Gebitsreiniging samenvatting
H1 Gebitsbehandeling van gezelschapsdieren
Doel: voorkomen dat tand- en mondziekten een bedreiging vormen voor het welzijn.
Oorzaak problemen: fokkerij (rasgebonden), eetgewoontes, leeftijd
H1.2 Anatomie bek en gebit
Hond/kat: vleeseter met knipkiezen (scharend gebit)
I Dens incisivum Snijtand, voortand
C Dens caninus Hoektand Pakken, doden
P Dens premolaris Promolaar (valse kies, voorkies) Prooi vasthouden
M Dens molaris Molaar (ware kies) Kauwen
Knipscheurkies Molaar 1 (onder) M1 309, 409
Premolaar 4 (boven) P4 108, 208
Melkgebit pups
I3 C1 P3 500 | 600
I3 C1 P3 800 | 700
Bij 3-6 weken komen eerste melktanden, hoektanden en kiezen door. Bij leeftijd van 2 maanden is
het melkgebit voltooid. Totaal heeft een pup/kitten 28 elementen.
Grootste groeispurt rond 7/8 maanden van mandibula (onderkaak).
Tot een leeftijd van 1,5 tot 2 jaar hebben de tanden nog niet hun volledige sterkte bereikt en is de
bevestiging in het bot nog niet optimaal.
Melkgebit Blijvend gebit
Tand Doorbraaktijdstip Wisseltijdstip
Snijtanden 3-4 weken 3-5 maanden
Hoektanden 3-5 weken 5-7 maanden
Premolaren 4-12 weken 4-6 maanden
Molaren - 4-7 maanden
Volwassen hond Volwassen kat
I3 C1 P4 M2 100 | 200 I3 C1 P3 M1 100 | 200
I3 C1 P4 M3 400 | 300 I3 C1 P2 M1 400 | 300
Totaal 42 elementen Totaal 30 elementen
, Afwijkende standen:
Tanggebit recht op elkaar
Scheve beet naar links of rechts
Open beet geen aansluiting boven en onder
Bovenvoorbeet onderkaak korter dan bovenkaak
Ondervoorbeet onderkaak zit ruim voor de bovenkaak
H1.3 Anatomie gebitselement
Element bestaat uit een kroon, tandhals en wortel(s).
Anatomische kroon: deel dat met glazuur bedekt is
Klinische kroon: zichtbare gedeelte
Tandhals: verbindingsstuk tussen de kroon en de wortel
Glazuur: beschermlaag van de kroon. Het glazuur wordt gevormd door ameloblasten. Na het
doorbreken wordt er geen nieuw glazuur gevormd.
Dentine: tandbeen waarbinnen de pulpa zich bevindt. Is lichtgeel van kleur.
Pulpaholte: bevat cellen, elastische en collagene vezels, bloedvaten, lymfevaten en zenuwen.
Apicale delta / APEX: wortelpunt, sluit tijdens het ouder worden en het wortelkanaal vernauwt.
Parodontium: verzamelnaam voor alle steunweefsels rondom de gebitselementen. Dit bestaat uit de
gingiva, parodontale ligament, cement en alveolaire bot.
Wortelcement: bedekt en beschermt wortels. In het cement zijn de vezels van het parodontale
ligament bevestigd. Cement kan zich herstellen en wortelbeschadigingen ongedaan maken.
Parodontale ligament: wortelvlies van een tand, verbind tandkas en tand. Het houdt de tanden op
zijn plek. Het bestaat uit bundels collagene vezels. Aan de buitenkant zitten ze vast aan het periost
(bot van de tandkas)
Alveolaire bot: tandkas, bedekt met periost.
H1 Gebitsbehandeling van gezelschapsdieren
Doel: voorkomen dat tand- en mondziekten een bedreiging vormen voor het welzijn.
Oorzaak problemen: fokkerij (rasgebonden), eetgewoontes, leeftijd
H1.2 Anatomie bek en gebit
Hond/kat: vleeseter met knipkiezen (scharend gebit)
I Dens incisivum Snijtand, voortand
C Dens caninus Hoektand Pakken, doden
P Dens premolaris Promolaar (valse kies, voorkies) Prooi vasthouden
M Dens molaris Molaar (ware kies) Kauwen
Knipscheurkies Molaar 1 (onder) M1 309, 409
Premolaar 4 (boven) P4 108, 208
Melkgebit pups
I3 C1 P3 500 | 600
I3 C1 P3 800 | 700
Bij 3-6 weken komen eerste melktanden, hoektanden en kiezen door. Bij leeftijd van 2 maanden is
het melkgebit voltooid. Totaal heeft een pup/kitten 28 elementen.
Grootste groeispurt rond 7/8 maanden van mandibula (onderkaak).
Tot een leeftijd van 1,5 tot 2 jaar hebben de tanden nog niet hun volledige sterkte bereikt en is de
bevestiging in het bot nog niet optimaal.
Melkgebit Blijvend gebit
Tand Doorbraaktijdstip Wisseltijdstip
Snijtanden 3-4 weken 3-5 maanden
Hoektanden 3-5 weken 5-7 maanden
Premolaren 4-12 weken 4-6 maanden
Molaren - 4-7 maanden
Volwassen hond Volwassen kat
I3 C1 P4 M2 100 | 200 I3 C1 P3 M1 100 | 200
I3 C1 P4 M3 400 | 300 I3 C1 P2 M1 400 | 300
Totaal 42 elementen Totaal 30 elementen
, Afwijkende standen:
Tanggebit recht op elkaar
Scheve beet naar links of rechts
Open beet geen aansluiting boven en onder
Bovenvoorbeet onderkaak korter dan bovenkaak
Ondervoorbeet onderkaak zit ruim voor de bovenkaak
H1.3 Anatomie gebitselement
Element bestaat uit een kroon, tandhals en wortel(s).
Anatomische kroon: deel dat met glazuur bedekt is
Klinische kroon: zichtbare gedeelte
Tandhals: verbindingsstuk tussen de kroon en de wortel
Glazuur: beschermlaag van de kroon. Het glazuur wordt gevormd door ameloblasten. Na het
doorbreken wordt er geen nieuw glazuur gevormd.
Dentine: tandbeen waarbinnen de pulpa zich bevindt. Is lichtgeel van kleur.
Pulpaholte: bevat cellen, elastische en collagene vezels, bloedvaten, lymfevaten en zenuwen.
Apicale delta / APEX: wortelpunt, sluit tijdens het ouder worden en het wortelkanaal vernauwt.
Parodontium: verzamelnaam voor alle steunweefsels rondom de gebitselementen. Dit bestaat uit de
gingiva, parodontale ligament, cement en alveolaire bot.
Wortelcement: bedekt en beschermt wortels. In het cement zijn de vezels van het parodontale
ligament bevestigd. Cement kan zich herstellen en wortelbeschadigingen ongedaan maken.
Parodontale ligament: wortelvlies van een tand, verbind tandkas en tand. Het houdt de tanden op
zijn plek. Het bestaat uit bundels collagene vezels. Aan de buitenkant zitten ze vast aan het periost
(bot van de tandkas)
Alveolaire bot: tandkas, bedekt met periost.