Hfstk 3: fysiologie van de zoogdieren
Spijsverteringsstelsel en metabolisme
Inleiding
1. Een omschrijving kunnen geven wat fysiologie en anatomie omvatten en dit
kunnen illustreren met een voorbeeld.
Fysiologie:
Wetenschap die de processen en mechanismen van de levensverrichtingen onderzoekt
het metabolisme, bewegingsmechanismen, hormonale werking, prikkelontvangst en -geleiding.
Voorbeeld: tochtigheid van een koe bronstig gedekt willen worden voortplantingscyclus en hormonale
prikkeling koe
Anatomie:
Wetenschap die de structuur, functie en ontwikkeling van de cellen, weefsels en organen waaruit het dierlijk en
menselijk lichaam is samengesteld onderzoekt.
Voorbeeld: opbouw van een oog van een kat
Anatomie eerst nodig (hoe het eruit ziet) en fysiologie daarna (hoe iets werkt)
2. Zoogdieren zijn heterotroof. Dit kunnen verduidelijken.
Zoogdieren heterotroof dierlijke cellen kunnen zelf geen energie aanmaken
Gevolg : voedselopname opname van voedingsstoffen
Autotroof = het zelf kunnen maken van lichaamsenergie vanuit lichtenergie adhv bladgroen
3. Het verschil kunnen geven tussen een voedingsstof en een voedermiddel en
dit kunnen illustreren met voorbeelden.
Een overzicht kunnen geven van de verschillende soorten voedingsstoffen.
Voedingsstof
Nutriënten komen voor in voedermiddelen
- Koolhydraten = sacchariden
- Eiwitten = proteïnen
- Vetten = lipiden
- Vezels
- Mineralen
- Vitaminen
- Water
Hebben dierlijke cellen nood aan
Voedermiddel
Voedingsstoffen in voedermiddelen
Dierlijk: Plantaardig:
Vlees, melk… Gras, hooi, petfood, aardappelen, mais, groenten, fruit
Vers voedermiddelen rantsoen (juiste hvlh van elk nodige voedermiddel)
1
, 4. De betekenis van metabolisme kunnen uitleggen.
Metabolisme/ stofwisseling
geheel van biochemische processen van omzettingen van voedsel in de cellen van een lichaam.
Metabolismos (Grieks) = verandering of omzetting
Omvorming voedingsstoffen naar lichaamsstoffen
Energievorming vanuit voedingsstoffen
Voorbeeld: voedereiwit --- metabolisme lichaamseiwit
3 belangrijke metabolisme:
- Koolhydraatmetabolisme
- Eiwitmetabolisme
- Vetmetabolisme
Algemene werking van het spijsverteringsstelsel
Er bestaan verschillende soorten afbraaksystemen : mechanisch – chemisch en
bacterieel. In een tabel de verschillen tussen deze systemen kunnen weergeven.
Mechanische verwerking/afbraak van voedsel Fysische bewerking van voedsel door
- de tong
- het gebit
- de knedende beweging van het spijsverteringsstelsel.
Chemische verwerking/afbraak van voedsel Enzymatisch
- Afbraakenzymen geproduceerd in exocrien weefsel
(speekselklieren).
- Maagzuur verzuring daling ph-waarde (afbraak)
Bacteriële verwerking/ afbraak van voedsel Bacteriele afbraak door
- Afbraak cellulose suiker Cellulase bv koe, konijn
- Pro vitaminen B & K
Voornamelijk bij herbivoren
Darmflora = Het geheel aan micro-organismen in het
spijsverteringsstelsel
5. Het belang van speeksel in de spijsvertering kunnen beschrijven.
Speeksel
- Een vertering begint reeds bij zien of ruiken van voedsel (speekselproductie)
- Bevat belangrijke spijsverteringsenzymen (amylase afbraak zetmeel) die een deel van de voedingsstoffen uit
het voedsel kunnen omzetten
6. De functie van de dikke darm kunnen uitleggen, enerzijds afbraak anderzijds
ook opbouw
Bacteriële verwerking/ afbraak van voedsel
Dikke darm bacterien afbraak van niet verteerd voedsel (enzymatisch) vb. konijn
Aanmaak vitame B & K
2
Spijsverteringsstelsel en metabolisme
Inleiding
1. Een omschrijving kunnen geven wat fysiologie en anatomie omvatten en dit
kunnen illustreren met een voorbeeld.
