Inleiding Bedrijfskunde, 5 vragen hierover in tentamen
2.1 Organisa�es
Heel goed de verschillen weten tussen micro, meso en macro! Ook onderdelen kunnen opnoemen
per niveau.
Een organisa�e is opgedeeld in micro (intern), meso en macro. (extern in een bedrijf)
- Par�jen MICRO = dit is het bedrijf zelf, wel invloed wel
Bijv. het ziekteverzuim onder het personeel
- Par�jen MESO: = deze kan de organisa�e zelf wel beïnvloeden.
Dit doen ze door bijv. middel van reclame-ui�ng, het vertrekken van informa�e, het aanbieden van
goederen of diensten of het rechtstreeks contact met deze par�jen te onderhouden.
Dit kan een organisa�e wel invloeden en daarom is het MESO.
- Factoren MACRO = deze kan de organisa�e zelf niet (of zeer beperkt) beïnvloeden.
Hierbij wordt er gesproken om omgevingsinvloeden, bijv. economische ontwikkeling, technologische
ontwikkeling, invloed van het milieu en/of demografische ontwikkeling.
Deze omgevingsinvloeden zie je hier:
Een organisa�es zal zich moeten afstemmen op deze invloeden
en zullen deze invloeden tegemoet treden.
, 2.2 Par�jen
Voor de duidelijkheid, par�jen uit de omgeving hebben voornamelijk de directe invloed op
organisa�es.
DIT IS ALLEMAAL OP MESO NIVEAU! Dus dit zijn omgevingsfactoren van par�jen waar je wel invloed
op hebt.
De par�jen die worden besproken:
1. Afnemers (consumenten)
2. Leveranciers
3. Concurren�e
4. Vermogensverschaffers
5. Werknemers
6. Belangenorganisa�es
7. Overheidsinstellingen
8. Media
1. Afnemers
Organisa�e ontleent haar bestaansrecht aan de afnemers want die zorgen voor de vraag naar
producten en diensten en ze stellen eisen aan prijs en kwaliteit die een organisa�e weer meeneemt.
Als een organisa�e zich onvoldoende op de hoogte houdt van veranderde afnemersbehoe�e kan dit
zijn dat ze hierdoor klanten gaan verliezen.
2. Leveranciers
Organisa�es stellen eisen aan leveranciers op het gebied van kwaliteit, prijs en lever�jd.
3. Concurren�e
Elke organisa�e hee� te maken met concurren�e. De concurrenten bepalen min of meer de
speelruimte die ze hebben op de markt. Op die markt gaat het over product aanbod, de gehanteerde
prijs, kwaliteitsniveau reclame uitgave etc. Het is dus belangrijk om te analyseren wat de marktposi�e
is van je concurrenten.
4. Vermogensverschaffers
Vermogen (kapitaal) is noodzakelijk voor de con�nuïteit/doorzeten van de
organisa�e. Daarom zal een organisa�e een goede band moeten houden
met vermogensverschaffers, dit zijn bijv. financiële instellingen,
investeerders, overheid of aandeelhouders. Want als
vermogensverschaffers ontevreden zijn kunnen ze de geldkraan
dichtdraaien.
De
vermogensmarkt is opgedeeld in:
5. Werknemers