch niet laten branden, keek de baby er toch al naar (ze hebben de
verwachting dat dit gaat branden)
3 vormen van leren:
1) Klassieke conditionering
Neutrale stimulus wordt gekoppeld aan stimulus die een bepaalde reactie uitlokt. Na
herhaaldelijk samen voorkomen van stimulus roept de voormalig neutrale stimulus nu ook de
reactie op (Bv: Little Albert)
Bv: baby eerst aaien en dan zoete vloeistof geven aaien? Dan draait baby hoofd al
2) Operante conditiionering
Een vrijwillige respons wordt versterkt of verzwakt, afhankelijk van zijn associatie met
positieve of negatieve consequenties
Baby’s leren doelbewust inspelen op omgeving om gewenst gevolg te bekomen
Bv. Zuigen om liedje te horen. Sokjes met belletjes