Behandeld in HC1: Koninkrijk: 8ste eeuw v.C. – 509 v.C.
Republiek: -Vroege republiek: 509 – 264 v.C.
I. Het Romeins recht in de oudheid
eerst Koninkrijk daarna Republiek daarna Keizerrijk
Het Romeins koninkrijk
Sociaal:
1000-5000 inwoners
Latijnen en Sabijnen: autochtonen
Gentes (clans) o.l.v. clanleider
Gelijkheid = belangrijk (alles binnen clan is collectieve eigendom)
Standenmaatschappij maakt een einde aan de collectieve eigendom:
patriciërs (haves) en plebejers (have nots)
Bestuur
Koning:
Aan hoofd staat een Koning (verkozen door het volk) volk vergadert
in commitia curiata (zetelen volwassen vrij mannen
‘Verdeel en heers’ = mindset
Koning geeft een stuk macht aan clanleiders
Vanaf tarquinii wordt Koning niet meer verkozen, maar erfelijk
Koning heeft imperium= absolute vorst = macht
(politieke macht, juridische, religieuze en militaire macht)
Juridische: opperrecher: fas (verhoudingen tussen goden en mensen)
en ius (tussen Romeinen onderling)
, Leges regiae (wetten vd koning)? Kijk verder! => nog geen wetten
uitvaardigen, wetten/gewoonten komen vd goden, we mogen niets
veranderen (om de vrede te bewaren)
Comitia curiata verdwijnt na erfelijk maken v koningschap
Senaat:
Senaat vooral adviesorgaan
(Senex = oud) =oorsprong Senaat
Oudere wijze mannen, heel vaak clanleiders
Discussiëren over bestuur stad
Adviesen van de Senaat voor de koning: senatusconsulta
= nog niet echt belangrijk, pas in Republiek is macht van Senaat
belangrijk
Andere:
Comitia curiata= vergadering die bijeen komt om Koning te kiezen
Priesters zeer belangrijke rol in rechtspraak
Quaestores parridicii =aangesteld om onderzoek in te richten naar
zware misdrijven
capital crimes (meestal doodstraf)
Recht
o Rechtsbronnen =/ kenbronnen
Rechtsbronnen: erkend door de overheid waarmee je je
rechten juridisch kan afdwingen
Kenbronnen: literatuurschrijver, …. bronnen om het recht te
kennen = geen officiële bronnen van recht
o Romeins recht=
Mos maiorum: gewoonte en zeden van de voorouders
overgeërfd
Mos maiorum bestaat uit fas en ius
o Ius civile: personaliteitsbeginsel (cives= burgers)
Burgers kunnen beroep doen op het recht
o Leges regiae?
Van echte wetgeving is nog geen sprake, gewoonterecht = niet
opgeschreven
Iedereen zou het moeten kennen maar in praktijk kennen alleen
priesters het
Einde van het koningkrijk
Male Parta Male Dilabunter
o Tullia Major x Lucius Tarquinius Superbus (laatste koning)
Sextus Tarquinius
Schrikbewind
Volk zo hard werken dat bijna neervalt
Doodstraffen uitspreken zonder advies
, 509 v.C.: Lucius Tarquinius Collatinus x Lucretia
o Lucius Tarquinius Collatinus en Lucius Junius Brutus: eerste consules
van Romeinse republiek
Senaat overtuigen om imperium van Koning af te nemen 2 consules
vekrozen Collatinus en Brutus republiek is geboren!
Start van de res publica
Nieuwe bestuurlijke organisatie
o 2 consuls= vervanging van Koning verkozen door Comitia Centuriata
o Comitia centuriata en comitia tributa = vergadering waarin volk bijeen
kan komen (vervangt oude vergadering)
Hebben allebei wetgevende macht (leges) maar achteraf
goedkeuring vd senaat nodig. Na 393 v C: wetsvoorstellen eerst
bij senaat, daarna pas stemming Comitia => meer macht senaat
o Comitia centuriata verkiezen consuls
Samengesteld uit 193 centurium (5 bezitsklassen + 1 bezitloze
klasse): hoogste klasse= 98/193 centuriën: minderheid bezit
meerderheid aan stemmen => patriciërs machtiger
: verkiezen hogere magistraten
Comitia tributa: aantal stemmen niet op basis v bezit maar op basis
van aantal stammen/wijk waartoe men behoort: verkiezen lagere
magistraten
o Senaat: eerst adviesorgaan, maar wordt steeds belangrijker
o Religieuze aspect komt nu te liggen bij pontifex maximus = exclusief
verantwoordelijk voor fas
, In zware crisis dictatuur installeren door de Senaat
problemen opgelost? Nee!, nog steeds kloof tussen plebejers en patriciërs
Plebejers trekken weg uit stad = probleem!
(nodig voor handel, …)
494-471 v.C.: politieke ontvoogding
o Concillium plebis= volksraad erkend als officiële bestuurlijke instelling
o 2 volkstribunen = 2 vertegenwoordigers van volksraad (concillium plebis)
o Volksraad zelf wetten maken plebiscieten (gelden enkel voor plebejers)
o Politieke ontvoogding door volkstribunen zeer machtige functies vetorecht
kunnen beslissingen verhinderen
+ status van sacrosantus (beslissingen mogen niet betwist worden) (waren
onschendbaar)
o Volkstribunen toch opassen met vetorecht andere volkstribuun kan
vetorecht tegen andere invoeren 1 jaar aangesteld
ze moeten ook steun hebben van plebejers
367 v.C.: leges Liciniae Sextiae
(volgende stap in politieke
ontvoogding)