Fysiologie:
Wetenschap die de processen en mechanismen van de levensverrichtingen onderzoekt
het metabolisme, bewegingsmechanismen, hormonale werking, prikkelontvangst en -geleiding.
Voorbeeld: tochtigheid van een koe bronstig gedekt willen worden voortplantingscyclus en hormonale
prikkeling koe
Anatomie:
Wetenschap die de structuur, functie en ontwikkeling van de cellen, weefsels en organen waaruit het dierlijk en
menselijk lichaam is samengesteld onderzoekt.
Voorbeeld: opbouw van een oog van een kat
Anatomie eerst nodig (hoe het eruit ziet) en fysiologie daarna (hoe iets werkt)
2. Zoogdieren zijn heterotroof. Dit kunnen verduidelijken.
Zoogdieren heterotroof dierlijke cellen kunnen zelf geen energie aanmaken
Gevolg : voedselopname opname van voedingsstoffen
Autotroof = het zelf kunnen maken van lichaamsenergie vanuit lichtenergie adhv bladgroen
3. Het verschil kunnen geven tussen een voedingsstof en een voedermiddel en
dit kunnen illustreren met voorbeelden.
Een overzicht kunnen geven van de verschillende soorten voedingsstoffen.
Voedingsstof
Nutriënten komen voor in voedermiddelen
- Koolhydraten = sacchariden
- Eiwitten = proteïnen
- Vetten = lipiden
- Vezels
- Mineralen
- Vitaminen
- Water
Hebben dierlijke cellen nood aan
Voedermiddel
Voedingsstoffen in voedermiddelen
Dierlijk: Plantaardig:
Vlees, melk… Gras, hooi, petfood, aardappelen, mais, groenten, fruit
Vers voedermiddelen rantsoen (juiste hvlh van elk nodige voedermiddel)
1
, 4. De betekenis van metabolisme kunnen uitleggen.
Metabolisme/ stofwisseling
geheel van biochemische processen van omzettingen van voedsel in de cellen van een lichaam.
Metabolismos (Grieks) = verandering of omzetting
Omvorming voedingsstoffen naar lichaamsstoffen
Energievorming vanuit voedingsstoffen
Voorbeeld: voedereiwit --- metabolisme lichaamseiwit
3 belangrijke metabolisme:
- Koolhydraatmetabolisme
- Eiwitmetabolisme
- Vetmetabolisme
Algemene werking van het spijsverteringsstelsel
Er bestaan verschillende soorten afbraaksystemen : mechanisch – chemisch en
bacterieel. In een tabel de verschillen tussen deze systemen kunnen weergeven.
Mechanische verwerking/afbraak van voedsel Fysische bewerking van voedsel door
- de tong
- het gebit
- de knedende beweging van het spijsverteringsstelsel.
Chemische verwerking/afbraak van voedsel Enzymatisch
- Afbraakenzymen geproduceerd in exocrien weefsel
(speekselklieren).
- Maagzuur verzuring daling ph-waarde (afbraak)
Bacteriële verwerking/ afbraak van voedsel Bacteriele afbraak door
- Afbraak cellulose suiker Cellulase bv koe, konijn
- Pro vitaminen B & K
Voornamelijk bij herbivoren
Darmflora = Het geheel aan micro-organismen in het
spijsverteringsstelsel
5. Het belang van speeksel in de spijsvertering kunnen beschrijven.
Speeksel
- Een vertering begint reeds bij zien of ruiken van voedsel (speekselproductie)
- Bevat belangrijke spijsverteringsenzymen (amylase afbraak zetmeel) die een deel van de voedingsstoffen uit
het voedsel kunnen omzetten
6. De functie van de dikke darm kunnen uitleggen, enerzijds afbraak anderzijds
ook opbouw
Bacteriële verwerking/ afbraak van voedsel
Dikke darm bacterien afbraak van niet verteerd voedsel (enzymatisch) vb. konijn
Aanmaak vitame B & K
2